Reisverslag Uganda – Rwanda

2 september – 2 oktober 2009

 

Organisator: Habaritravel (www.habaritravel.nl)

 

Deelnemers: Karen en Marco, Ben en Ingrid

 

Gids en chauffeurs: Annette en Isma (Uganda) en Nathan (Rwanda)

 

 

 

Woensdag 2 september 2009 - Brussel

Omdat we donderdag heel vroeg vanuit Brussel naar Entebbe (Uganda) vliegen, besluiten we om een dag eerder naar Brussel te gaan en daar in het IBIS-hotel vlakbij het station te overnachten.

Onze lieve buurman Rob is zo vriendelijk om ons naar het station te brengen. Dat is erg fijn vanwege onze rugzakken die behoorlijk vol zitten met spullen voor Annette en haar zoon Antonio en dus zwaar P1000500.JPGzijn. Van onze vriendin Ria hebben we veel kleren, tandenborstels, tandpasta, etc. meegekregen voor Antonio. Isma de chauffeur en Annette kennen we inmiddels een paar jaar en in het bijzonder met Annette hebben we vaak contact. We vinden het dan ook bijzonder leuk dat zij ons tijdens deze reis vergezellen.

We hebben de trein van even 12:00 uur en zijn rond 14:00 uur in ons hotel. Snel even alle spullen in de kamer zetten, want willen nog naar het centrum. Het is even zoeken, maar we vinden dan toch nog de Grote Markt. De terrasjes op het plein zitten behoorlijk vol, het is ook prachtige weer. Na de Belgische pintjes lopen we nog wat in de stad rond en komen natuurlijk ook bij Stoofstraat/Eikstraat waar in een hoekje het standbeeldje van Manneke Pis staat. Ooit in opdracht van het stadbestuur gemaakt als versiering van een publieke fontein waarbij het lijkt alsof het jongetje urineert. Ons is vertelt dat het bij speciale gelegenheden bier of wijn plast in plaats van water. Maar dat even terzijde. We lopen op ons gemak verder richting hotel. Het is nog te vroeg om de stad te eten en we willen graag voor het donker in ons hotel zijn. We maken dan ook de fout om in het hotel te eten. Wat een vergissing! Het is absoluut niet lekker! De kip met championsaus en rijst van Ingrid, blijkt een ragout (en zo te proeven uit blik) waar kraak nog smaak aan zit. De hamburger van Ben was ook al niet veel. Dit terwijl je in Brussel zo lekker zou kunnen eten. Na nog wat aan de bar te hebben gezeten willen we naar bed. Dus even afrekenen. Dat even bleek het niet even te zijn. Nadat we de rekening hadden betaald en wij voor de liften stonden te wachten kwam de ober ons achterna. Het bleek dat we een verkeerde rekening hadden betaald. Het viel ons wel op dat de rekening nogal laag was. Maar ja, het slechte eten zal dan ook wel niet zo duur zijn geweest, dachten we. Ook het narekenen, het omwisselen met de goede rekening liet allemaal even op zich duren. Na een half uur konden we dan toch naar onze kamer. De kamer was overigens prima. Het is een echt zakenhotel.

 

Donderdag 3 september – Brussel – Entebbe (Uganda)

We staan rond 06:30 uur op. Het regent. Op ons gemak willen we nog even ontbijten voordat we met de trein naar de vlieghaven Zaventhem gaan.

Je kunt het je bijna niet voorstellen, maar het ontbijt was nog slechter dan het eten van gisteravond. Oud brood, rauwe eieren waar niets naast stond waarmee je het nog zou kunnen koken, uitgedroogde wevertjesinvogelbadguesthouseentebbe.jpgplakjes kaas, etc. Kortom: niets lekker om te ontbijten. Een kopje thee/koffie en dat was het wel. Een slechte ervaring wat we zeker niet nog eens zouden doen. Volgende keer dan maar heel vroeg uit onze woonplaats vertrekken om op tijd in Zaventem te zijn.

Het inchecken op het vliegveld ging heel vlot. Gisteren hebben we dat thuis nog online kunnen doen en dat scheelt echt. Het is nog een behoorlijk stuk lopen naar de gate waar vandaan we vertrekken. Nadat we allerlei controle checks hebben ondergaan, drinken we nog even een kop koffie voor we verder lopen. Dat is maar goed ook, want na de toegang tot de gate, blijkt dit niet meer mogelijk te zijn.

Het inchecken gaat redelijk snel. We hebben fijne plaatsen. Aan Imke, medewerkerster van Habari, had ik gevraagd om, als het kon, ons aan het gang pad te zetten. Achter of naast elkaar was geen probleem en dat is gelukt. Na enige wisselingen van passagiers naast en achter mij kon Ben naast mij zitten. Dat was natuurlijk helemaal goed.

Ja, wat moet je verder van een 10 uur durende vliegreis vertellen. Weinig. Nou ja, we maakten nog een tussenlanding in Kigali, de hoofdstad van Rwanda. We moeten in het toestel blijven terwijl de schoonmaaksters het toestel aan het opruimen waren. Even een onderbreking van een saaie vlucht zullen we maar zeggen. Een beetje raar, want Kigali ligt zuidelijker dan Entebbe, dus moeten we weer terugvliegen. Maar op een reis van 10-11 uur maakt een tussenlanding ook niet zoveel meer uit. Normaal gesproken is het nog wel even rondkijken of je wellicht nog medereizigers ziet. Dat hoefden we dit keer niet doen omdat we 2 dagen eerder aankomen dan dat de daadwerkelijke reis begint.

Op het vliegveld in Entebbe staan Paul (de broer van onze vriend Bart, eigenaar van Habaritravel) en zijn chauffeur Faroek ons op te wachten. Het is niet ver rijden als we dan uiteindelijk weer in het vertrouwde Airport Guesthouse Entebbe (http://www.gorillatours.com/gorilla-tours/airport-Guesthouse-entebbe.html) zijn. Hier krijgen we een mooie kamer (nr. 4) toegewezen. Zo in eerste instantie is er weinig veranderd. Er zijn wat wisselingen in het personeel en er zijn twee kamers bijgebouwd, maar verder het er als vanouds uit. Met Paul drinken we nog wat in de mooie tuin onder een stralende sterrenhemel. We horen van hem dat morgenavond onze twee medereizigers arriveren met nog een groep die de Uganda-Tanzania reis gaan doen. Leuk om ze te ontmoeten. Tegen 23:00 uur vinden we het tijd om naar bed te gaan. Wat we morgen gaan doen weten we nog niet. Misschien dierentuin, bezoekje brengen aan Kampala, misschien een boottocht door het moeras. We zien het wel. We zullen in ieder geval geld moeten tappen. Nu maar eerst lekker slapen.

 

Vrijdag 4 september – Entebbe

Na een goede nachtrust in een heerlijk kingsize bed worden we toch bijtijds wakker. Na het ontbijt krijgen we een telefoontje van Bart of we zin hebben om vanavond bij hem en Virigo (zijn vrouw) te komen eten. Het is leuk om hem na zijn dag in Burgers Zoo weer te zien, dus "Ja, we hebben zin en komen". Tegen 16:00 uur worden we verwacht en afgesproken wordt dat Faroek ons zal brengen. Ook weer geregeld. We besluiten om het vandaag lekker rustig aan te doen.

P1000510Faroek moet van Paul nog wat boodschappen doen waarvoor hij ook naar de bank moet. Een mooie gelegenheid om met hem mee te rijden naar de Stanbic-bank in Entebbe. We kunnen met de auto niet bij de bank komen. De weg is voor een deel afgesloten omdat vandaag de president Museveni (sinds 1986 president) een school en een waterleidingbedrijf komt openen. We worden dan ook ergens afgezet en lopen verder naar de bank. Voor de pinautomaat staat een rij van hier tot Tokio. Het is het begin van de maand. Een dag waarop onder andere het schoolgeld voor de komende 3 maanden betaald moet worden. Automatische afschrijvingen of iets dergelijks is hier nog niet echt ingeburgerd, dus staan veel mensen in de rij om het geld op te nemen en vervolgens elders weer af te geven. Het is leuk om te zien hoe dit alles reilt en zeilt. Het gaat allemaal nog betrekkelijk snel voor Ben aan de beurt is.

Als dit achter de rug is lopen we naar Kitoro een wijkje net buiten het "centrum" van Entebbe. Er blijkt markt te zijn. Zoals alle Afrikaanse markten is het ook hier, in onze ogen, een zooitje, maar altijd weer leuk om over heen te lopen. In een lokale kroeg drinken we wat. Naast ons is een restaurantje waar op een houtskoolvuurtje de gerechten worden bereid. Een aantal bezoekers in ons kroegje krijgen netjes hun bestelling die zij bij de buren hebben gedaan, aangereikt. Het ziet er smakelijk uit.

