Reisverslag Kameroen

30 september – 30 oktober 2004

 

 

Organisatie: Koning Aap www.Koningaap.nl / Horizon Blue (organisatie in Kameroen)

 

Reisbegeleider: Jeroen Walleyn (Koning Aap) / Ruth (Horizon Blue)

 

Deelnemers: Saskia, Paul en Henriëtte,  Jan en Corry, Elly, Elvira, Andre, Ton, Jacqueline, Ton, Ben en Ingrid

 

 

 

Donderdag 30 september – Douala

Twee weken van tevoren kregen wij een brief van Koning Aap dat Brussel Airlines het vluchtschema heeft aangepast. De reis begint niet op 2-10 maar op 30-9. Dus vertrekken wij twee dagen eerder dan de planning met de trein naar Brussel Airport.

Het vliegtuig heeft even wat vertraging omdat bij telling door het personeel van Brussel Airlines een aantal personen vermist wordt. Achteraf blijkt het toch allemaal weer te kloppen. Zou het iets met België te maken hebben? 

Aan het eind van de middag landen we in Douala. Op het vliegveld worden door een medewerker van Horizon Blue opgevangen en maken we kennis met de andere groepsleden.

Het duurt even voordat de bagage er is. Komt het nu op deze of op de andere band?

Tijdens het wachten op de bagage komt ook onze reisbegeleider, Jeroen,  te voorschijn.

Eindelijk heeft iedereen dan zijn bagage en banen wij ons een weg richting uitgang om naar de bus te gaan. Maar waar is die bus? Er heerst wat onduidelijkheid over waar nu het wachten op is. Achteraf blijkt dat dit de eerste tekenen zijn voor het verloop van de reis.

Uiteindelijk komen we dan toch aan in het hotel. Even snel douchen voordat we gezamenlijk wat gaan drinken en eten.  Inmiddels regent het. Ja, het regenseizoen is tenslotte nog niet afgelopen. 

Het was een lange dag en gaan dan ook vroeg naar bed.

 

 

Vrijdag 1 oktober - Yaoundé

We hebben lekker kunnen uitslapen in een heerlijke koele (airco) kamer. Na een lekker ontbijtje wat rondgelopen en wachten op Jeroen.

Voor het hotel is even een hoop stennis. Het gaat over een taxibusje wat het niet doet en men heeft er toch voor betaald. Het is toch een gemis als je Franse taal niet je van het is. Je mist net de essentie van het geheel.

Jeroen is inmiddels opgedoken en kunnen we naar Yaoundé vertrekken.

Het is een lange rit.  Dit komt ook omdat er vaak gestopt wordt omdat er gebeld moet worden en er niet altijd verbinding is. Er blijkt nog het een en ander geregeld te moeten worden.  Onderweg nog wel gestopt om wat te drinken wat meteen een aanleiding was voor de 1e confrontatie die ’s-avonds plaatsvond.

Langs de kant van de weg worden veel dode dieren (bijv. apen), die aan een stok hangen, te koop aangeboden.

Yaoundé, de hoofdstad van Kameroen,  is een nogal chaotische stad waar we in de loop van de middag aankomen.  Voordat we naar het hotel gaan, gaan we eerst naar een punt van waar je een mooi uitzicht op de stad hebt.  Het is jammer dat je weinig mag fotograferen. Overheidsgebouwen, paleizen, etc mogen dus niet gefotografeerd worden. 

Tenslotte worden we op een Centre Artisanal voor een uurtje gedropt. Iedereen die iets aan je wilt verkopen roept je. Echt rustig lopen kan je er niet. Snel wegwezen dus. Aan de overkant van de markt is een terrasje, waar we dan ook wat gaan drinken. Paul en Henriëtte volgen ons al snel.

Na het uurtje is het weer verzamelen voor het diner-buffet. Tijdens dit diner kwam dus de 1e confrontatie met Jeroen. Hij kreeg er behoorlijk van langs met name om zijn onduidelijkheid en zijn beperkte communicatie. Wij hebben ons hiervan teruggetrokken omdat er binnen in het restaurant een bandje aan het spelen was, wat veel interessanter was dan deze discussie.

Terug in het hotel werd de discussie nog eens dunnetjes overgedaan. Ben en ik hebben hier geen zin in en gaan dan ook op zoek naar een kroegje. Inmiddels hebben de beiden Tonnen zich bij ons gevoegd.

Onder het lawaai van de ventilator, die overuren draait, lekker geslapen.

 

 

Zaterdag 2 oktober – Yaoundé

Alweer kunnen uitslapen. Wat een luxe deze reis in vergelijking met voorgaande reizen. Afgesproken is dat we om 11:30 uur weer een rondrit door de stad doen. Voordat het zover is maken we een wandelingetje door de stad. Het is erg warm en eindigen dan ook weer in het kroegje waar we voorgaande avond ook al wat gedronken hebben. Ook in Kameroen worden we door diverse kinderen bekeken. Ze komen kijken en gaan vervolgens met een ballon weer weg. Eén kindje kreeg een kleurboek. Het is niet te geloven hoe je met een kleurboek een kind ongelooflijk blij kunt maken.

Inmiddels is het weer tijd om naar het hotel te gaan. Na een tijdje komt Jeroen ons met een busje ophalen. Het busje is wat aan de kleine kant en we zitten dan ook als sardines in een blik.

Eerst gaan we naar het monument van de Federatie (wat we overigens mochten fotograferen). Het is een apart monument. Onder het monument wordt een kerkdienst gehouden wat met veel gezang gepaard gaat. Je voelt je dan wel wat overbodig, moet ik zeggen. Vervolgens gaan we naar het Parlementsgebouw. Het zijn mooie architectonische gebouwen. Jammer dan we niets mogen fotograferen.

Tijd voor de lunch. We doen dit bij Madam Blanche. Het is een soort van overdekt “marktje” waar een aantal Mamma’s eten bereiden. Je wijst een vis of een stuk kip aan, bepaald te prijs en het wordt dan door een van de Mamma’s bereidt. Met of zonder patat frites of gebakken banaan. Aan de achter van dit “marktje” staan tafels en stoelen. Als je eten klaar is wordt het je gebracht met een emmertje water om je handen af te wassen.

Na het eten is het tijd om in de supermarkt inkopen te doen voor de treinreis (transcamerounais) naar N’Gaoundere. Er wordt aardig wat ingeslagen want je weet niet wat je te wachten staat.

Zouden we nog tijd hebben om naar de Zoo te gaan? We gaan er nog even langs maar over de prijs wordt te lang onderhandeld (de prijs die ’s-morgens is afgesproken blijkt niet meer te gelden voor de middag!). Het is inmiddels 16:00 uur en om 16:30 uur zouden we naar de trein gebracht worden. Er moeten nog spullen uit het hotel gehaald worden en iedereen wil dit eigenlijk op zijn gemak doen. Dus geen Zoo. Jeroen blijkt hier wat moeite mee te hebben. Zou hij de 1e confrontatie goed willen maken?

In het hotel blijkt dat we (inclusief alle bagage)  met hetzelfde busje, waar we als sardines in een blik de rondrit door de stad hebben gemaakt, naar het station worden gebracht. Vreemd hé, dat het niet past! Een van ons gaat samen met Jeroen dan ook met de auto van de gids mee.

Rond het station is het een chaos. We banen ons een weg naar het treinstel waar onze slaapcouchettes (4 personen) zijn. Alles is al uitgeklapt en ligt klaar. We installeren ons en kijken vol bewondering naar het reilen en zeilen op het perron.

Tegen 19:00 uur vertrekken we dan. Ben gaat op weg naar de restauratiewagon om te kijken wat er eventueel te drinken en te weten is. Hij komt teleurgesteld terug. Geen bier en de wagon zit vol militairen. Moeten we het maar met water doen.

Even later komt een mevrouw van de restauratie vragen wat we willen weten. Kip of vis.  Per dienblad wordt het aangeleverd, dus dat kan het wel even duren.

Het is een komen en gaan in de gangpaden. Iets verderop in de gang wordt gezongen.

Onderweg wordt er veel gestopt en er wordt op het perron dan van alles en nog wat te koop aangeboden. Het is een fraai gezicht om de diverse ronde hutten voorbij te zien schieten.

Ik ben moe en ga dan ook even liggen. Langzamerhand komen ook de andere couchette-genoten binnen. Om 00:00 uur gaat het licht uit, dus dan maar proberen te slapen.

 

 

Zondag 3 oktober – N’Gaoundere

Ondanks alle geluiden en gewiebel toch nog wel wat geslapen. Ton maakt ons wakker met de vraag of er wel een ontbijtje in kan. En dat kan. Langzaam komt er weer wat leven in de trein en stoppen we weer zo her en der. Het is lekker weer en het zonnetje schijnt.

Nadat we eerst gedacht hadden dat er geen foto’s op de perrons gemaakt mochten worden, bleek dit toch te mogen. Zo hebben we dan toch nog wat foto’s van hetgeen op de perrons allemaal gebeurt.

Tegen de middag komen we in N’Gaoundere, wat Navelberg betekent, aan. De stad ligt in het centrum van Kameroen en vormt een belangrijke schakel tussen noord en zuid. Hier geen kerken meer maar moskeeën waar mannen in kleurig boubous rondlopen.

Alles uit de couchette weer op het perron en weer sjouwen naar de uitgang van het station. Even buiten het station staat weer een klein busje op ons te wachten. Alle bagage op het dak en wij weer als sardines in de bus op weg naar het hotel.

Het hotel ligt iets buiten het centrum. De kamers worden weer en verdeeld en er wordt afgesproken om over een halfuurtje gezamenlijk in het centrum te gaan lunchen. De kamer is eenvoudig. Ondanks het koude water is het heerlijk om weer fris te zijn. Je voelt je toch wel erg vies als je je een dag niet hebt kunnen wassen.

Na een half uurtje staat iedereen beneden en gaan we met de bus naar het centrum om te lunchen. Na de lunch lopen we via de markt verder naar het paleis van de lamido. Je merkt duidelijk dat we in het mohammedaanse noorden zijn.

De markt is erg leuk om over heen te lopen en te kijken wat ze allemaal verkopen. Op een bord bijv. liggen hoopjes bruine puree. Blijkt het verse pindakaas te zijn die per bolletje verkocht worden. Geiten lopen los in de stad en happen zo hier en daar van de trossen bananen die op de grond ter verkoop te liggen.

Het paleis van de lamido (die de verantwoordelijkheid van een religieuze moslimleider heeft) waar hij met zijn vrouwen, kinderen en hovelingen woont is aardig om te zien. Je kunt de traditionele behuizing zien. De lamido is zelf niet aanwezig, maar er zijn wel wat hovelingen te zien die op hem wachten. Als het goed is zou de lamido om plm. 17:00 uur te paard komen om zich vervolgens in zijn zetel te zetten. Hierna kan de bevolking hem eventueel om hulp komen vragen. Klinkt erg spectaculair. Wachten we hierop of gaan we tussendoor eerst nog even ergens iets drinken? We doen het laatste. Zoals al eerder geschreven is het een moslimgebied, dus geen alcohol. Na het colaatje lopen we weer rustig richting paleis. Andere reisgenoten zijn bij het paleis gebleven en er hebben zich inmiddels heel wat kindertjes om hen heen geschaard. Het blijft leuk om al die verschillende koppies te zien. De een kijkt heel ernstig en bij de ander komt een prachtige lach te voorschijn. Ze gaan bijna door lint als ze zich zelf op een foto zien (handig zo’n digitaal fototoestel). Een van de hovelingen maakt hier een eind aan en jaagt de kinderen weg. Jammer.