Even na lunchtijd lopen we weer naar het Guesthouse waar we een lekkere sandwich bestellen. Het is prachtig weer met een stralende zon, dus Ingrid gaat er even helemaal voor zitten. Ook al kan ze goed tegen de zon, is het wel uitkijken. De zon staat echt pal boven haar. Tegen 15:00 uur worden we door Faroek geroepen dat hij zo weggaat. Snel frissen we ons wat op, verzamelen de zakken drop, het stuk belegen kaas, de zak met kruidnootjes en dan kunnen we weg.

Bij aankomst staan Virigo en, tot onze grote verrassing, Annette ons op te wachten. Bart komt wat later. Hij is nog volleybaltraining aan het geven. Het is echt goed hen weer terug te zien. Alle wetenswaardigheden worden weer uitgewisseld en voor we het weten is het weer tijd om naar Entebbe terug te gaan. Afgesproken wordt dat wij na onze rondreis elkaar weer treffen.

Annette rijdt met ons mee. Vanaf nu geldt dit voor haar als werk en moet zij ook de andere gasten op het vliegveld verwelkomen.

Ook al is Ingrid behoorlijk moe (waarschijnlijk van het niets doen), toch wachten we op de andere reisgenoten. Wel zo aardig om hem welkom te heten, ja toch niet dan? Tegen 22:00 uur komen ze aan en ontmoeten we onze reisgenoten Karen en Marco. Corine, Marijn en Jeroen gaan met nog een stel (dat later aankomt) de kampeerreis Uganda-Tanzania doen. Na wat met elkaar gedronken gaan, nemen we afscheid en gaan naar bed.

 

Zaterdag 5 september – Entebbe

Vandaag gaan we met de hele groep naar bank, want ook de anderen moeten geld wisselen. Dit keer lopend. Het is ongeveer een half uurtje en wel zo lekker om "even iets sportiefs" te doen. Gelukkig staat er deze keer niet zo'n rij. Misschien komt het omdat het zaterdag is? Nadat iedereen geld heeft gepind of heeft gewisseld gaan we naar de Entebbe Zoo (http://www.ugandatourism.org/Entebbe%20Zoo.php) ofwel de dierentuin. Iedere keer als wij in Uganda zijn gaan we wel een keer kijken. Steeds is er wel iets nieuws te zien, plus het feit dat we een bijdrage leveren aan het educatieve karakter van de tuin. De tarieven zijn hier zo opgesteld dat de lokale bewoners er voor een gereduceerd bedrag in mogen. Ook voor Afrikanen zijn aparte tarieven en voor de toeristen. Een prima systeem omdat hierdoor ook de lokale bewoners de tuin kunnen bezoeken. Ook al is het voor de lokale bewoners nog steeds een aanzienlijk bedrag. In de dierentuin gebruiken we ook de lunch. Hierbij moet je goed op je maaltijd letten want voor je het weet heeft een Vervet monkey het gepikt. In de loop van de middag wandelen we weer op ons gemak naar het Guesthouse. Nog even lekker in het zonnetje zitten, drankje erbij. Het is hier wel uit te houden. Omdat er redelijk veel gasten zijn gaan we bbq-en. Het is erg lekker, maar vooral gezellig. We wachten nog even op de medereizigers die met Corine, Marijn en Jeroen de trip Uganda-Tanzania gaat doen. Na ook hen welkom te hebben geheten, drinken we nog wat met elkaar. En wie zien we dan ineens verschijnen? Onze vriend Isma. Ook voor hem geldt dat we blij zijn hem weer te ontmoeten. (Zie onze pilot-reis Uganda-Tanzania 2005). Morgenochtend vertrekt iedereen. Annette vertelt aan Karen, Marco en ons hoe laat we vertrekken en wat het programma voor morgen is. Lydia, de gids van de andere groep, vertelt ook haar programma. Het is grappig te horen dat we elkaar morgenavond op de campsite Red Chilli (http://www.redchillihideaway.com/paraa.htm) bij Murchison Falls weer treffen. Karen, Marco en wij zullen er in banda's slapen, terwijl de andere groep hun tentje gaan opzetten.

 

Zondag 6 september - Entebbe – Budongo-forest - Murchison Falls

Vandaag begint dan de "echte" reis. Het regent. We staan vroeg op om op tijd te vertrekken. De andere groep is al vertrokken. Ook zij doen de reis per jeep. Vanwege de bagage (koffers, maar ook de tenten en het kookgerei) hebben zij echter een aanhanger bij zich. Omdat wij maar met z'n zessen (incl. Isma en Annette) zijn en geen kampeergerei nodig hebben, is dat bij ons niet nodig. Op de weg van Entebbe naar Kampala, niet zo ver van het Guesthouse, is net een ongeluk gebeurd. Een auto tegen een lantaarnpaal. Isma stopt om te kijken of hij hulp kan bieden. Dit blijkt niet nodig te zijn en kunnen wij verder rijden. Onderweg zien we zomaar ineens 3 pelikanen. Nou, onze eerste dieren hebben we bij deze al gespot. Het is een mooi groen landschap. Er worden bossen aangelegd, zodat er geen bomen uit het oerwoud worden gehaald voor brandhout. Ondanks dat zien we toch wel veel omgekapte stukken oerwoud. De weg van Kampala naar Masindi (Masindi is een district in westen van Uganda. Net als andere Ugandese districten is het genoemd naar zijn hoofdstad. Het district telt 405.042 inwoners. De landstreek waarin het district zich bevindt is relatief droog, maar vruchtbaar genoeg om een overwegend agrarische bevolking te voeden.

De meeste van de inwoners zijn arm en wonen op het platteland. Masindi is ook een marktplaats langs de de mooi geasfalteerde weg van Kampala naar het Murchison Falls National Park.). Er wordt hard aan de wegen gewerkt. In Masindi gebruiken we de lunch. Ingrid's eerste samosa. Lekker. Onderweg moeten we met de auto snel langs de kant van de weg, want worden met een gigantische snelheid ingehaald door een aantal auto’s die bij de President behoren. Het is echt maken dat je weg komt van hun route! Intussen het zonnetje weer gaan schijnen en rijden we door prachtige bananen- en citrusplantages. In de loop van de middag komen we in Budongo Forest aan. Dit bos is een vochtig, semi-bladverliezend tropisch regenwoud gelegen op de top van de Albertine Rift. Een belangrijk doel van de Budongo Forest Conservation Field Station is te bestuderen en de chimpansee tegen de lokale bevolking te beschermen. De chimpansees van het Budongo Bos werden voor het eerst onderzocht in de jaren 60. We hebben nog even de gelegenheid om goede schoenen (met Teva's is het niet zo lekker lopen) aan te trekken, sokken in lange broek vanwege eventuele insecten zoals rode mieren. Very charming! Van 600-700 chimpansees die hier hun thuis zouden moeten hebben zien wij er helaas niet één. Na een uur gelopen te hebben, plm. een uur te hebben staan wachten (in de hoop ze misschien toch nog te zien) lopen we weer terug. We hebben geen enkele aap gezien. Jammer. Maar we krijgen nog meer kansen. Op zich is het wel leuk om door een dergelijk oerwoud zonder paden te lopen. Een hoop gestruikel vanwege lianen en bukken voor laaghangende takken. Is dit leuk? Ja, zelfs Ingrid vindt het leuk.

Afbeelding 066Na de wandeling rijden we verder naar Murchison Falls. Onderweg halen we de andere groep in. Ze rijden beduidend langzamer dan wij.  Kan ook bijna niet anders als een aanhangertje achter je jeep hebt hobbelen. Ook de weg is beduidend minder geworden. Asfalt heeft plaatsgemaakt voor de bekende rode aarde, zand, stof, bobbels, etc. Na het gehobbel komen we tegen 18:00 uur op de campsite Red Chilli. Voor ons is het alweer 6 jaar geleden dat we hier voor het laatst geweest zijn. Op zich is er niet veel veranderd. Er zijn banda's en een extra gebouwtje voor sanitair bijgebouwd. Het gebouw waar het restaurant en bar is, is nog hetzelfde gebleven. Het stel dat de camping toen runde is er helaas niet. Annette weet ons te vertellen dat de man van het stel tijdens een reddingsactie bij de watervallen als hapje voor een krokodil heeft gediend. That's live in Africa! Met Karen en Marco delen we een huisje. Zitkamer, badkamer/toilet en twee slaapkamers. Helemaal prima voor 2 nachten. Als we achter een koel drankje zitten komt de andere groep aan. Er wordt afgesproken om met elkaar te eten. Om de keuken alvast voor te bereiden geven we nu al door wat we willen eten. Tijdstip van eten: 19:30 uur. Mooie tijd. In de tussentijd even lekker douchen, bijkomen van het gehobbel, de dag even met elkaar doornemen en niet te vergeten het dagboekje bijwerken.

Het eten is heerlijk en gezellig. Na het eten is het nog even wat drinken en dan naar bed. Morgen om 06:00 uur op voor de eerste gamedrive. We hebben er zin in!

 

Maandag 7 september - Murchison Falls

Zoals al eerder geschreven 06:00 uur op. Even een kop thee/koffie en dan in de jeeps (we gaan met de andere groep) naar de pont om ons naar het National Park te laten brengen.

We zouden naar de pont kunnen lopen maar vanwege de dieren is het te gevaarlijk en mag dat dus niet. Het duurt even voor de motoren van de pont starten en de auto's erop mogen.

Om het park te bezoeken moeten we met een pont de Witte Nijl over. Het is een korte vaart waarbij wij de zonsopgang mogen bewonderen. Een prachtig gezicht als je de zon zo over het land ziet opkomen. Als stadsmensen maken we dit in Nederland niet dagelijks mee. De vorige keer dat we in dit park waren hebben we voor het merendeel met de auto in de modder vastgezeten. Nu is dit gelukkig niet het geval en kunnen we van het park genieten. Het Nationaal park Murchison Falls is een park in het noordwesten van Uganda en strekt zich landinwaarts uit vanaf de oever van het Albertmeer. De Witte Nijl stroomt van oost naar west door het park en heeft wilde watervallen en stroomversnellingen. Het 3860 km² grote park is genoemd naar de Murchison watervallen, die weer genoemd zijn naar de Schot Roderick Murchison, oprichter van de Royal Geographical Society; het park wordt ook wel Kabalega Falls National Park genoemd. Het ligt op ongeveer 6 uur rijden van Kampala. In het park  leven o.a. Rothschild-giraffen, olifanten, nijlpaarden, buffels, hartebeestenen, waterbokken, Uganda kobs, oribi’s, wrattenzwijnen, bavianen, pata’s aapjes en diverse soorten vogels. Het wild heeft zich gedeeltelijk hersteld van de slachting door stropers en soldaten van Idi Amin. Het park grenst aan het Budongo Central Forest Reserve (waar we gisteren de chimp-walk hebben gedaan), het Kaduma Game Reserve en het Aswa-Lolim Game Reserve. We zien inderdaad giraffen, maar ook olifanten en alle andere genoemde diersoorten. Tegen 12:00 uur gaan we weer terug naar de pont. We moeten op tijd zijn want de volgende gaat pas om 14:00 uur en voor de middag staat een boottocht op het programma.

Als we op de campsite komen gaan we eerst maar onze lunch bestellen. We hebben eigenlijk wel trek, na alleen een kopje koffie/thee om 06:00 uur. Terwijl we op de lunch wachten genieten we van het zonnetje. Ook de andere groep is intussen teruggekomen. Zij hebben een ander deel van het park bezocht, maar zijn dezelfde soort dieren tegen gekomen.

Na de lunch is het weer tijd op te vertrekken. We gaan weer naar de pont. Deze keer gaan we niet met de pont maar met een boot naar de watervallen. We gaan wat vooraan zitten omdat het motortje van de boot behoorlijk wat herrie maakt en stank achterlaat. We varen langs de kant en zien geweldige krokodillen, nijlpaarden, diverse vogels en natuurlijk weer de diverse herten. De lucht begint behoorlijk te betrekken en in de verte horen we gerommel en zien we lichtflitsen. Het is te hopen dat dit niet onze kant op komt. Helaas, ja dus! Het begint ineens enorm te waaien en grote regendruppels vallen op ons neer, ondanks dat het bootje een overkapping heeft. Donder en bliksemschichten volgen elkaar bijna naadloos op. Lekker op het water!? We gaan maar wat meer naar de oever om te schuilen. De schipper doet hard zijn best om ons zo droog mogelijk te houden door zeil aan de zijkant van de boot te spannen. Helaas helpt dat weinig. We slaan reddingsvesten om ons heen in de hoop toch nog wat droog te blijven. Omdat dit niet voorzien was hebben wij natuurlijk geen regenjacks bij ons. Binnen de kortste keren zijn we dan ook doorweekt.  Op de vraag of we wel of niet door moeten varen, besluiten we toch verder te gaan. De watervallen zijn niet zover meer. Het doorvaren is de moeite waard. Met een geweldig geraas stort het water naar beneden. Het is een prachtig gezicht. We blijven een tijdje hier naar kijken. Als iedereen het weer mooi genoeg gevonden heeft, gaat de boot naar de kant. De andere groep gaat namelijk naar de bovenkant van de waterval lopen. Wij laten ons echter naar het beginpunt terugvaren. Op de terugweg is weinig te zien. Ook dieren zijn waarschijnlijk gaan schuilen voor de regen en het onweer. De zeldzame schoenbekooievaar laat zich dan ook niet zien. Wanneer we weer bij het beginpunt zijn, staan Annette en Isma ons op te wachten. Annette had graag meegewild maar vanwege plaatstekort ging dat helaas niet. Met dit onweer en regen heeft ze dat achteraf niet erg gevonden. Gelukkig heeft het in de banda's niet ingeregend, ondanks dat er zo her en der wat ramen openstonden. Ingrid heeft tussen de middag nog even een wasje gedaan. Annette heeft deze binnen gehaald en is het nu droog. Dank je, Annette. Ingrid heeft het koud en gaat zodra ze in de banda is lekker onder de warme douche staan om weer wat bij te komen. Het water wat op de campsite voor de douche en toilet wordt gebruikt komt van de rivier. Het ruikt dan ook niet echt lekker en het ziet wat bruin. Maar het is al lekker dat er water is. Helemaal fruitig en fris gaan we naar het restaurant om wat te drinken en de wandelaars op te wachten.

Tegen 18:00 uur komen ze terug. Moe maar voldoen. Het bleek toch een hele klim te zijn geweest. Tegen 19:30 uur gaan we weer met elkaar eten. Tijdelijk voor de laatste keer. Klinkt raar, maar een paar dagen zien we elkaar niet. In Kibale zullen we elkaar weer tegenkomen.

 

Dinsdag 8 september - Murchison Falls - Hoima

Hieperdepiep hoera, Ben! Het is alweer vroeg opstaan. Inmiddels zijn we er aan gewend en zijn dan ook voor de wekker wakker. Vannacht heeft het behoorlijk geregend en het is nu bewolkt. De andere groep is al druk bezig om hun tenten in te pakken als we aan komen lopen. Zij hebben een lange rit naar Kibale voor de boeg. Gezamenlijk ontbijten we nog, voordat Karen, Marco, Ben en Ingrid een boottocht naar de Delta maken. We worden door de andere groep vrolijk uitgezwaaid. Weer worden we naar de pont gereden en halen onderweg meteen de schipper op. Het is dezelfde boot inclusief schipper als gisteren. Dit keer kan Annette wel mee. Nu maar hopen dan we geen regen krijgen, maar dit keer zijn we voorbereid. Onderweg zien we op de kant een klein nijlpaardje liggen. In eerste instantie denken we dat het dood is. Het ligt zo rustig en er is verder geen moeder of iets anders te ontdekken.

bovendewaterval.jpgAls we dichterbij komen schrikt het in eens op en wankelt naar de waterkant en plonst het water in. Zo te zien is het slechts enkele dagen oud. Af en toe komt het koppie nog even boven, maar op een gegeven moment is het verdwenen. Zou het verdronken zijn? We varen verder en zien wat vogels (o.a. Kingfishers), weer een groep grote krokodillen op een eilandje (het zijn echt prehistorische dieren) en veel papyrusstruiken. We varen en varen en het wordt steeds meer bewolkt. Aan de overkant van het meer zien we Kongo liggen. We keren en varen weer terug. De eerste regendruppels vallen. Zouden het maar een paar spatjes zijn en de regenbui overdrijven? Er is weinig te zien aan de oever. Wij denken dat dit door het weer veroorzaakt wordt. De regenbui is niet overgedreven en het regent dus behoorlijk. Niet zo erg als gisteren, maar toch. De regenjacks worden te voorschijn gehaald en aangetrokken.

Op de plek waar we het kleine nijlpaardje hebben gevonden, steek ineens moeder- en kindnijlpaard hun koppen boven het water. Gelukkig, het kleine nijlpaardje is niet dood. Tegen de middag komen we op de plek aan waar vandaan we vertrokken zijn. Isma staat ons vrolijk wuivend op te wachten.

Na de lunch (lekkere sandwich en hamburgers), die we nog in Red Chilli gebruiken, pakken we alle spullen in en rijden naar de bovenkant van de watervallen. Ingrid weet niet wat zij nu mooier vindt. De neerstortende waterval of de bovenkant. De bovenkant heeft ook een prachtige natuur, mooie bloemen, mooi uitzicht, uitgesleten rotsen. We lopen een klein stukje naar beneden. Enkele van ons poseren als een zeemeermin. We zeggen niet dat een van hen Annette is. Wellicht een nieuw sprookje? Er was eens een zwarte zeemeermin die bij Murchison Falls leefde….. . Ingrid ziet een overlander van Drifters (ook een reisorganisatie). Met deze organisatie is een collega van haar ook door Uganda aan het reizen. Ze kan de collega echter niet ontdekken. Er rijden meer overlanders van Drifters, dus wie weet komt ze hem toch nog ergens tegen. Na een half uurtje hier rondgelopen te hebben stappen we weer in de jeep en rijden naar Hoima. Het is een weer een hobbelige, Afrikaanse zandweg. En zoals de brochure ook aangeeft bestaat het landschap uit dorpjes, koffievelden en bananenplantages. Het is aan Isma zijn stuurmanskunst dat we niet met ons hoofd tegen/door het dak aan zitten. Ondanks het gehobbel vallen wij af en toe toch wel even in slaap. Sommige stukken van de route missen we dan ook.