Inmiddels is het ruim 17:00 uur en nog altijd geen lamido. Na verloop van tijd komen er 4 man op paarden aan draven. Het ene paard is nog bokt nog meer dan het andere. We kunnen ons dan ook niet voorstellen dan een van deze 4 mannen de lamido zou zijn.  Dit blijkt ook niet het geval te zijn, want niemand gaat het paleis is.

Het begint al aardig donker te worden en beginnen dan ook richting hotel te lopen.  Onderweg stoppen we bij een restaurant.  Ook hier islamitisch, dus geen bier en waarschijnlijk alleen kip. We hebben hier geen zin in en lopen door naar het restaurant waar we ’s-middags hebben gegeten. Is het gesloten! Dan maar weer terug naar het vorige restaurant. Gelukkig hebben ze ook nog andere gerechten dan alleen kip.  We kiezen voor een heerlijke steak.

Op het moment dat we de reis door Kameroen maken zijn er ook presidentsverkiezingen. Dit betekent dat alles in teken staat van deze verkiezing en met alles wordt bedoelt dus ook beperkt aantal taxi’s, etc. Dus hoe komen we in het hotel.  Gelukkig rijdt er net een langs, maar helaas weet deze weg naar het hotel niet. Iemand in het restaurant biedt de helpende hand. Hij wil ons wel brengen. Een aantal van de groep gaat in de taxi en wij in de andere auto. Het is toch wel erg knap om 13 personen met 2 personenauto’s te vervoeren. Het is ook niet te beschrijven hoe dat eruit ziet.

In de hal van het hotel vertelt Jeroen wat de plannen voor de volgende dag zijn en dat het schema wat gewijzigd kan worden zodat we 2 reisdagen minder hebben. We kiezen voor de aanpassing.

Zoals in ieder hotel in Kameroen moet je formulieren invullen met naam, paspoortnummer, etc. Ik krijg hulp van een zeer ontwikkelde man. Hij spreekt zelfs Engels. Het is leuk en vooral interessant te horen hoe alles reilt en zeilt in Kameroen. Hij is ook erg nieuwsgierig hoe het in Nederland allemaal gaat. Hij wil graag naar Nederland komen maar krijgt geen visum.

Voor we het weten is het alweer 00:00 uur en tijd om naar bed te gaan. Er wordt verwacht dat we de volgende dag om 07:30 uur vertrekken.  Een kort nachtje.

 

 

Maan(Lariam)dag 4 oktober - Maroua

We worden wakker van de regen die met bakken uit de hemel komt. We zullen maar denken “Even een buitje voor de stof”. We hebben beiden niet echt lekker geslapen. We moesten ons aan de kant vasthouden om niet naar elkaar toe te rollen.

Na het ontbijt halen we onze spullen van de kamer, zodat alles op de bus geladen kan worden. Gelukkig heeft de chauffeur (Faizal) een zeil bij zich zodat de rugzakken droog kunnen blijven. De bus is niet weer al te groot, dus wordt het passen en meten om ons allemaal er in te krijgen. We zijn de stad nog niet uit of ik weet al niet meer hoe ik zitten moeten en we hebben nog heel wat kilometers te gaan naar Maroua.

Het is inmiddels alweer droog en een leuke weg die we rijden. We passeren heel veel dorpjes. Anders dan in andere Afrikaanse landen wordt er weinig gezwaaid.

Onderweg stoppen we even om de benen te strekken zodat die weer bij de rest van het lichaam horen. Het is een leuk plaatsje. Er lopen prachtige mensen en met veel pijn en moeite kunnen we wat foto’s maken. We zien nu dan ook hoe ze pindakaas maken. Ook een slager is aanwezig. Aan de afgehakte pootjes die onder een tafel liggen kun je zien dat er geit verkocht wordt. Zonder dat is het moeilijk te zien wat voor soort vlees het is, want het zit onder de vliegen. (’s-Avonds overigens weer heerlijke vleesspiesjes gegeten). Het dorp heeft ook een waterpomp. Met behulp van een soort pedaal wordt het water opgepompt.

Helaas moeten we door dus persen we ons weer in de bus,

In Garoua gebruiken we de lunch in Super Restaurant. Het is een lokaal waar ook de “gewone” man eet. Het eten wordt super snel gebracht en het is nog lekker ook. Jammer genoeg hebben we geen tijd om nog even door het plaatsje te lopen.

Na weer een tijdje gereden te hebben stoppen we weer even. Toevallig lopen er wat schoolkinderen langs. Op ons “Bonjour” wordt wat angstig gekeken, wordt meteen de straat overgestoken en dan pas gegiecheld.  Her en der worden ook weer ballonnen uitgedeeld. Iets van de weg staat een hutje met een klein kindje dat waarschijnlijk niet eens het bestaan van een ballon weet. Ik weet niet wie er nu blijer is met de ballon, is dat opa of de kinderen? Het is prachtig gezicht om te zien hoe blij iemand met een simpele ballon is. Als dank wordt aan de weg een bosje verse pinda’s gelegd. Overigens leuk om te zien hoe pinda’s eigenlijk groeien.

We rijden nu echt richting Sahel. Het savannelandschap van de Sahel wordt af en toe opgesierd door katoenvelden.

Tegen 18:00 uur komen we in een bloedheet Maroua aan. De stad ligt gelegen aan de oevers van de Mayo Kaliao en is de meest geíslamitiseerde stad van het land. Het hotel (Hotel Tcherno) ligt midden in de stad.

We blijven hier 2 nachten dus is het een mooie gelegenheid om te kleding te wassen. We doen dat maar meteen, dan hebben we het maar gehad. Het zal in etappes moeten gebeuren omdat er niet genoeg drooggelegenheid is. Tijdens het wassen blijkt de afvoer niet goed te werken, dus binnen de korte keren staat de badkamer blank.  Het andere deel van de was laten we dan ook maar doen.

Na het douchen op het terras van het hotel wat gedronken en de was aan Michel afgegeven. Hij is hier erg blij mee, want het met wassen verdient hij weer een extra zakcentje.  Na het drankje op pad naar restaurant Baobab voor het avondeten.

 

 

Dinsdag 5 oktober - Maroua

Vroeg wakker. 06.15 uur! Het is al licht dus mooie gelegenheid om het dagboekje weer eens bij te werken.  Na het ontbijt gaan we naar het Musée du Diamaré. Het is een wat stoffig museum, maar de mevrouw die de rondleiding geeft verteld leuk. We kopen hier 2 aardewerken hoofdjes en een snuifflesje. Mevrouw wil graag een cadeau. Dus mag ze van ons een mooie ketting uitzoeken die wij hebben meegenomen. Zij kiest de meest kitscherige ketting die er is, maar is er als een klein kind zo blij mee. De verkoper ontpopt zich als een gids en begeleidt ons van het museum naar het quartier des tanneurs, de leerlooierswijk. Op weg naar deze leerlooierij willen wij eigenlijk ook nog wel wat water meenemen en dat is nu juist een probleem. We komen wel een locale bierbrouwerij tegen, maar nog geen water. Ja hoor eindelijk een zaakje die ook water verkoopt.

De leerlooierij is erg leuk om te bezoeken. In de grond zitten verschillende gaten met verschillende mengsels erin om de huiden te bewerken. Ze hebben verschillende soorten huiden, zoals bijv. krokodil, giraf, leguaan, etc. die hier ondergedompeld, gewassen en afgeschraapt worden door zwetende half naakten mannen. Deze huiden worden door een bedrijf aangeleverd die deze huiden mag verhandelen (is het verhaal). De stank die ik had verwacht viel overigens heel erg mee.

Teruglopend richting centrum onderweg lunchen we nog.

’s-Middags zijn we op bezoek geweest bij de lamido. Omdat het paleis nog best wel ver van het hotel lag zijn we er met een brommertje naar toe gereden. De lamido is een redelijk jonge man met een groot gevoel voor humeur (zelfs hij maakt een belgenmop) . We moesten allemaal gaan zitten en vertellen hoe we heten en wat voor beroep we hebben. Hij had het erg druk omdat morgen de president van Kameroen, Paul Biya, op bezoek komt in Maroua. Er moest o.a. nog een paard uitgezocht worden waarop hij de president zou verwelkomen. We zijn dan ook niet lang bij hem gebleven.

Na dit bezoek zijn we naar Relais de la Porte Mayo gelopen. Een vrij luxe ressort, met een mooi souvenirwinkeltje. Het was ons iets te luxe met te veel blanke mensen. We zijn dan ook met een brommertje weer snel naar het hotel gereden.

’s-Avonds met een brommertje naar een straat waar diverse Mamma’s vis aan het bakken zijn. Ook hier weer: je zoekt een vis uit, onderhandeld over de prijs en de vis wordt voor je bereidt en weer gebracht. Heel relaxed, lekker en gezellig.

Met het brommertje weer terug naar het hotel.  De badkamer staat nog steeds blank.

 

 

Woensdag 6 oktober - Djingliya

In en rond het hotel is het een en al chaos. De hoteleigenaar is tevens campagneleider voor Paul Biya. Dus iedereen heeft zich rond het hotel verzameld voor een T-shirt, een petje, of wat dan ook. Het is trouwens wel leuk om te zien dat er zelf stoffen zijn waarin het portret van Paul Biya staat. Er zijn dan ook vele mensen die van deze stof een jurk, broek of blouse hebben laten maken.

We gaan dan ook veel te laat weg, maar wel met 2 busjes. Hoe riant kan je dan zitten!

De weg is heel slecht en heel lang. De lengte heeft vooral te maken van een verkeerde route. De omgeving is mooi, bergachtig met hier en daar katoen-, en gierst velden. De diverse volkeren die hier wonen worden “Kirdi” genoemd wat ongelovigen betekent.

Tegen de middag komen we aan op de plaats waar we de nacht doorbrengen. Het zijn allemaal aparte hutjes (boukarous) waarin we slapen. Het duurt even voordat iedereen een slaapplek heeft (het zijn niet alleen 2-persoons hutten, dus slaap je er ook met anderen) maar na een drankje gaan we dan toch op pad naar Oudjilla om een beroemde chief te ontmoeten. Hij is beroemd om het aantal vrouwen die hij heeft, plm. 47. Onderweg moeten we een rivier door en........ jawel we raken vast midden in de rivier. Er zit niets anders op dan schoenen uit en maar duwen. Uiteindelijk lukt het, met hulp van veel plaatselijke bevolking, weer om de bus los te krijgen en te kunnen doorrijden.

Er lijkt geen eind te komen aan alweer een hobbelige weg. Af en toen heeft de bus wat moeite met de omhoog lopende weg. Eindelijk komen we dan op de plaats van bestemming.

Het is leuk om te zien hoe al deze mensen met elkaar leven en hoe hun behuizing is. Iedere vrouw heeft haar eigen hut, keuken en voorraadruimte en wonen gescheiden van de mannen. Het is een doolhof met allemaal kleine gangetjes. Het geheel wordt met een muur afgesloten. We hebben wel het vrouwengedeelte kunnen bezoeken, maar de herenafdeling helaas niet. Het bezoek werd afgesloten met een dansvoorstelling door de aldaar wonende dames.

Op de terugweg komt de andere bus in de rivier vast te zetten. Het is inmiddels donker dus niemand durft goed de bus uit om te helpen duwen. Blijkbaar gebeurt dit vaker wat binnen korte tijd staat er allemaal mannen om de bus hen om deze eruit te duwen. Wat dan ook gelukt is.

Het is al laat wanneer we weer op onze slaapplaats terugkomen. Het eten staat al klaar.

Bij het binnenkomen van de hut schieten allerlei hagedisjes weg. Tijd om maar een klamboe op te hangen.

 

 

Donderdag 7 oktober – Rumsiki

Redelijk op tijd weer alles ingeladen en weg.

Over de nog steeds slechte weg gaan we naar Mokolo om inkopen voor de lunch te doen. De lunch zullen we ergens onderweg gebruiken. Er is wat verwarring. Jeroen denkt hier boodschappen te gaan doen terwijl Ruth dat ergens anders wil (wat overigens niet de 1e en ook niet laatste keer zal zijn!!).

Het is een mooie weg die wij rijden. Veel kinderen langs de kant van de weg die “Cadeau, Cadeau” roepen. Er zijn hier dus al vaker toeristen geweest.

In Tourou stoppen om de markt te bekijken. Het is er een drukte van je welste. Er is een hele happening vanwege de verkiezingen. Een of andere meneer gaat een toespraak houden. Eerst denken we dat het de president zelf is, maar nee. De vrouwen die hier rondlopen, Goudours genaamd, dragen houten roodbruin beschilderde kalebassen als hoofddeksel. De een nog glimmender dan de ander. Het blijkt dat de beschildering van de kalebas de sociale status van de vrouw aangeeft. Er zijn dan ook veel (stiekeme) foto’s gemaakt. De meeste mensen willen helaas niet gefotografeerd worden.

Na 2 uur op de markt te hebben rondgelopen gaan we terug naar de bus voor de picknick. Dit is echter geen succes. Rond de bus staan tientallen kinderen toe te kijken. We rijden dan ook maar wat verder tot een wat rustiger plekje vinden. Ook hier kijkers, die dolblij waren met hetgeen wij voor hen achterlieten.

Ook hier is het weer een mooie omgeving met veel voor ons herkenbare bomen (Eco-Training). Onderweg wordt er veel fruit verkocht en gekocht (Papaja en voor ons onbekende soorten vruchten). Het is een onbekende weg die wij rijden, die vooral veel door bandieten en “toeristen” wordt gebruikt. Het is wel de snelste route. We moeten even stoppen. Het is Ramadan, dus voor de chauffeurs tijd om te bidden. Voor ons een gelegenheid om een stukje te lopen.

In de loop van de middag bereiken we Rumsiki in het Kapsiki-gebergte. Het is een mooie omgeving met grillige rotsformaties.

Discussie over de hotelkamers. De een heeft douche/toilet de andere heeft helemaal niets.

We besluiten om niet in het hotel te eten, maar bij La Tour D’Argents.  Voor de verandering hebben ze kip. Aan de geluiden te horen moest deze kip echter wel eerst geslacht worden. Na een hoop gekakel, rennende mannen, een benauwde ‘tok’, is het stil en binnen een half uur wordt ons eten opgediend. Verser kan je het volgens mij niet hebben. Of het gesmaakt heeft? Hum...        

 

 

Vrijdag 8 oktober – tracking Kapsiki

Het is dan zover. De tracking! We zijn erg benieuwd hoe dat gaat. Hebben we een goede conditie of zal het allemaal wel meevallen. Volgens het reisschema zou deze tracking 2 dagen duren. Volgens de steeds veranderende mededelingen van Jeroen over de tracking blijkt uiteindelijk dat deze 2,5 dagen gaat duren. We slapen dus niet 1 nacht ergens anders, maar 2. Een en ander leidt tot soms verhitte discussies, maar een duidelijk antwoord blijft uit. Waarom deze verandering blijkt wanneer we weer in het hotel terugkomen. Daarover meer later in het verslag.

De bagage die mee moet wordt naar de 1e overnachtingplaats gebracht en wij gaan met 3 liter water op pad. Het is gelukkig wat bewolkt (het is ook nooit goed, hé)

We gaan eerst naar een punt waar je een prachtig uitzicht op het gebergte hebt. Totnogtoe is het redelijk vlak. Een riviertje die we oversteken, blijkt de grens te zijn tussen Kameroen en Nigeria.  Langzamerhand begint het wat steiler te worden en begint de slechte conditie wat de tellen. Het uitzicht is in ieder geval de moeite waard van deze klimpartij. Hier rusten we dan ook even.

Ook al is het klimmen zwaar, het dalen valt ook niet echt mee. Veel losse stenen, waar je aardig over kunt glijden. In het dal komen we een kudde koeien en Peulmensen (Peulen zijn ook weer een bepaalde stam) tegen. We kunnen nog even uitrusten voordat we een bergtop over moeten. Wat is dit ongelooflijk zwaar! Ik zit er dan ook bijna doorheen. Ben heeft zijn rugzak inmiddels aan een van de gidsen overgedragen. We kunnen bijna niet meer. Maar wij zijn geen Ben en Ingrid als we niet op ons doorzettingsvermogen doorgaan. We zijn er over!!!! Het dalen gaat gelukkig geleidelijk en als we eenmaal door het mailveld zijn gelopen staat iets verder onder een grote boom de mevrouw van het hotel in Rumsiki met een heerlijke lunch klaar. Een lekkere frisse  koolsalade en brochettes (vleesspiesjes), maar vooral het koude drankje is HEERLIJK.  De zon is inmiddels behoorlijk gaan schijnen.  Na de lunch lopen we verder. Onderweg wilde een jongetje mijn petje ruilen voor een rieten hoedje, dus loop ik vanaf doet moment met een rieten hoedje verder. We hebben er een behoorlijke pas en in tegen het eind van de middag zijn we op de plaats waar we de nacht door gaan brengen. We liggen voor pampus met onze benen in de lucht en schoenen en sokken uit. Reden voor de vele kindertjes om eens te komen kijken. Na een uurtje komen ook de anderen wandelaars aan.  Ook de ezeltjes met onze bagage. Met behulp van een emmer kan je je een beetje omfrissen.  Na de nodige lauwe dorstlessers wordt het eten gebracht. Jawel, kip met macaroni.

De meeste van ons besluiten om buiten onder het rieten afdakje te slapen. Alles wordt daarvoor dan ook in gereedheid gebracht. Andere slapen in de hutjes die de bewoners voor ons hebben vrijgemaakt.

We liggen nog niet goed en wel buiten of het begint enorm te waaien. Heerlijk, denken we nog, even frisse wind. Echter ook de eerste druppels beginnen te vallen. Binnen de kortste keren komt de regen met bakken uit de hemel. We weten niet hoe snel we alles moeten pakken om ook in een van de hutjes in te kruipen. Gelukkig krijgen we hulp van de bewoners. De hutjes hebben een golfplatendak, dus het klettert behoorlijk. Ondanks dat we geen idee hebben waar we nu liggen toch nog redelijk geslapen. Wat wil je na zo’n dag!

 

 

Zaterdag 9 oktober – tracking

Zoals we al eerder hebben gemerkt staan de mensen hier op zodra het licht is en gaan naar bed zodra het donker is. Met andere woorden. We werden heeeel vroeg wakker.  Op de vraag waar hier het toilet was werd met een groots gebaar de hele omgeving aangewezen. Dan maar een grote boom of rots zoeken. Dat zoeken valt wel mee, alleen vragen de kinderen zich af “Hoe plassen deze witte mensen nu???” Maar even wachten tot de aandacht van de kinderen op iets anders gericht is.

Na het ontbijt gaan we weer verder op pad. Het is wat heuvelachtig, dus ook weer wat stijgen. Dit vinden onze benen niet echt fijn. De gids brengt ons naar een hutje waar je allemaal muziekinstrumenten kunt kopen. Leuk, maar je moet er ook de hele dag mee lopen. Dus geen muziekinstrument gekocht.  We lopen door een landbouwgebied waar o.a. katoen, tabak, gierst, etc verbouwd wordt. De mensen onderweg zijn bijzonder vriendelijk. Het is een zware tocht. Zoals geschreven zijn de spieren wat stijfjes (om het even voorzichtig te schrijven).  Op ons verzoek kort te gids de toch iets in om een half uurtje eerder op de plaats van bestemming te komen. Op een dorpspleintje gebruiken we de lunch. Gelukkig is er niet veel bekijks. Eet toch wel iets prettiger. Helaas is de lokale kruidenier afwezig, dus geen koel drankje.

In de loop van de middag komen we op de plaats waar we de nacht doorbrengen. Het lijkt wel een dorpje. Allemaal aparte hutjes die met een muur aan elkaar verbonden zijn. We moeten dan ook eerst een poortje door. Het ziet er erg gezellig uit. En jawel, hier hebben ze een toilet. Een keurig gat in de grond waarop een gezellig gebloemd dekseltje zit.  Met behulp van een emmer kunnen we ons opfrissen.  Maar vooral leuk zijn de heerlijke koude drankjes Wat kan een mens dorst hebben in die warmte.

Buiten het “dorpje” is een kerk waar een koor aan het repeteren is. Dit blijft altijd weer leuk om naar te kijken. Na verloop van tijd wordt de kerk verlaten en wordt er op het buitenplein verder gerepeteerd. Veel zang en slagwerk. Weer goed voor de nodige foto’s. Hier wordt weer erg vaak om “cadeau, cadeau’ geroepen.

’s-Avonds eten we couscous, wat bijzonder lekker is. Het is echter wel anders dan zoals ik het ken. In de loop van de avond komen er muzikanten en wordt er weer gezongen.

We zijn moe en willen eigenlijk slapen, maar zolang de muzikanten buiten aan het spelen zijn en wij ook buiten moeten slapen zit dit er nog even niet in.  Gelukkig duurt het niet lang meer. Normaal gesproken is het altijd leuk om naar muzikanten te luisteren en te kijken, maar na zo’n wandeling is dit even wat minder.

Onder het oog van de “locals” bereiden we ons op de nacht voor. Gelukkig is het nu droog. Ik hoop dat het zo blijft.

 

Zondag 10 oktober – Rumsiki

En het is droog gebleven. Om 05:30 uur begint het 1e geroezemoes. Na het ontbijt gaan we voor de laatste paar uurtjes op pad. Volgens de gids is het nog een kleine 2 uur lopen naar het beginpunt van de tracking. Nou dat is te doen. De spieren beginnen al een beetje gewend te raken.

Het is bloedheet. Om 09:00 uur is het al 300 .  Het gaat allemaal sneller dan gedacht, want om plm. 09:30 uur zijn we weer bij het hotel. Eerst weer even wat koels drinken voordat we ons gaan douchen. Helaas geen water. Men was net de waterbak aan het vullen, dus nog even geduld. We hebben dezelfde kamer als een paar dagen terug. De bedden zijn in de tussentijd echter wel beslapen, want de lakens hebben we niet zo vies achtergelaten als dat ze nu zijn. Waarschijnlijk was dat ook de reden dat we een nacht extra elders moeten overnachten.

Na verloop van tijd is de bak voldoende gevuld en kunnen we gaan douchen. Heerlijk, ook al is het koud water,  om je weer even schoon te wassen.  We gaan dan ook fris gewassen, met dezelfde gids als van de tracking, het dorp in. Eerst de markt.  De gids verteld er van alles en nog wat over.  Ben vraagt aan een slager of hij een foto mag maken. Dat mag, maar vervolgens is de slager boos dat hij er geen geld voor krijgt.  Onze weg gaat vervolgens naar een weverij. Hier zie je mannen aan een weefgetouw hele kantoenen lappen weven. Je kunt uiteraard hier ook o.a. kleding van hen kopen.. We kopen een schaamlap met mooie kraaltjes voor dames.

Hierna is de krabbendokter aan de beurt.  Voor hem staat een potje met allerlei steentjes erin. Na het stellen van een vraag aan de dokter doet hij een krab in het potje, deksel erop, even wachten, deksel ervan en de krab heeft de stenen zo gelegd dat de dokter je een antwoord op de vraag kan geven. Ja, niets is onmogelijk.

De dokter vertelt dat wij volgend jaar weer naar Afrika komen en dat ik niet moet gaan solliciteren omdat ik in mijn huidige functie promotie ga maken.  Onze gids geloof heilig in deze dokter. Ook spelers van het elftal van Kameroen dat de ooit een beker heeft gewonnen, is naar deze dokter gekomen om te vragen hoe hun kansen ervoor stonden. De dokter zei  dat ze zouden winnen!