Tegen 17:30 uur komen we in Hoima aan. Hoima is een plaats en een district in het westen van Uganda. Hoima telt 349.204 inwoners op een oppervlakte van 5775 km². De westelijke begrenzing van het district wordt gevormd door het Albertmeer. Het hotel waar we oorspronkelijk zouden slapen is vol. Althans de kamers die geboekt zijn, zijn helaas niet beschikbaar. Gelukkig weet Isma een alternatief. Het African Village questhouse (http://www.traveluganda.co.ug/africanvillageguestfarm/). Het ziet er leuk uit. Kleine ronde huisjes (banda's) met sanitaire voorzieningen. Het is even lopen naar het restaurant, maar dat is absoluut niet erg. We lopen door een mooi aangelegde tuin, waar in de bomen Colobus of wel Franjeaapjes huizen. Het ziet er allemaal even leuk uit (op de toiletten na). Isma is weer zoals gebruikelijk snel verdwenen en zoekt zo zijn eigen slaapgelegenheid op. Annette slaap in een van de banda's.

 

Woensdag 9 september - Hoima - Kibale Forest

Na lekker geslapen te hebben en het ontbijt genuttigd te hebben vertrekken we weer uit Hoima. Het is een mooi groen landschap waar we doorheen rijden. Zo her en der theeplantages, kleine dorpjes waar kinderen in allerlei kleuren uniformen naar school gaan. Het is een vrolijk gezicht. Wij worden met Mzungu (witte) toegeroepen en toegezwaaid. Intussen kennen wij de tegenhanger van Mzungu, te weten Mudugav (ofwel Afrikaan). Bij een lokale markt stoppen we. Annette koopt een tros bananen en wat gebakken banaan voor ons. De gebakken banaan hebben we nooit eerder gegeten. Het smaak niet zo als bij de ons wel bekende Chinees of Indo. Er zit kraak nog smaak aan en is behoorlijk droog. Niet echt een succes, maar dat weet je pas als je het geprobeerd hebt. Toch? Door diverse mensen wordt ons ook een soort van saté's aangeboden. Als je ziet hoe het vlees hier bij de slager hangt dan heb je ook even geen trek in deze sateetjes. We hebben nog even te gaan voor we weer in Nederland zijn, als je begrijpt wat ik bedoel. We snijden een stuk van de weg af door een stukje richting Kampala te rijden. Dat is wel even lekker, een stukje asfalt, maar ook minder leuk. In Fort Portal stoppen we. Fort Portal is een stad in het westen van Uganda en hoofdstad van het Kabarole district. De stad is vernoemd naar het door Sir Gerald Portal, de Britse speciale commissaris voor Uganda, in 1891-1893 gebouwde fort, waarvan de ruïnes heden ten dage op het terrein van de plaatselijke golfbaan liggen. Fort Portal is gelegen te midden van het Ruwenzori-gebergte, het Kibali Forest National Park en het Queen Elizabeth National Park. Na de laatste twee genoemde parken gaan we nog. Er ligt een aantal kratermeren in de omgeving. De belangrijkste bronnen van inkomsten zijn toerisme en handel. Sinds 2005 heeft de stad een universiteit, de Mountains of the Moon University. We brengen een bezoekje aan het Garden Restaurant. In dit hotel brengen veel reizigers vaak even een bezoekje voor de lunch. Het ligt vlak bij de markt en vanaf het terras is er van alles te zien. Ook wij gebruiken hier de lunch. In de tijd dat wij lunchen, moet Isma even een "boodschap" doen. Het is de taart voor Ben zijn verjaardag. Hij was gisteren dan wel jarig, maar vandaag eten wij samen voor het laatste met de andere groep. Het is dan wel zo leuk om dan met elkaar de taart aan te snijden. Ben weet zelf nog van niets. Het wachten op Isma duurt langer dan gepland. Laat hij nu net de jeep ergens neer hebben gezet waar dat niet mocht! Hij heeft een hoop moet praten, maar dat kan je wel aan hem overlaten, om zijn boete wat naar beneden te krijgen. Na een tijdje komt hij, met taart, terug en kunnen wij verder rijden. Het is nog ongeveer anderhalf uur rijden voor we op de plaats van bestemming zijn. Onderweg zien we een dode baviaan liggen. Niet leuk. Wat wel leuk is, om alles na 6 jaar weer terug te zien, ondanks dat je natuurlijk zo her en der wel wat vergeten bent.

Tegen 17:30 uur komen we op de plaats aan waar we slapen. In het bos staat een aantal tented camps van Nature Lodge. Achter de slaapkamer is nog een compartiment waar zich een wastafel bevindt. Daarachter is het toilet en de douche. Voor de warme douche moet nog wel even een emmer warm water gehaald worden. Nadat we een biertje hebben gedronken kan een van ons zich lekker gaan douchen. Na plm. 15 minuten komt de jongen vragen of er nog meer warm water nodig is. Hierna gaat de ander onder de douche. Heerlijk. Het wel jammer dat het bewolkt is en het duurt dan ook niet lang of de eerst regendruppels vallen. Het lijkt ineens of het avond is, zo donker is het. We hebben natuurlijk liever mooi weer, maar het klinkt wel gezellig die regendruppels op het canvasdoek van de tent. Ook de andere groep is net aangekomen. Zij zijn net terug van een wandeling door het swamp/moeras. Het is leuk hen weer te terug te zien. We spreken af om in de bar wat met elkaar te drinken en vertellen we elkaar verhalen over wat we de afgelopen dagen gedaan en beleefd hebben.

De restaurant/bar is op palen gebouwd en aan alle kanten (behalve de bovenkant) open. Beneden zijn zitjes met een bar. We worden geroepen voor het diner. Met kaarslicht genieten we van het eten. Na het eten worden de kaarsen gedoofd en onder gezang van Annette, Isma en de jongens van het camp komt de taart op tafel. Wat wil je nog meer! De taart is veel te veel voor ons. Wat over is wordt aan het personeel van het camp gegeven. Na van iedereen afscheid te hebben genomen zoeken we ons bed op. Het is lekker koel in de tent.

 

Afbeelding 344Donderdag 10 september – Kibale Forest

Om 07:00 uur staan we op voor het ontbijt wat we nog met elkaar gebruiken. Daarna zwaaien we, nu echt voor de laatste keer, de anderen uit. Wij gaan ons prepareren voor de wandeling in Bigodi Wetland Sanctuary. Het moeras wordt geleid door Kibale’s Landelijke Vereniging voor Milieu en Ontwikkeling (KAFRED). Dit kleine gebied beschermt het Magombe moeras en is een goed voorbeeld van een combinatie tussen natuurbeheer en toerisme, met een direct voordeel voor natuur en mens. Dit moeras is naast diverse vogels ook het leefgebied van vlinders, sitatunga antilopen, serval katten, mangoesten en diverse primaten. Het is een prachtige wandeling. We lopen langs koffiestruiken, cacaobonen, landbouwveldjes. Ergens aan een riviertje is een man bananenbier aan het produceren. Helaas mogen we van hem geen foto van maken. Hoog in de bomen zitten een aantal Colobus-aapjes. Ook zien we o.a. red-tailed monkey’s, red colobus en mangaby’s. Zo her en der moeten we over glibberige boomstronken of vlonders onze weg voortzetten. Aangezien het evenwicht van Ingrid niet altijd even optimaal is, vindt ze dit soort paden niet een zodanig geslaagd plan. Annette en Ingrid proberen bij elkaar steun te vinden als ze over dit soort paden lopen. Vanuit een hoog platform hebben we een mooi uitzicht over het moeras.

Tegen de middag komen we weer terug bij het startpunt van de wandeling. Bij het winkeltje drinken we en colaatje en het eerste souvenir wordt aangeschaft. Een van riet gevlochten mand (nu in gebruik als fruitschaal). Na ons drankje brengt Isma ons weer terug naar het camp. Voor je het weet is het weer lunchtijd en zitten we alweer aan een maaltijd wat eigenlijk veel te veel is. Soep en een groot bord spaghetti. Gelukkig hebben we vanmiddag de chimp-walk en kunnen al deze calorieën er weer afgelopen worden.