Terug in het hotel is er weer geen water.

Op het terras van het hotel een biertje gedronken en gekeken wat er allemaal op straat gebeurt. Het blijft leuk. Na verloop van tijd met elkaar naar het restaurant Pizza. We hadden voor de tracking afgesproken en de eigenaar kon zich hier dan ook op voorbereiden.

Aangekomen in het restaurant moesten we eerst ergens anders naar toe voor het mooie uitzicht. Dat ergens anders was ooit een restaurant, maar nu helemaal vervallen. De eigenaar heeft dit gekocht en wil het tzt helemaal gaan opknappen. Ik moet zeggen hij heeft er wel oog voor, want de locatie is schitterend. Wat een mooi uitzicht over het gebergte! Hijzelf moet nu wel een paar keer lopen om onze drankjes te brengen.

Na het drankje weer terug naar zijn restaurant. Het is echt ongelooflijk hoe hij het samen met zijn vrouw voor elkaar krijgt om zulke heerlijke gerechten op tafel te brengen.  Alles even warm. Heerlijke soep, heerlijk brood, heerlijke pizza, heerlijke groenten, etc. Tot die tijd nog niet zo lekker gegeten! Een melding in de Lonely Planet waard. Hij was ook heel blij met ons. Met hetgeen hij vandaag heeft verdiend kan hij een maand vooruit.

Na het eten lopen we op ons gemak weer terug naar het hotel. Het lopen van afgelopen dagen met een rugzak (ook al is het een dagrugzakje) heeft mijn nek geen goed gedaan. Ik ga dan ook direct naar bed in de hoop dat het morgen weer over is.

 

 

Maandag 11 oktober – Maroua

Vandaag is de dag van de verkiezingen. En dat zullen we weten. Alles is gesloten. Het hotel is alleen nog open voor ontbijt. Verder is er niets.

Op weg naar Maroua worden we door politie (?), militair(?) staande gehouden. Paspoort laten zien. Het blijkt dat op de dag van verkiezing niet gereisd mag worden, alles ligt volkomen stil en het draait alleen nog maar om de verkiezingen. We moeten zeggen dat we het ook wel wat verdacht stil op de weg vonden. Al zijn wij dan toeristen en hebben niets met de verkiezingen te maken, onze chauffeurs echter wel. Na veel pijn en moeite mochten we dan toch doorrijden. Bleek achteraf dat onze chauffeur ooit op de vuist is gegaan met de man die ons nu aanhield. Hoezo wraakactie?

Na verloop van tijd stoppen we weer. Het blijkt bij een stemlokaal te zijn. Iedereen stap uit om even de benen te strekken. Er loopt ook een hoge piet rond. Het blijkt de gouverneur te zijn. Jeroen legt meteen het probleem van het reizen aan hem uit. De gouverneur geeft mondeling toestemming dat we door mogen rijden en het probleem is opgelost. Een hele opluchting voor de chauffeurs. Niet voor iedereen blijkbaar onze aanwezigheid opgelost, want een andere meneer komt haastig op ons af met de vraag of we waarnemers zijn. We kunnen hem gelukkig van een moeilijke positie verlossen door te zeggen dat we gewoon toeristen zijn.

In de loop van de ochtend komen we dan weer bij hotel Tcherno in Maroua aan. Ook hier is het bijna uitgestorven. Alles dicht, restaurants, winkel echt alles. Alleen het restaurant Baobab is open. We hebben wel wat trek en willen graag iets kleins. Het enige dat er is, want er is geen markt, is een steak. Dan maar een steak.

Na de lunch wat in het hotel rondgehangen tot een van de reisdeelnemers toch misschien nog wel een andere tentje wist te vinden om een biertje te drinken. Na wat straten te hebben doorgelopen komen we bij inderdaad bij het tentje. En ja hoor, dicht.  Dan maar weer naar Baobab. Je zit daar toch wel wat lekker dan bij hotel. Zowaar in een heus bankstel. Ook niet verkeerd na de diverse plastic stoeltjes.

We hebben trek dus vragen de kaart in de veronderstelling dat het waarschijnlijk wel weer steak zal worden. Ze blijken nu ineens omeletjes te hebben. Omdat we vanmiddag al steak hebben gegeten gaan we dus voor de omeletjes. Lekker even zo’n licht hapje.

Nog een biertje in het hotel en toen naar de kamer om te douchen en de airco aan te zetten.

Echt koel wordt het helaas niet.

 

 

Dinsdag 12 oktober  - Maga

Vandaag weer vroeg wakker. Om 06:00 uur viel spontaan de airco uit. Het werd dan ook meteen bloedheet. We hebben een kamer en suite, dus ga ik in de andere kamer maar mijn dagboekje bijwerken. Na een lekkere douche gaan we naar het ontbijt. Er blijkt weer gezeur te zijn geweest over de kamers. Ook niet de eerste keer.

Tijdens het ontbijt wordt gezegd dat we zelf een lunch voor onderweg moeten regelen. Dus naar de bakker voor de nodige inkopen. Nadat dit gedaan is wordt de bus weer gepakt en gaan we naar Maga  (een vissersdorpje).

We rijden door een vlakke en bijzonder droge omgeving. In de verte zijn wat bergen.

Maga is een wat vreemd dorpje. Het is wijd verspreid zonder echte dorpskern. De groep wordt over 2 hotels verdeeld. De single mannen gaan naar een ander hotel. We kunnen pas om 15:00 uur in het hotel terecht, dus gaan we eerst naar de markt in Pousse. 

De mensen zijn hier toch wel wat stugger dan totnogtoe. We maken hier overigens kennis met DE lijmsnuiver, waar we later meer last van zouden krijgen. Het is erg moeilijk om foto’s te maken. Op het moment dat de mensen een fototoestel zien gaat er al meteen een vinger in de lucht, ook al wil je niet hen maar heel iets anders fotograferen. 

Ik koop een zakje limoenen om het water een wat ander smaakje te geven. We lopen langs een smid en deze meneer wil wel een limoen van mij. Meteen een mooie gelegenheid voor een fotootje. 

Na plm. 2 uur gaan we terug naar het hotel “van de mannen” om te lunchen en vervolgens naar ons hotel. Spullen wat uitgeruimd en toen was het alweer tijd voor de boottocht.

De boottocht, in een traditionele vissersboot, pirogue,  gaat over de grensrivier tussen Tsjaad en Kameroen. Ondanks dat we niet veel nijlpaarden (een stuk of 7) zien, blijft zo’n tochtje altijd leuk. Ook de zonsondergang is erg mooi op het water.

Tegen de avond terug naar het hotel waar een buffet klaar stond. Kip, vis, rundvlees, tomatensaus.  Bijna het standaardmenu. Het eten is hier vrij eenzijdig zoals je merkt. Groente en fruit is er al bijna helemaal niet.

De avond is niet zo’n succes omdat we gek worden van allerlei vliegjes, muggen, etc die ons langzamerhand lek prikken. 

Alle kamers hebben airco, dus de meeste van ons willen in een lekkere koele kamer slapen en hebben dan ook de airco aan. Dit betekent dat regelmatig de stroom uitvalt. We laten de airco maar even voor wat het is en doen hem pas aan op het moment dat we naar bed gaan.

Vanwege de vliegjes gaan we bijtijds naar bed.  De airco geeft zoveel kou af dat ik ’s-nachts onder de dekens kruip.

 

 

Woensdag 13 oktober – Maga

Op 08:00 uur gaan we op weg naar Pousse, het gebied van de Mousgoum. Er is weer gedoe omdat Ruth wil vertrekken, maar Jeroen wil eerst dat iedereen voldoende water bij zich heeft vanwege de enorme hitte. We gaan dan ook eerst opzoek naar water. Dit blijkt niet echt makkelijk te zijn. Uiteindelijk dan toch water gevonden, aangevuld met flessen limonade. Je moet in ieder geval genoeg kunnen drinken.

Eindelijk gaan we dan op weg. Eerst gaan we langs een aantal vissers die net de vangst hebben binnengehaald. Vrouwen zijn de vissen aan het schoonmaken. En wie zien we daar, de lijmsnuiver die we een dag eerder op de markt tegenkwamen. Hij blijft ons maar lastig vallen. Voor een van de groepsleden reden om hem van hem weg te duwen. Dit leverde meteen een worsteling op. De lijmsnuiver had de banden van Ton zijn fototoestel vast. Bij de worsteling die toen is ontstaan is ook het zakje lijm kapot gegaan, dus zowel Ton als zijn spullen zaten onder lijm. Gelukkig blijkt zijn fototoestel nog wel te werken. Al met al bijzonder vervelend. We zijn hierna dan ook maar snel weggegaan om naar de “casus obus” te gaan. Dit zijn traditionele, granaatachtige lemen hutten. Deze hutten worden door vrouwen gebouwd zonder dat er een geraamte gemaakt wordt. Ze zijn van de buitenkant voorzien van groeven die dienst doen als regengoot. Binnen is één grote ruimte waarin zowel de vrouw als haar dieren slapen. Bijzonder interessant om te zien.

Het paleis van de Lamidad is het volgende wat we willen bekijken. De buitenkant van het paleis is beschilderd met allerlei kleurige motieven. Helaas mogen we niet naar binnen. De Lamidad is een maand geleden overleden en er is nog geen opvolger gekozen. Voor het paleis zitten een aantal notabelen te wachten op…. Ja waarop eigenlijk? Omdat we niet naar binnen mogen bekijken we het dorpje maar. Er is in het dorp niet veel bijzonders te zien.

Tegen de lunch komen we weer in Maga aan. We lunchen bij een mamma. Ook deze lunch bestaat ook verse gegrilde vis en de bekende kip.  Er wordt afgesproken om ook ’s-avonds hier te gaan eten. Een van de reisgenoten voelt zich niet echt lekker en denkt Malaria te hebben. Morgen gaan we weer naar Maroua, dus kan hij dan naar het ziekenhuis om zich op malaria te laten testen.

Na de lunch gaan we weer terug in het hotel. Helaas is er geen water, dus kan er geen wasje gedaan worden. Gelukkig is er na een uurtje weer water. Verder wat rondgehangen en gelezen. Heel relaxed. Aan het eind van de middag gaan we naar het hotel van jongens om een lekker biertje te drinken. Hierna gaan we gezamenlijk naar de mamma waar we die middag geluncht hebben. Het eten viel behoorlijk tegen. Het leek wel of we de restjes aten van de middag. Er was ook veel te weinig. Dit allemaal leverde wat heibel met de mamma op over de rekening. Jammer dat het zo eindigde. Je merkt erg dat ieder wel een slaatje wil slaan uit het feit dat er toeristen zijn. Het is echter allemaal zo doorzichtig dat het meer tegen hen werkt dan dat het een voordeel voor hen oplevert. We gaan dan eigenlijk ook met een kater naar bed.

 

 

Donderdag 14 oktober – Waza

We gaan bijtijds weg om naar Maroua te gaan. Daar aangekomen gaat de zieke reisgenoot naar het ziekenhuis en wij naar de supermarkt. Nou supermarkt. Het is meer een winkel van sinkel met een hoop lege planken. Het is hier echt niet welvarend. Naast de winkel is Snack Bar Bimarva of wel Chez Emanuelle. Hier een overheerlijk stokbrood met Emmentaler gegeten. Jawel. Naast Chez Emanuelle is ook weer een souvenirwinkeltje waar een mooie tas van leer hebben gekocht. Na de lunch gaan we weer terug naar het hotel om te wachten totdat we naar Waza National Park gaan. Bij de zieke zijn wat Malariacellen in zijn bloed gevonden, maar hij niet echt Malaria heeft. Wel heeft hij voor de zekerheid een kuur gekregen.

De weg naar het park is behoorlijk hobbelig. Het is een woestijnachtig gebied met de zogenaamde sénégal-acacia’s als voornaamste begroeiing.

In de loop van de middag komen we in het park aan. Bij het park staan ronde traditionele hutjes waar we gaan overnachten. In deze hutjes pas net een 2 persoonsbed. Buiten de hutjes is een douche en toilet.

Gelukkig hebben we nog tijd om een gamedrive te doen. Het gaat allemaal niet zo soepel omdat op het moment dat wij klaar staan, de chauffeurs gaan eten. Eindelijk kunnen we dan toch gaan. Na een hele tijd gereden te hebben komen we een kudde giraffen tegen en even later in de verte wat olifanten. Deze blijken nog niet aan de toeristen gewend te zijn, want binnen de korte keren zijn we verdwenen.

Het park kent twee verschillende vegetatiezones: dicht bos en struikgewas. Verder zijn er veel drinkplaatsen. Naast de giraffen en olifanten treffen we verder geen dieren aan. We gaan dan ook maar weer terug naar onze slaapplaats.

’s-Avonds komt een mama ons eten (kip en rundvlees) en wat drankjes brengen. Nog wat biertjes gedronken (gekomen met een speciale levering) en toen naar bed. De volgende ochtend weer vroeg op voor de ochtend gamedrive.

 

 

Vrijdag 15 oktober – Waza

Om 06:00 uur dus op voor de gamedrive. Na het ontbijt gaan we met dezelfde gidsen als van gistermiddag op zoek naar de “wilde beesten”. Het is rijden, rijden en rijden zonder iets te zien. We komen wel regelmatig vast te zitten met de bus doordat het regentijd is/was. Op de momenten dat we stoppen stappen de gidsen uit om het dorre gras in brand te steken, zodat er weer nieuw groen kan groeien. Tot dat moment niets aan de hand. We komen echter weer vast te zitten. Nu wel heel erg, want na 2 uur geduwd, gesjord en wat doen ook te hebben gedaan is de bus weer los. Het vuur komt trouwens nu wel erg dicht bij. Gelukkig dat de bus weer vrij is. Na verloop van tijd stoppen we bij een meertje om naar de diverse vogels te kijken. Ook hier wordt achter ons de boel weer in de fik gestoken. Ik denk nog in mijn onnozelheid “ maakt niet uit we gaan toch die kant niet op!” Niets is minder weer waar. We gaan dezelfde weg weer terug. Door het vuur!!!!!! De bus komt weer vast te zitten, maar we zitten nu als ratten in de val. Overal om ons heen vuur. Het duurt gelukkig niet lang voordat de bus weer los is. De gidsen proberen het vuur nu te doven zodat de bus en wij lopend erdoor kunnen. Ze zijn hier echt gestoord met hun vuurtjes! We zijn dan ook behoorlijk pissig over de hele gang van zaken. De gidsen zijn blijkbaar geen gidsen maar maken driftig gebruik van het vervoer om hun werkzaamheden uit te kunnen voeren. Zich niet realiserend hoe gevaarlijk zij met ons bezig zijn.

We gaan dan ook zo snel als mogelijk het park uit. Na aankomst in het hotel ga ik mij even lekker douchen en ontspannen. Dat is wel nodig na zo’n enerverende ochtend. Na het douchen is de mevrouw met de lunch aanwezig. Dit keer zijn het brochettes. Er is weer gedoe over de rekening. Ook zij wil een slaatje uit ons slaan. Het resulteert echter in dat wij ’s-avonds ergens anders gaan eten.  Bij één van de busjes is een mankement aan het stuur ontdekt. Voor reparatie wordt de bus naar Waza gebracht in de hoop dat hij daar gemaakt kan worden. Anders geen gamedrive die in de middag gepland staat.

Tot plm. 16:00 uur hebben we even tijd voor onszelf. We gaan dan ook naar Waza lopen. Na plm. 20 minuten zijn we in het plaatsje. Bij de eerste de beste gelegenheid gaan we wat drinken. Hij lijkt wel een hoerentent, maar ze hebben er in ieder geval een heerlijk koel biertje. Op ons gemak lopen we weer terug. Het is bloed verziekend heet. Terwijl Ben wacht op de volgende gamedrive ga ik wat lezen en slapen. Na al het gedoe van vanmorgen heb ik geen zin om nog eens te gaan. Ben komt redelijk enthousiast terug. Hij heeft weer giraffen en vier gestreepte jakhalzen gezien.

’s-Avonds gaan we met de inmiddels gerepareerde bus naar Waza. We eten op een matje voor het restaurant en kijken voor bewondering naar wat allemaal voor onze ogen gebeurd. Naast het restaurant is een moskee en het is gebedstijd. Het is tenslotte Ramadan. Iedereen staat in een keurige rij zijn gebed te doen. Af en toe loopt er iemand uit weg om ons of anderen van een drankje te voorzien en gaan vervolgens weer terug om zijn gebed verder te doen. Gigantisch opgeladen vrachtwagens stoppen hier. We kijken onze ogen uit. De mama van het restaurant heeft het blijkbaar gehad, want zij legt een matje langs de stoeprand waar de vrachtwagens langs denderen en gaat liggen. De ene helft van de groep gaat naar huis, maar wij willen nog wel even blijven om van dit alles te genieten.

 

 

Zaterdag 16 oktober - Maroua

Voordat wij opstonden is Jeroen op een brommertje naar Waza gegaan om een ontbijt te regelen. Het zouden poffertjes worden die over een half uurtje bij ons gebracht zouden worden. Gisteravond vertelde Jeroen dat het de bedoeling is om  tegen 06:00 uur te vertrekken. De groep weigert dit aangezien het om een ritje van 2 uur gaat. Na een weer heftige discussie besluit de groep dat om 08.00 uur vertrekken vroeg genoeg is. Maar de poffertjes komen niet.  Op een gegeven moment besluiten we te vertrekken. Zeer tegen de zin van Ruth, die haar kont (en dat is een behoorlijke) tegen de krib aan gooit. Er dus weer onenigheid tussen Jeroen en Ruth. Ondanks haar trainneren komen we toch nog vroeg in Maroua aan. Het is maar goed ook voor de zieke die we weer hebben dat we vroeg in Maroua zijn. Kan hij gelijk naar bed.

Na de spullen in de kamer te hebben gezet, gaan wij bij Chez Emanuelle brunchen. Helaas geen stokbrood met Emmentaler. We zitten lekker in de schaduw, boekje en drankje erbij, wat wil je nog meer.

In de loop van de middag gaan we naar een soort van festival met paarden, muzikanten en dansers. Buiten de paarden om is het erg leuk. Ook de lokale bevolking blijkt het erg leuk te vinden, want het ziet er zwart van de mensen. Er wordt enthousiast gezongen en gedanst. Wat zijn de vrouwen trouwens toch ontzettend soepel in de heupen. Het lijkt wel of de heupen een eigen leven leiden.

Bij terugkomst in het hotel staat een heerlijk buffet met koele drankjes klaar. We genieten er volop van. We nemen ook afscheid van de chauffeurs.

Na het diner drinken we nog wat op het terras voor we naar bed gaan. We vertrekken vroeg dus moeten we nog naar de bakker om iets voor het ontbijt te regelen.

In de kamer airco aan zodat we lekker koel slapen. Doordat de badkamervloer nog nat is maakt Ben een lelijke uitglijder wanneer hij de slaapkamer in stapt. Levert hem verschillende gekneusde ribben op, waar hij nog behoorlijk veel last van zal houden.

 

 

Zondag 17 oktober – N’gaoundere

Met zijn allen weer in een bus. Wat een ramp. Zeker voor Ben met zijn gekneusde ribben. Op de achterbank zitten ze met zijn vieren, wat veel te krap is! Ik wissel dan ook na een stop. Het is echter niet zo’n succes voor iemand met een lichte vorm van claustrofobie.

Het is een lange rit over een mooie weg in een heuvelachtige, vulkanische streek van rotsen en kleinbos-savanne. Af en toe zie je de traditionele ronde hutten die binnen lemen muren gebouwd zijn. Mangobonnen en eucalyptussen fleuren de boel wat op.

In het Super Restaurant stoppen we weer voor de lunch.

In de loop van de middag komen we weer in hetzelfde hotel in N’gaoundere aan waar we al eens eerder hebben geslapen. We nemen even een snelle douche en gaan dan de “stad” in.

Het is zondag dus alles is dicht. Op een van de terrasjes die wel open is drinken we een biertje. Het kroegje blijkt een soort van goktent te zijn. Binnen staan tientallen gokautomaten, waar overigens niemand gebruik van maakt.

We eten bij La Plazza. Het is even moeilijk te vinden omdat het wat afgelegen van de straat in een binnenplaatsje ligt. Na het eten lopen we in het donker terug naar het hotel. Een lekker wandelingetje.

 

 

Maandag 18 oktober – Banyo

Wat een verrassing. Weer 2 busjes en Faizal, onze chauffeur, onze Kamikaza, onze Schumacher is weer terug! Na alles weer opgeladen te hebben gaan we op pad. De weg is bijzonder slecht. Ben weet af en toe niet hoe hij met zijn gekneusde ribben moet zitten. Over de 1e 25 km hebben we 1 uur gedaan en we hebben nog heel wat kilometers te gaan.

Het is een mooie bosrijke omgeving. De droge savannen van het noorden hebben dan ook plaatsgemaakt voor het tropische groen van het zuiden. Heel anders dan het noorden. De ronde hutjes hebben hun plaats ingenomen door vierkante huisjes. De mensen langs de kant van de weg lijken vriendelijker dan in het noorden. Het is een weinig toeristische route. Tijdens de diverse stops worden we door de andere reisgenoten in de andere bus vreemd aangekeken. De meeste van ons hebben, door het vele stof, een oranje gezicht, haar, kleding, etc. gekregen. Het is een hele lange rit.

Onderweg stoppen we nog om wat voor de lunch te kopen. We proberen de beignets. Deze vullen goed, want na een zo’n beignet zit je helemaal vol.

We komen dan ook pas om 19:30 uur in auberge Saré in Banyo aan. Banyo ligt in het centrale deel van Kameroen. Achter de bar is een doolhof van kleine huisjes. We worden dan ook naar ons huisje begeleidt. Er blijkt geen water te zijn, dus ook geen toilet wat ook behoorlijk te ruiken is. Wel staat er een grote emmer waar je je eventueel in kunt wassen. Het is alleen onduidelijk hoelang deze emmer er al staat.  Het is de slechtste overnachtingplaats totnogtoe!  Voor de bar staat een mamma waar je brochettes kunt bestellen, maar vanwege het tijdstip en de lange rit hebben weinigen nog trek in eten. Na een biertje te hebben gedronken gaan we naar ons kot. Met een paar wetties het meeste stof van ons gezicht gehaald. Omdat het allemaal zo smerig is en stinkt gaan we met kleren en al op bed liggen en proberen te slapen.

 

 

Dinsdag 19 oktober – Foumban

’s-Morgens staan we half kotsend op vanwege de urineluchten. Er is even onduidelijkheid over er nu wel of geen ontbijt komt. Wanneer we net op het punt staan op het stadje in te gaan voor de lunch komen er een paar dames aan met het ontbijt aan. Na het ontbijt weer gedoe over de rekening. Niet iedereen heeft ontbeten, maar blijkbaar moet wel voor iedereen betaald worden. Houdt het dan nooit op dat gedoe met geld!!!