Isma en Annette brengen ons naar het punt waar we ons voor de Chimp-walk in het Kibale Forest moeten aanmelden. Het Kibale regenwoud bevat de hoogste concentratie van primaten in de wereld, waaronder ongeveer 500 chimpansees. Dit park is vol met meren, moerassen en graslanden en de hellingen bevatten een aantal verschillende soorten bossen (laagland tropisch regenwoud, loofbos en mopane bossen), ideaal voor haar boombewoners. We zijn met zijn vieren en dan natuurlijk nog de gids die met ons mee gaat. We moeten eerst een stukje rijden voor we aan de wandeling kunnen beginnen. Als we eenmaal op de weg in het bos rijden ziet Isma in een glimp een chimpansee. Tuurlijk Isma!?!?! Ook de gids is verbaasd om nu al een chimp te zien. De afgelopen dagen heeft men lang moeten lopen om deze dieren te kunnen bewonderen. Zullen we dan nu meer geluk hebben dan in Budongo Forest?

Dwars door het oerwoud gaan we op zoek. We horen ze wel maar zien ze nog niet goed. Op een gegeven lopen ze langs ons heen en gaan wij er achteraan. De andere gidsen worden door ons gids gewaarschuwd dat we ze gezien hebben. Helaas worden we, voor we het weten, omringd door plm. 20 andere bezoekers. Jammer, sta je er net lekker met zijn vijven wordt je omringd door tig andere Nederlanders. De andere bezoekers hebben geen zin om langer te wachten en trekken verder. Dan komen we bij een groep chimps die in de bomen zit. Het duurt niet lang voor de 1e chimpansee naar beneden komt, snel gevolgd door de anderen. Het is een prachtig gezicht als je ze zo voorbij ziet lopen. En wat een kabaal kunnen ze maken. Omdat wij degene zijn die ze "ontdekt" hebben mogen wij steeds vooraan komen staan om foto's te maken. Dit blijkt een onderlinge regel tussen de gidsen te zijn. Vinden wij natuurlijk helemaal niet erg. We volgen ze op de voet, dwars door het bos. Op een gegeven moment staan we zelfs tussen de groep. Het is echt ongelooflijk dat ze zich niets van ons aantrekken. We kunnen er geen genoeg van krijgen. Toch wordt het tijd dat we teruggaan. Het weer begint er wat dreigend uit te zien en we moeten nog een aardig stuk teruglopen.

Op de plek waar de gids met Isma heeft afgesproken om ons weer op te halen staat niemand. We beginnen maar alvast te lopen, want wachten heeft ook zo weinig zin. Na een half uur gelopen te hebben, nog steeds geen Isma. Zou hij verdwaald zijn of was het verkeerd begrepen? De gids baalt hier behoorlijk van en wij lopen stug door. Inmiddels zijn we bij de hoofdweg aangeland. Bij het kruispunt staan een aantal jochies met een radiootje wat verveeld te kijken. Als een van ons een foto maakt en de foto's aan een van de jochies laat zien klaren de gezichten op en nemen ze meteen een stoere houding aan. Kijk mij hier even lekker staan met mijn makkers en radio. Als we net een paar meter op de hoofdweg lopen komt Isma aanrijden. Het bleek dat ze een andere weg hadden afgesproken. Maakt niet uit; de spaghetti van vanmiddag zal er nu wel afgelopen zijn.

Bij de bar halen we ons wel verdiende biertje en drinken dat voor de tent op. In de tussentijd wordt het warm water gebracht. Wat wil je nog meer. Helemaal super!

Afgesproken is dat we tegen 19:00 uur gaan eten, dus tegen deze tijd gaan we richting restaurant waar we eerst nog even wat gaan drinken. Daarna gaan we naar boven voor ons diner. Het is vreemd om ineens met z'n vijven (Annette eet met ons mee) aan tafel te zitten. Het eten smaakt er echter niet minder om.

 

Vrijdag 11 september - Kibale Forest – Queen Elizabeth NP

We staan weer om 07:00 uur op. Tijdens het ontbijt horen we van Annette dat er rellen in Kampala zijn. Aan de basis van de onlusten ligt een conflict tussen de Ugandese regering en koning Mutebi, de informele leider van het koninkrijk Buganda. Ze lagen overhoop over een bezoek dat Mutebi zaterdag wilde brengen aan de plaats Kayunga. Daar woedt een conflict over land tussen de Buganda en andere etnische groepen. De president Museveni heeft gezegd dat hij daar geen toestemming voor krijgt. Buganda is een van de vier oude koninkrijken op het grondgebied van Uganda. Na de onafhankelijkheid van het land in 1962 moesten de vorsten hun macht grotendeels prijsgeven aan de centrale regering. De traditie en cultuur van de oude koninkrijken wordt nog altijd door veel mensen in stand gehouden. Een ingewikkeld gedoe, zeg ik maar. Omdat zowel Isma als Annette beiden in de omgeving van Kampala wonen en zij hier vrienden en bekenden hebben is het voor hen eigenlijk wel spannend. Na het ontbijt rijden we terug naar Fort Portal waar we in het Garden restaurant nog even een sanitaire stop doen en Annette wat boodschappen doet. Om de tijd wat te doden kopen we een krant om te lezen hoe het met de rellen staat. De meeste bloedige foto's staan er in de krant. Hier schroomt men overigens ook niet om daders vol in de krant te zetten. Hier geen balkje voor hun ogen of iets dergelijks. Als Annette haar inkopen heeft gedaan rijden we weer verder. Onderweg zien we nog een aantal kudde koeien en geiten die langs de weg gehoed worden. De koeien zijn Ankole runderen. Volgens deskundigen zal dit ras met hun enorme horens binnen 20 jaar verdwenen zijn.

In Kabale (de hoofdplaats van het district Kabale in het zuidwesten van Uganda) gebruiken we de lunch. Via Hima, een stop bij de Equator en het plaatsje Kasese komen we al gamedrivend in het National Park Queen Elizabeth. In de middag komen we aan in het tented camp van Nature Lodge iets buiten het nationaal park. We zetten onze spullen weer in de tent en Ingrid gaat in de bar/eettent wat te drinken halen. We willen voor onze tent wat drinken om van het mooie uitzicht te genieten. In de verte zien we nijlpaarden in het water liggen en iets verder twee visarenden naar elkaar roepen. Het is hier prachtig en zo rustig. De tent staat op palen. In de tent zelf staan de bedden en is het toilet. Naast het bed ligt een lantaarn met een fluitje voor 's-avonds. Aan de achterkant van de "tent" is een deur die via een trapje naar de twee koppige douche in de buiten lucht leidt. Hoe romantisch wil je het hebben. Met z'n tweeën onder een stralende sterren hemel douchen. Maar dat is pas voor vanavond. Het is behoorlijk warm. Tegen het eind van de middag gaan we weer met de jeep op pad om wild te zien. Het is een mooi landschap. We zien weer veel hertachtigen, buffels, wrattenzwijnen, Afbeelding 409maar waar we echt voor gaan "leeuwen" zien we helaas niet. In het park woont ook de lokale bevolking die hier vee houdt. Zoals te begrijpen hebben zij het niet zo op leeuwen. Omdat er niet op leeuwen gejaagd mag worden, maar zij toch hun vee willen behoeden voor deze dieren hebben ze het volgende uitgevonden. Ze vergiften een geit of iets dergelijks en laten deze vervolgens rondlopen in de hoop dat deze geit door een leeuw wordt aangevallen. Wanneer dit het geval is wordt ook de leeuw vergiftigd en is het probleem van deze lokale boeren opgelost. Op de terugweg horen we dat er een luipaard gesignaleerd is. Op een gegeven moment staat er langs de snelweg een tweetal busjes bij een boom. Ook Isma rijdt hiernaar toe. Hier zou het luidpaard gesignaleerd zijn. We blijven even staan wachten, maar op een gegeven moment draait Isma om en rijdt een stuk terug. En jawel in een boom iets verder weg ligt het luipaard. Hij/zij wordt in haar/zijn rust verstoord en verlaat de boom. Het is nog net niet te donker voor een foto. Hopelijk lukken de foto’s foto’s, maar in ieder geval hebben we hem toch maar mooi gezien. Op het moment dat de andere busjes komen is het luipaard helaas nergens meer te zien.

Met een goed gevoel komen we weer in ons tented camp aan. We drinken nog wat voor we ons wat gaan opfrissen. Omdat het al wat donker begint te worden gaat er een begeleider met ons mee. Je weet maar nooit dat je ineens over een nijlpaard struikelt. Bij de tent hangt een brandende olielamp. Als we weer terug willen naar de bar moeten we wachten tot een begeleider ons weer komt ophalen. Dit alles doet ons erg denken aan Rhino-camp in Zimbabwe (lees verslag Zambia-Zimbabwe 2007). Het wachten op de begeleider duurt wel erg lang dus gaan we op eigen gelegenheid, bewapend met de zaklantaarn die naast het bed lag en het fluitje. Voor de bar is een mooi vuurtje gestookt en staan er allemaal stoelen om heen. Voor het eten wordt gereserveerd gaan we hier met elkaar nog even bijpraten.