De rit naar Foumban is gelukkig niet lang meer. Tegen de middag komen we bij het hotel aan. Het hotel ligt iets buiten het centrum en ziet er redelijk nieuw uit. Hebben we ons helemaal verheugd op een lekkere douche, blijkt er geen water te zijn. Bij navraag zal het nog een half uurtje duren voor het zover is. Dan nog maar wat drinken in de hoop op betere tijden. Na dat half uurtje is er nog steeds geen water. Wel kan men emmers water naar de kamer brengen?!?!? Omdat we ons zo vies voelen maken we hier gebruik van. Na enigszins opgefrist te zijn gaan we met een taxi naar het centrum. Inmiddels regent het. We stoppen bij Royal Café. Een restaurant waar je vanaf het terras een mooi uitzicht hebt over een dal. Hier drinken we wat tot we honger beginnen te krijgen. We hebben geen zin om hier te gaan eten dus gaan we op zoek naar Restaurant de la Maturité. Een lokaal restaurant wat een beetje verscholen ligt. Ze hebben er niet veel maar de avocadosalade en spaghetti met rundvlees is erg smakelijk. In de kletterende regen gaan we op zoek naar een taxi die ons weer terug naar het hotel brengt. 

Het hotel heeft nog steeds geen water. Slaap hebben we nog niet echt en eigenlijk willen we toch wel erg graag douchen, dus een biertje. Na een uurtje is er dan eindelijk water. Dat hebben we geweten ook. De kraan van de wastafel stond nog open dus toen er water was bleek de kraan maar lopen. Bij het dicht draaien ervan schiet de knop eraf. Een grote straal de slaapkamer in en de knop er niet meer op kunnen krijgen. Met papier het water iets kunnen stoppen om in ieder geval iemand van het hotel te kunnen roepen. Gelukkig heeft de man de kraan erop en dicht kunnen draaien. Zowel hij als ik waren drijfnat. Eindelijk dan kunnen douchen om alle rode stof van ons af te kunnen spoelen.

 

 

Woensdag 20 oktober – Foumban

Voor het ontbijt moeten we ruim een uur uittrekken voordat er een maandje brood, koffie/thee, jam en een omeletje er is. Met diverse taxi’s gaan we met elkaar naar het koninklijke paleis en het museum van de sultan. Op het binnenplein is het een drukte van belang. Er blijkt een notabele overleden te zijn en men wacht nu op de “erfenis”. Het paleis is een curieus bakstenen gebouw met halfronde torens. In het paleis is een mooi museum dat allerlei zaken bevat die hebben toebehoord aan de laatste sultans, zoals: kleding, wapens, muziekinstrumenten, door koning Noya geschreven boeken, etc. De voornaamste decoratiemotieven zijn o.a. de spin (symbool van o.a. wijsheid), de tweekoppige slang (symbool van macht), de krab (vruchtbaarheid). Over koning Noya is veel geschreven. Hij staat vooral bekend als de koning die een alfabet bedacht heeft.

Nadat we uit het museum komen blijkt de huidige koning buiten plaats te hebben genomen in zijn zetel. Een indrukwekkende verschijning.

We gaan nu naar een locatie waarop traditionele instrumenten gespeelt en op traditionele muziek gedanst wordt. Een toeristisch geheel, maar toch wel leuk om naar te kijken. Dat vinden de kindertjes die stiekem toekijken ook. Na de dansen worden we uiteraard weer begeleid naar een lokaal waar je allerlei souveniertjes kunt kopen. We kopen hier een mooi gebeeldhouwde houten bel. De lunch wordt in Royal Café gebruikt waar we eigenlijk weer eigenlijk spijt van hebben vanwege het lange wachten. Twee jongens die bij het voorgaande lokaal souveniertjes verkochten blijken met ons te zijn meegegaan want hier willen ze weer van alles en nog wat kwijt. Ze hebben er een mooi zielig verhaal bij. De metalen bellen is van de grootvader van een van de jongens. Het huis van de grootvader is door de rivier weggespoeld en nu verkoopt hij allerlei antiek om aan geld voor een nieuw huis te komen. Ja, het is toch wat.

Na de lunch lopen we naar de Rue des Artisans. Een weg naar het musée des arts et des traditions Bamoun waar je diverse kunstenaars aan het werk kunt zien die de artistieke Bamoun-traditie voortzetten en levend houden. Veel houtsnijders, ijzergieters en koperslagers, smeden, etc. We gaan eerst naar het museum. Het museum is te vergelijken met het museum van het paleis. Ook hier worden we naar een plek in het museum gebracht om wat te kopen. Helaas voor de mevrouw die ons heeft rondgeleid vinden we er niets bij. Langzaam lopen we weer terug. We worden gek van de “kunstenaars” die ons van alles en nog wat willen verkopen. Wat we zo bij het langslopen, zien vinden we niet echt mooi. Bij een kruidenier drinken we een colaatje voordat we met een taxi weer naar het hotel terug gaan.

Eerst even een biertje en het dagboek wat bijwerken voordat we gaan douchen. Ja, in het hotel is nog steeds water!

We hebben geen zin meer om de deur uit te gaan en willen dan ook in het hotel eten met een lekker wijntje erbij. Wat hebben we hier een spijt van! Na 1 uur wachten komt de tomatensalade die we als voorgerecht hebben besteld. Na 2 uur komt dan het hoofdgerecht: steak of wel schoenzool. Het is niet eten. Op de vraag of het ons gesmaakt heeft zeggen we dan dit niet het geval is. Is overigens ook te zien, want we hebben er nauwelijks van gegeten. Het antwoord is: jammer en vervolgens komt de rekening!

We blijven achtervolgd worden door de 2 jongens van het dansen. Ze zelfs nu in het hotel. De man die een souvenirwinkeltje in het hotel heeft is hier niet echt blij mee. Vooral omdat we van de jongens 2 metalen muziekinstrumenten kopen, terwijl we bij hem niets kopen ondanks het vele aandringen van hem.

Al met al gaan we laat naar bed.

 

 

Donderdag 21 oktober – Kumba

Om 07:00 uur ontbijt om 08:00 uur vertrekken om naar Kumba te gaan. Eerst gaan we nog naar Bafoussam om een chefferie te bezoeken. Het volk in deze streek is beroemd om zijn organisatie in chefferies. Een chefferie is op de 1e plaats een verzameling landjes en stukken grond waarop meerdere families leven in verspreide hutjes. In zo’n gehucht woont gewoonlijk een familiehoofd met zijn vrouwen en kinderen, in relatieve afzondering. De chefferie die wij bezoeken is vrij oud, maar daardoor wel erg interessant. Ook is er een museum. Dit museum lijkt echter meer op een pakhuis dan op een museum.

Na deze chefferie gaan we naar de chefferie van Bandjoun. Het is de meest klassieke van alle chefferies, met een toegangspoort, grote hutten voor de chef en notabelen en kleinere voor de vrouwen van de chef. De vergaderhut aan het eind van het plein heeft mooie bewerkte houten stutpalen. Er is ook een modern museum bij. Persoonlijk vind ik de chefferie van Bafoussam mooier dan deze.

Onderweg weer wat voor de lunch gekocht. Om niet te laat in Kumba aan te komen besluiten we de waterval Nkam links te laten liggen. Het is vooral de weg er naar toe die slecht is, zeker nu het regentijd is.

Typerend voor de streek rond Kumba zijn de enorme bananen- en rubberplantages en dat het Engelstalig is.

In de loop van de middag komen we in motel Kanton in Kumba aan. De kamers maar vooral de badkamer is mooi en vooral schoon. In de kamer ligt zelf vaste vloerbedekking. Eerst even wat bijkomen en drinken voor we onder de douche gaan. In het hotel blijkt ook een aantal  Italianen te logeren die voor een maand werken in het ziekenhuis van Kumba.

Bij Tavern motel gegeten. Het blijft grappig dat je hier je vis besteld en vervolgens elders bakbanaan en het dat het op het terras allemaal bezorgd wordt. De vis is erg lekker. Na het eten gaan we weer terug naar het motel. We worden al verwelkomd door gezang. Aan een lange tafel zitten de Italianen en een aantal locals te zingen. Het klinkt prachtig vooral als de locals hun mondje open doen.

Het is dan ook weer laat als we naar bed gaan. De volgende dag moeten we weer vroeg op voor een wandeling.

 

 

Vrijdag 22 oktober – Buea

Zoals gezegd vroeg op want voordat we naar Buea vertrekken, gaan we eerst nog naar het meer van Barombi MBO (het kratermeer). Het is de bedoeling om er wat te lopen en met een bootje naar het dorpje Barombi te gaan. Er is weer gedoe over geld, want we hebben 1000 Cfa’s betaald in plaats van de 100 die op het toegangsbord staat.

De bus stopt bij het toegangsbord en wij lopen verder over een stijl glibberig voetpad naar het meer. Het is een tropisch regenwoud waar we doorheen lopen. Na veel geglibber komen we bij het meer. Het is prachtig om te zien, vooral omdat er een dunne nevel over het meer ligt. Van het boottochtje zien we af na het zien van de bootjes. We kijken even naar de vissers en de vrouwen die de vissen weer aan het schoonmaken zijn.

De anderen lopen verder, maar wij gaan op ons gemak genietend van de omgeving weer langzaam naar de bus terug. De omgeving, de overweldigende vegetatie, heeft overigens veel weg van Bwindi (Oeganda).

Nadat iedereen zich weer bij de bus verzameld heeft gaan we terug naar het motel om onze spullen op te halen. Jeroen is nog steeds behoorlijk boos op een medewerker van het hotel die als gids gefungeerd heeft. Ook stom van Jeroen om eerst te betalen. Normaal gesproken betaal je als je een dienst geleverd is. Iets Belgisch?

Er wordt veel heen en weer gesproken voordat we dan eindelijk naar Buéa kunnen vertrekken, de plaats van waaruit de Mount Cameroun beklommen kan worden.

Zoals eerder geschreven zijn er veel bananen- en rubberplantages. Het heuvelachtige landschap biedt verrassende uitzichten op de groene uitgestrektheid.

Om een uur of 12 komen wij in hotel Parliamenterian Flats waar we 2 nachten verblijven.

De kamer is niet echt schoon, wormen komen uit bad en wastafel, maar dat zijn we inmiddels wel gewend. Na het uitpakken van onze spullen gaan we naar het centrum van Buéa, althans dat denken we. Volgens Jeroen is de weg die we net gereden hebben ook de weg naar “het centrum”. Na 2 uur gelopen te hebben en nog steeds niet iets van een centrum te hebben ontdekt gaan we maar ergens langs de kant van de weg van drinken en overleggen wat we gaan doen. Voor het terrasje is men brochettes aan het grillen en omdat we toch wel wat trek hebben proberen we of deze lekker zijn.  Ze zijn redelijk, maar wel veel vetlellen.

Om het hele stuk weer terug te lopen en dan nog eens naar de ‘town-market’ daar hebben we niet echt veel zin in. Met andere woorden, het wordt een taxi. Er zitten nog een paar mensen in, dus zo sight-seeing wij het plaatjes voordat de chauffeur ons bij de markt afzet. We boffen. Er is daadwerkelijk markt en een drukte van jewelste. De weg naar de markt is geasfalteerd, maar de markt zelf is één en al aarde. Gelukkig is het nu droog, want anders zo het een grote modderpoel zijn.  Het is gezellig te lopen. Ik koop wat ondefinieerbare vruchten (althans voor mij) die overigens lekker smaken. We lopen weer langzaam naar het hotel terug. Op de hoek is nog een lokaal terrasje waar we wat gaan drinken. Ook hier weer een tweetal mamma’s die eten bereiden. De biedt weinig restaurantjes en dit lijkt ook eerlijk gezegd ook niet veel. We zien erg veel vissenkoppen op de grill. Het zal waarschijnlijk eten in het hotel worden.