Het eten is in één woord heerlijk. Ook de bediening is helemaal geweldig. We hebben niets te klagen, en dat voor Nederlanders!

Als we 's-avonds naar onze tent gebracht worden zien we iets verder op een nijlpaard lopen. We drinken op onze "veranda" nog een biertje en zien steeds meer nijlpaarden het land op komen. Als we in bed liggen horen we hen lopen en grazen. Ook horen we de disco van het dorp dat aan de andere kant van het water ligt. Dat is iets minder.

 

Zaterdag 12 september - Queen Elizabeth

Ook vandaag weer vroeg uit de veren, want we gaan een ochtend gamedrive doen. Eerst natuurlijk nog een kopje thee/koffie.

Deze gamedrive is wat teleurstellend. We zien eigenlijk hetzelfde als gisteren, met uitzondering van het luipaard dat we nu niet gezien hebben. We rijden kriskras door dit deel van het park. Misschien dan wat bij het zoutmeer? Helaas. Het zoutmeer is prachtig om te zien. Er zitten een hoop pelikanen, maar niet de dieren die we willen zien. Ingrid kan nauwelijks haar ogen openhouden.  Nou ja, zeg!

Tegen 11:00 uur gaan we weer terug. We genieten van een heerlijke brunch. Hierna gaat Ingrid even een wasje doen. Het is zonnig en het waait lekker, dus moet het ook zo droog zijn. Ben gaat wat lezen en schrijven en zo is het bijna weer lunchtijd. Na de lunch rijden we naar de Mweya lodge waar vandaan we een boottocht op het Kazinga Channel maken. Nu eens een boottochtje zonder regen? Bij deze lodge hebben we 6 jaar geleden op een campsite gestaan. Geen tented camp, maar een gewoon zelf op te zetten tent. 's-Avonds wemelde het toen van de hyena's en nijlpaarden. Helemaal goed. Nu drinken we bij deze lodge een colaatje voor we vertrekken. We bezoeken nog even het informatiecentrum. Misschien zien we nog iets leuks. Als het tijd is rijdt Isma ons naar de boot. Het is gezellig dat ook Annette met ons mee de boot op gaat. Isma blijft bij de auto. De boot is voor de liefhebbers voorzien van een bovendek. We varen langs buffels, olifanten, visarenden en andere vogels, krokodillen, vissersdorpje, pelikanen, maraboes en nog veel meer. Wat zijn deze laatste vogels toch ontzettend lelijk. De tocht duurt ongeveer twee uur. En we houden het zo waar droog! Het is een leuke tocht.

Afbeelding 487Bij terugkomst staat Isma ons op te wachten. Ook hij heeft zich prima met een "vriendin" vermaakt. Aha! We rijden langzaam naar de campsite terug, want ook in dit deel van het park kan wild zitten. We zien inderdaad weer wrattenzwijnen, maar de leeuwen laten op zich wachten. Opeens stopt Isma en rijdt achteruit. Aan de linkerkant van ons kruipt een gigantische slang. Blauwig/zwart van een dikke meter of 2. Als een speer gaat de slang er vandoor. We komen er helaas niet achter wat voor het slang het nu was.

Bij aankomst bij ons camp is er weer een lekker kampvuurtje. We drinken nog wat voor we aan tafel gaan. En weer is het eten heerlijk. George, de manager van de plek, doet het goed!

 

Zondag 13 september - Queen Elizabeth – Ishasha

Voor Ben en Ingrid is het vroeg opstaan. We hebben nog een chimpwalk te goed in de Chambura kloof. De savanne wordt hier doorsneden door een kloof begroeid met oerwoud. De kloof ligt aan de noordoostelijke grens van het park. We staan om 06:00 uur op. Drinken weer de bekende koffie/thee voor we vertrekken. Volgens Annette is het zeker een uur rijden. Een kleine vergissing, het blijkt slechts een kwartier rijden te zijn. Om 07:15 uur staan we dus op de plek waar de wandeling moet beginnen. We zijn samen met Isma de enige.

Niet veel later steekt iemand zijn hoofd uit een van huisjes die er staan. Het blijkt een van de gidsen te zijn. Het wachten is tot 08:00 uur want er zouden nog meer mensen komen. Dit is niet het geval. Wij zijn de enigen. In de verte horen we al het gekrijs van de chimpansees. Uitzonderlijk, volgens de gids. De afgelopen 5 dagen hebben zij de chimps niet kunnen ontdekken. Volgens Isma komt het geluid uit sector 2 of 3. Blijkbaar is de kloof in verschillende sectoren verdeeld. We rijden eerst met de jeep die richting uit voor we beginnen te lopen. We zullen eerst een stuk moeten afdalen voor we daadwerkelijk in de kloof zijn. Ergens heeft Ingrid gelezen dan Tarzan zich in deze omgeving prima thuis zou voelen. Ze kan zich er iets bij voorstellen als ze er rondloopt. Het is er prachtig. Er zijn twee gidsen mee. Eén van de twee loopt alvast vooruit om de tracking te doen. De kloof wordt door een rivier gescheiden en via een bruggetje gaan we naar de over kant. Als we al aardig op weg zijn krijgt onze gids bericht dat de chimpansees gelokaliseerd zijn. We moeten terug naar de andere kant. Om niet weer helemaal terug te lopen, moeten we over een boomstam lopen om de rivier over te steken. Zoals al eerder geschreven is het evenwicht van Ingrid niet zo denderend. Dus lopend over een boomstam met je fototoestel is geen fijn plan. Het wordt dus niet lopen, maar schuivend over de stam. Zo komen we er ook, en droog. Het is een redelijk makkelijk pad wat mij moeten lopen. Het dalen was niet zo’n succes, maar nu we in de kloof zelf zijn gaat het prima. Niet veel later horen we de chimpansees en zien we de gids weer. We lopen iets door en dan hoog in de bomen zien we ze. Het is toch wel iets anders dan het massale in Kibale, zo met z'n tweeën. We kunnen er geen genoeg van krijgen en er wordt heel wat geklikt. Op den duur krijgen we echter wel een stijve nek van het omhoog kijken. Maar het is zeker de moeite waard. We hebben zeker een uur deze dieren staan bewonderen. Helaas komen ze niet op de grond. Maar we mogen al blij zijn dat we ze gezien hebben! Maar ook hiervoor geldt dat er een tijd van komen en gaan is. De weg terug gaat eigenlijk net zo makkelijk als de heenweg. Ondanks dat Ingrid in een diep gat trapt. Denkend dat het een mierennest is weet ze niet hoe gauw ze haar been moet terugtrekken. Gelukkig geen mierennest, maar een gewoon hol?!? De afdaling in de kloof was niet echt fijn maar de klim weer naar boven nog minder. Wat kost het ons moeite. Wij zijn echt geen klimgeiten!!!!! Het duurt even voor Isma ons komt halen. Vol trots laten we hem alvast de foto's zien.

We lunchen nog even in ons geweldige camp voordat we naar Ishasha vertrekken. Een ander deel van Queen Elizabeth National Park. Eerst doen we in het nabij gelegen dorp wat boodschappen. Waar we vannacht overnachten is geen restaurant of iets dergelijks. Annette zal dus zelf koken. Ook wel weer eens lekker.

De weg naar dit deel van het park is bijzonder slecht. Er liggen dan ook verschillende vrachtwagens in de berm en er zitten ook verschillende auto's vast in de modder. Ook nu weer weet Isma zo te rijden dat we zonder problemen langs deze obstakels kunnen rijden. Gedurende de rit rijden we eigenlijk al in het park. Zo her en der zie je weer hertachtigen, wrattenzwijnen, etc. In dit deel van het park moeten boomklimmende leeuwen zitten. Deze hebben we nog nooit gezien en zijn dan ook erg benieuwd hoe dat er uit ziet, zo hangend in de boom. Al gamedrivend rijden we naar de plek waar we overnachten. Er staan twee banda's die voor Karen/Marco en ons gereserveerd zijn. Als we de banda's bekijken heeft Ingrid spijt dat we geen tent bij ons hebben. Er staan wel bedden in, maar geen sanitair en verder is het er behoorlijk smoezelig om maar voorzichtig te zeggen. Maar ja, het is maar voor één nacht. Als we de spullen hebben uitgeladen, gaan Ben en Isma in een "winkeltje" iets verderop wat bier en cola halen. Annette is dan al druk bezig met het avond eten. We zitten met een colaatje bij het kampvuur als Isma ons roept. Leeuwen! Als een speer stappen we in de jeep en gaan naar de plek waar meerdere auto's staan. Inmiddels is het schemer en heel in de verte zien we twee leeuwen. Ze zijn redelijk jong. Ze zijn aardig met elkaar aan het ravotten. Het is te ver weg en te donker voor foto's. Het wordt steeds moeilijker om hen in de schemer/het donker te ontdekken. Als we ze echt niet meer kunnen zien, rijden we terug naar de banda's. Annette heeft het eten dan al klaar. Van de andere gidsen heeft ze het een en ander mogen lenen waardoor ze een lekkere maaltijd heeft kunnen bereiden. Koolsalade met kip en spaghetti. Goed gedaan, meissie! Na het eten gaat Annette bij de buren afwassen en zitten wij nog bij het kampvuur. Aan de ene kant zijn Ben en ik behoorlijk moe, maar de banda is niet echt uitnodigend om te naar binnen te gaan. We nemen nog maar wat te drinken met het risico vannacht er uit te moeten om te plassen. Voor het slapen gaan nog even een donker plekje zoeken en dan naar bed.