Wanneer het biertje op is gaan we maar weer terug naar het hotel. De rest van de groep is er inmiddels ook.  Ook zij hebben besloten om in het hotel te eten. Het eten laat lang op zich wachten. We bestellen dan ook maar en ga beneden in de “lounge’ nog maar een biertje drinken. Afgesproken is dat het personeel ons roept als het eten zover is. Het blijkt te werken. Tijdens het eten hebben wij afgesproken met de partner van een van de klimmers om morgen met elkaar naar Limbé te gaan. 

Met Jeroen hebben we gesproken dat wij het vreemd vinden dat er door Koning Aap niets geregeld is qua activiteiten. De beklimming van Mount Cameroun is facultatief, maar eigenlijk is het qua planning standaard in de reis en moeten degene die niet de beklimming doen maar iets voor zichzelf regelen. Vinden we dus heel slecht. Met name ook omdat er maar 3 deelnemers aan deze beklimming meedoen.  Nog vreemder vinden wij het dat Jeroen zelf mee gaat. Had hij volgens ons ook kunnen doen in de 14 dagen dat hij hier eerder was. Hij ziet dat anders dan wij, zoals hij ook andere zaken anders zag dan wij.

 

 

Zaterdag  23 oktober – Buéa

De klimmers zijn vroeg vertrokken. We hebben ze wel gehoord, maar het bed was nog te lekker om eruit te gaan en hen nogmaals sterkte te wensen.

Om plm. 09:00 uur hebben we afgesproken om met z’n 3-en naar Limbé te gaan. Op zich nog een hele onderneming. Eerst gaan we met de taxi naar het busstation dat plm. 7 km buiten Buéa ligt. Vervolgens met de bus, wanneer deze vol is en kan vertrekken, naar het busstation van Limbé. In Limbé gaan we met de taxi naar Churchillstreet om te ontbijten. Dat is de bedoeling, maar het valt niet mee om iets te vinden om te ontbijten. Er zijn restaurantjes genoeg, maar daar wordt geen ontbijt gereserveerd. Eindelijk worden we dan doorverwezen naar Africa shop. Nu heeft Africa shop wel geen ontbijt, maar het hotel ernaast wel. Het ziet er luxe uit. De mevrouw van het hotel denkt ons hier een plezier mee te doen, door alle 3 de tv’s op 3 verschillende zenders te zetten. Gelukkig staat het geluid zacht. Het ontbijt is heerlijk. Er is zelfs worst bij en we hebben er alle 3 een grapefruitsapje. Op de vraag of er geen jam is gaat de mevrouw meteen naar een winkel om vervolgens met marmelade terug te komen. Geweldig!

We besluiten om eerst naar de botanische tuin te gaan. Onderweg is er veel spektakel bij een Orange-winkel.  Er wordt een nieuw filiaal geopend wat gepaard gaat met veel zang, dans en luid getoeter van brommertjes.

Onderweg naar de tuin komen we nog andere groepsleden tegen. In het jungledorp in de tuin zijn ze helemaal lek geprikt. We zijn dus gewaarschuwd! In de tuin wijk wij van de geasfalteerde paden af en komen zo bij het jungledorp. Er worden opnamen gemaakt. Naderhand blijkt er een videoclip te gemaakt te worden van een “beroemde” zanger. In de tuin raken we een beetje het spoor bijster. We zijn op zoek naar het restaurant “Hot-Spot” maar komen op een heuvel bij een huis, wat niet “Hot-Spot” is. Via een kruip door sluip door weggetje komen we weer bij de geasfalteerde paden en bij Hot-Spot. Helaas hebben zij geen plek voor ons omdat alles gereserveerd is voor gasten die nog moeten komen. Jammer want je hebt een mooi uitzicht over de baai.  Dan maar de tuin uit en aan overkant iets drinken. Het is weer behoorlijk warm, maar ook vochtig. De straaltjes lopen van ons lichaam af.

Na het drankje gaan we naar de Zoo. De Zoo is eigenlijk een apenopvang. Op het moment dat wij binnenlopen wordt er net een aap binnengebracht. Van een afstandje kunnen we stiekem kijken hoe ze deze aap uit de kooi in een tijdelijk verblijf krijgen. Helaas (maar ook terecht) worden we weggestuurd. Teveel drukte voor de aap. Tijdens het rondlopen door de tuin worden we door een vrijwilliger begeleidt. Hij weet ontzettend veel over de apen en hun achtergronden af. De verblijven (eigenlijk stukjes grond) zien er mooi en verzorgd uit. Dit in tegenstelling tot de kooien die ze tot begin 60-er jaren hebben gebruikt. Ze zijn nu ook bezig om nog een groot gorillaverblijf te maken. Blij dat we het gezien hebben. Bovendien hebben ze hier volgens zeggen de enige riviergorilla in gevangenschap.

Het loopt tegen 4-en als we naar Mars gaan. Een locatie, volgens de Lonely Planet, waar je  aan zee een mooie sundowner kan bewonderen.  Althans dat hopen we. De locatie is erg leuk. We kiezen voor een plekje op het terras dat een eindje in zee ligt. Iets verder op is de vismarkt. Je ruikt het niet, maar aan de rook te zien worden er aardig wat visje gegrild. De zon is goed, dus hebben we een mooie sundowner. Inmiddels is het alweer donker, dat gaat hier zo snel, als we een restaurantje gaan opzoeken. Ook hier volgen we Lonely Planet. Jammer dat deze niet helemaal up-to-date is, want het restaurant T-Complex is geen restaurant meer maar een bar. Eten is hier onmogelijk. Dan maar het ernaast gelegen restaurant Lady L. We hebben hier heerlijk gegeten en snel. Iets wat we in Kameroen niet echt gewend zijn.  Na het eten op zoek naar een taxi om ons weer in omgekeerde volgorde naar Buéa te brengen. Het vinden van een taxi is niet het probleem. Alleen bij aankomst bij het busstation van Limbé blijken er geen bussen meer te rijden. Na 16:00 uur rijden deze niet meer. Laat dat nu net NIET in de Lonely Planet staan. Wat nu. In principe hebben de meeste taxi’s geen vergunning om naar Buéa te rijden. Gelukkig wil onze taxichauffeur dat wel doen. Uiteraard tegen een veel hogere prijs dan dat we met de bus en taxi kwijt zijn, maar je moet wat. Onderweg wordt nog even bij een winkeltje gestopt. Het taxinummer aan de buitenkant van de auto moet even verwijderd worden. Hoe zo illegaal bezig. Ook de militairen cq politie is ons goedgezind. We worden niet aangehouden en komen dan ook weer veilig in het hotel. In het hotel zijn inmiddels ook andere gasten gearriveerd. We drinken nog wat en gaan dan naar bed. De afspraak is morgen; eerst rustig ontbijten en dan zien we wel weer.

 

 

Zondag 24 oktober – Buéa

Zoals afgesproken gaan we eerst rustig ontbijten. Het lijkt erop dat wanneer er meer gasten zijn ook de bediening wat sneller is.  Wanneer we net klaar zijn komt ook de partner van een van de beklimmers (degene waar we gister de hele dag zijn opgetrokken).

We spreken af om op ons gemak naar de town-market te lopen. Je moet het wel rustig aan doen wat in Buéa zelf is niets te beleven en in Limbé hebben we gister al alles gezien.

Van een andere reisgenoot hebben we begrepen dat het een leuk wandelingetje is van de markt naar de hoofdstraat. Dat doen we maar. We lopen nog niet goed en wel op de markt (eigenlijk is er geen markt, maar sommige stalletjes zijn toch wel open) of een breed geschouderde man roept ons. Eerst schenken we er geen aandacht aan, maar hij begint ons al schreeuwend na te lopen. We komen niet van hem af. Zeker niet nu hij Ben stevig vast heeft. Blijkbaar mogen we niet zo rondlopen zonder zijn toestemming en wil hij de politie erbij halen. Een man komt ons te hulp maar krijgt Ben niet los. Hij vervolgt zijn weg ook nadat Ben om hulp heeft geroepen. Eindelijk is Ben dan toch los en lopen wij snel door. Hij blijft ons achtervolgen. Als we zeggen dat we toeristen zijn en gewoon rond willen lopen, zegt hij dat we een gids nodig hebben. Op het moment dat hij dit zegt lopen een paar kinderen hem uit te jouwen. Een reden voor hem om de kinderen achterna te gaan en een reden voor ons om het hazenpad te kiezen. We lopen zo snel al onze benen op de kiezeltje kunnen naar de hoofdweg. Na een tijdje komen we in een wat rustige omgeving. Een meneer komt op ons af, het hart bonkt meteen weer in onze keel “wat wil die man!!!!!”, en verwelkomt ons in Kameroen en is blij dat er toeristen zijn. Hij is een uitgever die zijn studie door Amerikanen in Amerika heeft kunnen volgen. Ongetwijfeld een bijzonder aardige man, maar onze ervaring van zo even zijn we behoorlijk op onze qui-vive. Eindelijk bereiken we dan weer de bewoonde wereld.  Echt op ons gemak lopen we niet meer wat toch echt heel vervelend is. 

Het eerste beste terrasje wat we tegen komen gaan we wat drinken om even wat bij te komen.

Het is zondag, we zitten blijkbaar dicht bij een kerk (het stikt hier van de kerkgemeenschappen Jehova, 7e advent en nog vele, vele anderen) wat iedereen loopt met z’n bijbel onder zijn/haar arm. Ook komen er een aantal mannen op het terras zitten. Anders heel gezellig, maar we zijn toch wel wat bangig geworden. Deze mannen zijn ook heel gelovig, zeker waar het hen uitkomt. Zo moet de vrouw achter de man staan en heeft zij maar 49% zeggenschap. De vrouw is tenslotte uit een rib van Adam gekomen, dus wat heeft zij nou te zeggen! Volledig fout onderwerp, dus  Met een andere man moeten we mee naar huis zodat we kunnen zien hoe hij woont en leeft. Nu maar even niet. De regen komt inmiddels met bakken uit de hemel en wordt er snel een zeil gespannen om toch nog wat droog te zitten. Met de smoes dat mensen op ons in het hotel zitten te wachten komen we weg.

We lopen weer richting hotel. We hebben trek. Degene met wie we de dag brengen weet een leuke eetgelegenheid waar zij eerder met haar partner heeft geluncht. Helaas is het dicht. Het is tenslotte zondag. Je moet maar net weten dat alles dan dicht is. Heel prettig voor degene die niet Mount Cameroun beklimmen!!! Verder blijkt dat iedere eetgelegenheid dicht is. Om nu wat aan de kant van de weg te eten hebben we eigenlijk niet veel zin in. Het is vaak hetzelfde en zit er nu niet echt smakelijk uit. Kortom: lunchen in het hotel. De lunch is weer lekker en ook dit keer betrekkelijk snel. Ik ben moe en ga even op bed een boekje lezen en laat de ochtend aan mij voorbij gaan. Ben wil buiten wat rondlopen. Met dat idee, stel dat hij die man weer tegenkomt!!, lig ik niet echt lekker en sta dan ook maar weer op. Op het moment dat ik de hal van het hotel inloop zie ik de 1e beklimmer alweer terug komen. De partner van degene waar we de afgelopen 2 dagen mee hebben opgetrokken. Wat is ze opgelucht. Zeker door het weer van de afgelopen dagen maakte ze zich wel wat zorgen. Gelukkig is hij moe maar heelhuids terug. Uiteraard willen we weten hoe het geweest was. Onder het genot van een biertje doet hij zijn verhaal. De beklimming was heel zwaar en hij had geen goede schoenen (schoenen hadden het tijdens de tracking begeven), veel glijpartijen. Hij vond het wel zo mooi geweest. De andere 2 en Jeroen zijn op weg naar de top, als het goed is.  Nadat hij een lekker bad genomen had met elkaar gegeten. Tijdens het eten werd een brief van Jeroen gebracht. Ze hadden de top gehaald, maar waren niet meer in staat om naar beneden te komen. Wij moesten morgen maar naar Kribi vertrekken, zij zouden een dag later komen. Ik vind dit dus echt niet kunnen. Terecht dat wanneer één van de beklimmer niet meer in staat is om naar beneden komen er dan in de hut ergens op de berg overnacht wordt, maar als reisbegeleider laat je het grootste deel van  groep niet alleen. Maar ook dit zullen we ongetwijfeld verkeerd zien.