 

Maandag 14 september - Ishasha – Lake Bunyoni

We zijn blij als we op kunnen staan. Slapen was er weinig bij vannacht. Over het plafond, wat met rieten matten is bedekt, hoorden we vermoedlijk muizen en af en toe wat gefladder van het een of ander. Het bed is bezaaid met zwarte spikkeltjes. We denken maar niet teveel na over wat het allemaal zou kunnen zijn. Als we uit onze banda's komen heeft Annette alweer een lekker ontbijt klaar staan. Geroosterd brood met pindakaas, jam, koffie en thee. Helemaal goed. Ingrid, geen zoete kauw, maakt weer gebruik van haar Fred en Ed (smeerkaas in een tube). Na alles weer ingepakt en afgewassen te hebben (wat je leent moet je weer schoon terugbrengen) gaan we de jeep weer in om onze gids op te halen.

Isma heeft speciaal om haar gevraagd omdat ze zo goed is. Euhhh! We rijden weer een aantal wegen af die we gisteren ook hebben gereden. Ondanks dat we weinig nieuws zien is de omgeving prachtig. We zien nog wel een aantal gieren op de grond. De gids heeft contact met andere gidsen die haar weten te vertellen waar de boomleeuwen te vinden zijn. We rijden de weg die zij te horen heeft gekregen af. Als we halverwege zijn zien we in een boom twee leeuwen. Het is raar om deze dieren in een boom te zien hangen/liggen en dan ook nog eens vlak langs de weg. We hebben echt mazzel. Volgens ons zijn het de twee leeuwen die we gisteravond hebben gezien. Het duurt niet lang of er komen een stuk of 4 jeepjes bij ons staan. Het valt nog mee als je dit vergelijkt met de Serengeti. Dan staan er wel een stuk of twintig jeepjes om één leeuw. Ook hier maken we eigenlijk weer veel te veel foto's. Je krijgt er geen genoeg van. Als iedereen is uitgefotografeerd en de leeuwen genoeg bewonderd hebben rijden wij nog even terug naar de gieren. Even wat anders, maar toch ook wel bijzonder. Als we ook dit gezien hebben zetten we de gids weer bij de campsite af en rijden wij verder naar Lake Bunyoni. Lake Bunyoni is een prachtig meer, met aan de oevers bananenplantages en kleine dorpjes. Het meer is bezaaid met kleine eilandjes, waarvan Bushara eiland er één is. Per boot kan een overtocht naar het eilandje gemaakt worden. Ook kan er gezwommen en gekanood worden. Dit is wel ongeveer het enige meer waar geen bilharzia. Lake Bunyoni wordt ook wel het meer in de Alpen genoemd. En terecht wat is er behoorlijk stijl. Helaas is dit ook het gebied waar de bekende president Idi Amin vandaan komt cq kwam. In 2005 is hij overleden

Langs landbouwgebieden rijden we naar Kabale. Hier gebruiken we een late lunch. Ook dit is weer een dorp/stad wat we herkennen van de vorige reis. Het restaurant van een Nederlands echtpaar, waar een grote foto van Willem-Alexander en Maxima hing, is weg. Hiervoor is nu een grote bank gekomen. De bakker is er nog wel. Wij gaan echter boven de bakker in een restaurant eten. Als we naar het toilet gaan hebben we uitzicht op de bakkerij. Zoals te verwachten compleet anders dan bij ons en over de hygiëne zullen we het maar niet hebben. We zijn in al die jaren nog niet ziek geweest dus ook dat zal wel meevallen. De lunch valt wat tegen, maar we hebben wat in onze magen. In de loop van de middag komen wij bij Kalebas aan. Kalebas is in de afgelopen jaren van kale Bas overgegaan naar Habari en wordt nu door Roland gerund. Een relaxte vent. We hebben eenvoudige maar citroentjes frisse kamers met douche en toilet. De locatie ligt direct aan het meer. Op verschillen plekjes heb je zitjes waar je altijd weer uitzicht over het meer hebt. Ook hangen er zo her en der in verschillende ruimtes maskers en andere kunstvoorwerpen. Volgens zeggen kan je hier in het meer zwemmen. Geen bilharzia en andere engere grote dieren. Wel otters. 's-Middags luieren we lekker aan het meer met een drankje, muziekje, wat lezen, wat schrijven. Lekker rustig. 's-Avonds hebben we zo waar een keuze menu. In de tented camps had je keuze uit één, wat zeker niet minder smaakte. Ingrid gaat voor de crayfish. Crayfish zijn een soort van garnaaltjes. Een aanrader. We drinken nog wat, we praten nog wat met Roland en dan is het weer bedtijd. Ook al kent gezelligheid geen tijd.

 

Dinsdag 15 september - Lake Bunyoni

Heel relaxed staan we op om, om 09:00 uur te ontbijten. Als we aan de ontbijttafel zitten ziet Ingrid een overlander van Drifters wegrijden. Zou de collega's van Ingrid dan in deze zitten? Als Ingrid weer in Nederland is, zal ze het wel horen. Karen en Marco gaan na het ontbijt met de kano op pad. Annette en wij gaan een stukje wandelen. We lopen langs wat campsites tot de weg ophoudt. We lopen terug en gaan "het dorp" in. Er staan wat huisjes en zo her en der wat kroegjes. De mannen zitten al vroeg aan het bananenbier. Tegen lunchtijd zijn we weer bij Kalebas. Ook Karen en Marco zijn weer terug. We eten een broodje en gaan daarna wat lezen of schrijven. In de loop van de middag komen twee mensen met een kindje het terrein oplopen. Het kindje wordt op het gras gezet en de mensen gaan een boot schoonmaken. Dit duurt de gehele middag. Het kindje blijft al die tijd rustig zitten en dat hoor je niet. Op een gegeven geeft Ingrid een ballon. Eerst weet het kindje niet wat ze er mee moet, maar na verloop van tijd gaat ze er toch wat mee spelen. Dit alles zonder P1000757één kik te geven. Menig kind in Nederland zou hier wat van kunnen leren!

We brengen lui de middag door. Af en toe lopen we de kunstvoorwerpen nog even langs. Het houten tasje wat we al eerder hadden zien hangen, wordt steeds leuker. We weten nu ook waar we het thuis kwijt zouden kunnen. De houten tas wordt dan ook aangeschaft. De vraag is altijd weer als je iets leuks ziet, waar je het in je huis gaat plaatsen. Tijdens het eten ontmoeten we een echtpaar uit Nederland. Gisteravond zijn ze met een camper aangekomen. Ze vertellen dat ze ongeveer anderhalf jaar geleden met deze camper uit Utrecht zijn vertrokken om in Kaapstad te eindigen. Ze waren net in Kampala maar vanwege de onlusten zijn ze hier naar toe komen rijden. Als het goed is ontmoeten ze hier ook mensen die ze tijdens hun reis hebben ontmoet. Waar ze hierna naar toe gaan weten ze niet. Ze hadden in Nederland een prachtige route gepland, maar zijn daar door allerlei omstandigheden met plannen maar gestopt. Alles ging toch niet volgens planning. Ook dat hoort bij Afrika. We wisselen wat ervaringen uit over de Afrikaanse landen en gaan daarna naar slapen.

 

Woensdag 16 september - Lake Bunyoni – Kisoro

De spanning bij Ingrid om de gorilla's te bekijken begint zo langzamerhand te komen. Ze ziet erg tegen de tocht op. Haar is al ter ore gekomen dat er eerst gedaald moet worden om vervolgens weer klimmen. Zoals eerder aangegeven zijn we geen geiten, dus klimmen en dalen is niet voor ons weggelegd. Maar het is nog geen vrijdag, the gorilla-tracking-day!