 

 

Maandag 25 oktober – Kribi

Zonder Jeroen, (is het echt een gemis of is het eigenlijk wel zo relaxed?), en de andere 2 beklimmers gaan we naar Kribi. Een plaats waarvan gezegd wordt om vooral niet alleen op het strand te lopen en te liggen. In Douala stoppen we bij de bakker om iets voor de lunch te kopen. Het is even zoeken naar de bakker en voor ons mooi de gelegenheid om iets van Douala te zien. Douala is een rommelige vieze stad. Althans hetgeen wij gezien hebben.

Het lag in de bedoeling om de laatste dag van onze reis voor een deel in Douala door te brengen, maar door de sightseeing zien we hier maar van af. Ik moet wel zeggen dat er bij de bakker erg smakelijk lekkernijen lagen. Het zoeken naar de bakker was dan ook de moeite waard. Na een uurtje  verder te hebben gereden, weer even een stop voor een drankje. In de loop van de middag komen we in het hotel Panoramique in Kribi aan. Het hotel valt tegen. We hadden gedacht de laatste paar dagen een hotel aan zee te hebben. Helaas het ligt in de stad en de kamer heeft geen raam waar het buitenlicht door heen komt. Een donker hok dus. De andere kamer die ons aangeboden wordt is niet veel beter, dus blijven we bij het oude.

Een van de reisgenoten gaat met Ruth, omdat Jeroen onderweg naar Kribi is,  naar het ziekenhuis. Ze voelt zich behoorlijk ziek. Jammer dat Jeroen er niet voor haar is, want hier is het weer Franstalig, Ruth spreekt alleen maar Frans,  wat toch wel lastig is om uit te leggen wat je hebt. Ze is behoorlijk uitgedroogd en moet eigenlijk voor een paar dagen aan het infuus. Dus maar niet. De medicijnen moeten maar even helpen tot ze thuis is. Na het uitpakken, we blijven hier tenslotte een paar dagen, even met een biertje bijkomen. Een aantal van ons willen meteen voor morgen een bezoek aan de watervallen regelen. Helaas kan dat niet omdat Ruth dat niet mag en Jeroen er dus niet is. Het is dus wachten op Jeroen.

Hierna gaan we op pad om het plaatsje te bekijken. Helaas zijn we snel klaar. Ik moet wel zeggen dat het plaatsje meer te bieden heeft dan Buéa, maar daar is helaas weinig voor nodig. Op het terras van “Regard de monde” drinken we een biertje. De mevrouw die ons het biertje brengt wil graag onze naam en telefoonnummer weten. Zij wil graag met een Nederlandse man trouwen. Deze zijn toch beter dan de Afrikaanse man. Het is een gezellig plekje waar je zowel op het terras als op straat van alles zit.

‘s-Avonds willen we gaan eten bij een restaurantje voor in het dorp. De weg is echter onverlicht met de ervaring van de dag ervoor besluiten we toch wat dichter bij het hotel te gaan eten. We besluiten dan ook bij Big Kika te gaan weten. Onderweg komen we nog 2 reisgenoten tegen die met ons meegaan. Ben had een verkeerde keus en heeft dan ook alleen maar frietjes gegeten. De anderen hebben smaakvol gegeten.

 

 

Dinsdag 26 oktober – Kribi

Omdat er niet zoveel te doen is, doen we alles maar op ons gemak. Slapen dan ook wat uit. Ontbijten op ons gemak. En toen.... Ja waar zullen we naar toe gaan. Eerst maar even naar de hotels die direct aan het strand liggen. Is aan de andere kant van dorp. Misschien kunnen we even op het strand liggen of in ieder geval van het uitzicht genieten. Het is weer bloedheet. We lopen langs het haventje. Nou ja haventje. Er liggen wat grotere boten. Op weg naar het strand worden we aangesproken door een jongen die wel als gids wil fungeren. Jammer voor hem, maar daar hebben we even geen zin. Ook hebben we geen zin om een door hem aangewezen binnen door weggetje te nemen naar de hoofdstraat. De zondag in Buéa heeft toch een grote impact dan we gedacht hadden. Omdat het bloedheet is, is het eigenlijk een tocht van kroegie naar kroegie. Bij Hot & Cold lekker geluncht. Heerlijk stokbrood met jawel kaas en zo waar geen La Vache Qui Rit. Uiteindelijk zijn toch nog pas 16:00 uur in het hotel.  Ook Jeroen en de andere beklimmers zijn inmiddels gearriveerd. Zo te horen hebben ze het behoorlijk moeilijk gehad. Ze zeggen wel dat het moeite waard is geweest, maar als ik sommige zie lopen vraag ik mij af of het inderdaad de moeite waard is geweest. Na nog wat gelezen, gekletst en gedoucht te hebben eten we ’s-avonds bij le Moulin de Mote. Heerlijke garnalen! Het is een latertje.

 

 

Woensdag  27 oktober – Kribi

Vandaag is het plan om om 09:00 uur naar de Lobé-watervallen te vertrekken. Jeroen is er, dus wordt het tijdstip anders. Eerst moet de terugreis gechecket worden. Daar is het wachten op. Als dat geregeld is blijken we voor een lunch te moeten zorgen. Dus allemaal weer boodschappen doen. Wij besluiten om bij de watervallen te lunchen. Volgens de Lonely Planet kan je daar heerlijk vis eten. Uiteindelijk gaan we dan met de bus naar de watervallen. Het valt wat tegen ook al is het een van de weinig watervallen die direct in zee uitmonden. Na een half uurtje hebben we het wel bekeken. Ook is er geen visrestaurant te vinden. Wel zijn er verschillende mannen die ons een boottochtje willen aanbieden. Dit doen we dan ook maar. Eerst is het nog even zoeken naar een van onze reisgenoten. Hij is alleen op pad gegaan. Met twee grote boten, piroque, varen we de rivier op. Wanneer we eenmaal onderweg zijn zien wij degene die alleen op pad is gegaan op een brommertje voorbij rijden. Hij wil graag mee, dus een van de boten stopt langs de kant om hem in de boot te helpen.

De roeiers hebben er een zware klus aan. Wij ook om ons evenwicht te houden. Het is een wankel geheel en in onze boot loopt aardig het water. Hozen helpt niet echt. Het is een mooie toch, door een tropische omgeving. Helaas zien en horen we weinig dieren, maar de omgeving maakt het goed. Na een uurtje varen stoppen we om in een dorpje de lunch te gebruiken. De mamma van het dorp is tevens het hoofd van het dorp. Ze schijnt 20 kinderen te hebben. Ik kan me dan ook voorstellen dat je al snel hoofd van zo’n dorp bent. Je gezin is al bijna een dorp. Na een half uurtje lopen we weer terug naar de boten. De terugreis gaat een stuk sneller omdat we nu met de stroom meegaan. Bij terugkomst nog even wat in het hotel rondgehangen voor we met een aantal naar het strand gingen. Ik moet toch in ieder geval even gezwommen hebben, al is het in de Atlantische Oceaan. Zoals uit de boeken blijkt is er nauwelijks een smetteloos strand en de doorzichtigheid van het zeewater is te vergelijking met de zee bij Scheveningen. Toch was het wel even lekker. Terug in het hotel even gedoucht voordat we naar het afscheidsdiner gaan in het visrestaurant Barracuda.

De vis, barracuda,  was lekker. Er was in ieder geval rekening gehouden met reisgenoten die niet van vis houden. De rest was eigenlijk een fiasco. Alle frustraties van de reis met name richting Jeroen en Ruth (zij was er overigens niet bij) kwamen naar boven. Zeker toen nog Jeroen nog meldde dat hij niet meeging naar het vliegveld. Hij mocht ons toch niet afzetten omdat hij geen ticket heeft en hij moet dan weer helemaal die 2 uur terug met openbaar vervoer wat hem weer geld zou kosten. Bull-shit dus.

Na dit debacle zijn we met een tweetal reisgenoten nog bij Moulin de Mote wat gaan drinken om de spanning even te ontladen. Het werd weer laat, maar goed het is de laatste avond in Kribi, Kameroen.

 

 

Donderdag 28 oktober – Douala

Zoals al eerder geschreven heeft de groep besloten om niet naar Douala te gaan. Een stad die bekend staat om zijn sufferds, je moet er straatbekend zijn, althans volgens de boeken. Tot het eind van de middag zijn we dan nog in Kribi.We doen alles weer op onze gemakkie. Om 12:00 uur moeten we uit onze kamers. Jeroen heeft zijn kamer ter beschikking gesteld om onze spullen kwijt te kunnen. We lopen weer wat rond, want om nu de hele tijd bij het hotel te blijven heeft ook weinig zin. Bij Hot & Cold eten we onze laatste lunch in Kameroen. We hebben nu echt wel alles van Kribi gezien en gaan dan toch maar naar het hotel. Om nu weer naar het strand te gaan heb ik weinig zin in. Vooral omdat er vanmorgen geen water was. Het is niet echt prettig om met een zoute huid het vliegtuig in te stappen. Zoals gezegd brengen we de rest van de middag bij het hotel door. Het is de bedoeling om om 16:30 uur te vertrekken. Ruth wil om 15:30 uur vertrekken. Niet is iedereen van de groep is aanwezig dus is het moeilijk om nu het tijdstip weer te veranderen. Trouwens wat moeten we zo vroeg op het vliegveld. Het is plm. 2 uur rijden naar het vliegveld en ons vliegtuig vertrekt pas om 23:55 uur!!!!! We drinken dan ook op ons gemak nog het een en ander. Zeer tegen het zere been van Jeroen en Ruth. Want het loopt nu eigenlijk tegen de tijd dat zij willen vertrekken. De mensen die nog wat te drinken hebben, hebben absoluut geen haast. Uiteindelijk vertrekken we dan toch nog een half uur eerder dan afgesproken. We geven Jeroen een handje en daaaag Jeroen!

Om 18:30 uur zijn we dan ook al op het vliegveld. Gisteravond is afgesproken om Ruth haar fooi op het vliegveld te geven. Overigens een fooi die door Jeroen vooraf bepaald is. Wij vragen een drager om onze spullen naar de incheckbalie te brengen. Hierdoor hebben we eigenlijk geen gelegenheid meer om afscheid van Ruth te nemen. Echt rouwig zijn we hier niet om. Omdat we apart van de groep inchecken, we hebben een hele vlotte drager, kunnen we vragen om naast elkaar te kunnen zitten. Het is dan toch wel wat gezelliger. Gelukkig lukt dit.

Het vliegveld heeft weinig tot niets te bieden. Er is geen restauratie. In de loop van de avond komt er wel een cateringwagen langs waar we wat kleffe broodjes en wat te drinken kunnen kopen. That’s it!!!! Het duurt dan wel weg lang voordat het tijd is om in te checken. Het is overigens wel grappig dat we nadat we de diverse controles voorbij zijn gegaan, we weer allemaal uit de wachtruimte moeten, om vervolgens weer door een hele controle te gaan. Typisch Afrikaans.

Het vliegtuig komt gelukkig op tijd en na een goede vlucht, trein- en taxi reis zijn wij weer goed thuis gekomen van een enerverende reis.