Vandaag verlaten we Lake Bunyoni en vertrekken na het ontbijt naar Kisoro. We nemen een weg langs het meer met prachtige uitzicht. Het is wel een hobbelige zandweg. En inderdaad is het zand weg en daarvoor in de plaats zijn kuilen gekomen. Ja, vroeger, toen…… Klopt. In sommige delen van Afrika leef je ook in het vroeger, toen je kuilen had in plaats van drempels. Hoewel ze ook hier drempels kennen. Ze maken drempels op het moment dat er wegwerkzaamheden zijn. Deze drempels moeten dan voorkomen dat je te hard rijdt en wellicht een wegwerker wegwerkt. De weg naar Kisoro is aan wegwerkzaamheden onderhevig, dus veel drempels. Af en toe moeten we dan ook stoppen om het tegenverkeer voor te laten gaat. Medewerkers (over het algemeen vrouwen) staan dan met rode en groene vlaggen te zwaaien ten teken dat er iets aan de hand is en je voorzichtig moet rijden. Blijkbaar vinden de dames het bij dit bewolkte weer aan de koude kant, want in dikke jassen en met mutsen op voeren ze dit werk uit. Zoals al eerder geschreven vindt men dit gebied op de Alpen lijken. De weg stijgt behoorlijk. We hebben hierdoor wel een geweldig uitzicht over het meer. Nu pas kan je zien hoe groot het meer is. We rijden door een echt landbouwgebied, waarbij je ook veel terrasvorming ziet. Het merendeel wat er verbouwd wordt zijn bananen.

Tegen lunchtijd komen we aan in Travellers Rest, ons onderkomen in Kisoro. Kisoro is de hoofdstad van het District Kisoro in het Zuidwesten van Uganda. Het ligt vlakbij het drielandenpunt van Dem. Rep. Congo, Rwanda en Uganda. Het is beroemd geworden vanwege het dichtbij gelegen Mgahinga Park (beroemd om zijn gorilla's). Helaas is de groep die hier verbleef naar elders vertrokken. Kisoro heeft vanwege zijn aantrekkingskracht op het toerisme (gorilla's) tevens een klein vliegveld. Vanuit Kisoro worden tripjes georganiseerd die toeristen naar de berggorilla's in de bergen brengt. Er wordt in Kisoro Kinyarwanda gesproken en er wonen volkeren als de Bafumbira, Hutu’s, Tutsi’s, Batwa Pygmeeën en Bakiga. Het hotel waar we de komende dagen verblijven werd in 1955 gekocht door Walter Baumgartel, en werd al snel een ontmoetingsplaats voor mensen die geïnteresseerd zijn in de berggorilla. Onder hen was 'gorillavrouw' Dian Fossey, die zei:" hotel Walter was een oase voor vele wetenschappers die hier kwamen". Fossey bezocht het hotel vele, vele malen in de jaren zestig, om papierwerk te doen, te ontspannen of om mensen te ontmoeten. Ze omschreven het hotel als haar "tweede thuis". Het hotel is in een koloniale stijl gebouwd.

 Na de laatste keer dat we hier waren zijn er weer andere Nederlanders die deze toko runnen. Dit keer zijn het Bart en Cecile. Als we onze kamers aangewezen hebben gekregen gaan we naar de bar om wat voor de lunch te bestellen. Bart heeft mooie kunstwerken, waaronder maskers, staan en hangen. Vorige keer hebben we hier vandaan heel wat spulletjes meegenomen. We hebben toen een extra grote tas moeten kopen. We denken dan ook, dat we ook nu weer niet met lege handen thuiskomen. Na de lunch zoeken we een internetcafé op. Voor Ingrid hebben we namelijk nog steeds geen visum voor Rwanda. Het document dat Ingrid via e-mail in Nederland had ontvangen kon niet geopend worden. Het document voor Ben wel. We hebben toen meteen een reactie teruggestuurd met het verzoek het document voor Ingrid nogmaals te verzenden. Toen we nog in Nederland waren hebben we hierop geen reactie ontvangen en toen we in Entebbe onze e-mail bekeken was er nog steeds geen reactie. We hebben wel een bevestiging ontvangen, maar of dit voldoende is om de grens over te gaan weten we niet. Dus nu maar weer even checken of er iets binnen is. We komen tot de ontdekking dat er een tweede internetcafé is. Niet verkeerd want het "oude" had om de haverklap geen verbinding. Alle 6 de plekken zijn bezet. We moeten dus nog even geduld hebben. Als we kamerintravellersrest.jpgdan eindelijk aan de beurt zijn blijkt het dat Ingrid niet bij haar e-mail account kan. Via het account van Ben maar weer het verzoek aan Immigratie Rwanda om het document voor Ingrid maar naar Ben zijn account te sturen. Wat een gedoe allemaal!

Verder geen schokkende post. Na alles gedaan te hebben lopen we weer terug naar het hotel. Annette wijst ons op een winkel die spulletjes uit Congo verkoopt, tevens de toeleverancier van de spullen die Bart in het hotel verkoopt. De spulletjes in deze winkel zijn echter veel goedkoper dan die bij Bart. Zowel Ben als Ingrid denken dat we hier wel gaan slagen. We hebben nog een paar dagen in Kisoro, dus dat kopen doen we later wel. Het begint wat frisser te worden en als we in het hotel komen brand, jawel, de open haard. Tegen avond komen er kinderen de tuin inlopen om voor ons te dansen. Dit is een standaard ritueel in dit hotel. Voor de eerste keer is het wel aardig om dit te zien. Het zijn wezen, maar geen wezen zoals wij die kennen. In Afrika ben je al wees als één van je ouders overleden is. Uiteraard wordt er weer geld opgehaald.

Het is alweer diner-time. De soep wordt geserveerd, de rest is buffet. Het is erg smaakvol. Na het diner gaan Karen, Annette en Marco naar een lokale kroeg om op de TV een voetbalwedstrijd te bekijken. Wij hebben geen zin en blijven bij de open haard zitten. Bart komt even bij ons zitten en praten over het hotel en het reilen en zeilen ervan. Even later komen Karen, Annette en Marco ook weer terug. Daar waar ze het idee hadden dat er wel veel mensen naar de TV zouden komen kijken, bleken ze maar met z'n 3-en te zijn. Maar wel met 5-man personeel. Tegen 23:00 uur gaan we naar bed.

 

Donderdag 17 september - Kisoro

Na het ontbijt gaan we naar het bureau waar de gorilla-permits worden uitgegeven om te checken of alles goed geregeld is. En dat is het gelukkig. Morgen is het tenslotte de grote dag! Het is behoorlijk druk op straat. Veel mensen uit de verschillende dorpen komen vandaag naar Kisoro vanwege de markt. De één om zijn waar te verkopen en de ander om het te kopen. Na het checken van de permits gaan Karen, Marco en Annette weer terug naar het hotel. Wij stranden bij het winkeltje met de spulletjes uit Congo. Het was moeilijk kiezen uit de verschillende mooie maskers die er waren, maar de keuze is op drie maskers van de Luba-stam gevallen. We hebben er een mooi plekje voor in huis bedacht. Vervolgens gaan ook wij weer naar het hotel. We spreken met Karen, Marco en Annette af om na de lunch naar de plaatselijke markt. Annette luncht niet met ons mee, maar gaat in het dorp ergens een lokale maaltijd (Matoke) gebruiken. Matoke is een middelgrote vrucht die op een banaan lijkt. De vruchten worden geschild en in een grote pot met water gedaan. Vervolgens staat deze pot uren op het vuur. Na het koken is de vrucht zacht en geel, terwijl ongekookt de vrucht wit en vrij hard is. Vervolgens wordt het geheel gestampt en ontstaat er een brei. Vaak wordt dit gegeten met een saus van groente of met geit- of rundvlees. Wij houden ons echter bij de sandwiches.

Na de lunch gaan we lopend naar de markt. Het weer ziet er dreigend uit. En jawel. De eerste regen druppels vallen. Snel kunnen we onder een afdak van een winkel schuilen. Ook een paar straatjochies komt schuilen. Op de vraag waarom zij niet naar school gaan, krijgen we eigenlijk het standaard antwoord: "Geen schoolgeld". De regen komt echt met bakken uit de hemel. Als we hier een tijdje staan, belt Annette Isma op met het verzoek ons met de auto verder te brengen. Het duurt even voordat Isma er is. Als hij er is stappen we vlug in en rijden naar de markt. In de tussentijd is het gelukkig weer droog geworden. Normaal is het een kleurrijke vertoning, maar door de regen is het één modderbende geworden. Tussen de waterplassen door banen we ons een weg tussen de koopwaar. Soms ligt de koopwaar mooi uitgestald op kraampjes en soms op een plastic kleedje op de grond. De markt is verdeeld in verschillende waren. Zo bestaat een deel van de markt uit alleen maar vis of uit alleen maar kleding. Anders dus dan de markt waar wij vandaan komen. Ingrid koopt, met Annette als tolk, wat fruit en worteltjes. Ondanks het slechte weer is het eigenlijk wel druk. Op de terugweg naar het hotel gaan we nog even op een terrasje zitten om alles nog eens goed op te nemen. Nadat ons drankje op is vervolgen we onze weg naar het hotel. Wij gaan nog even het internetcafé binnen in de hoop iets te hebben ontvangen uit Rwanda. De anderen lopen door naar het hotel. Helaas hebben we nog steeds geen bericht over het visum.

We hebben nog geen zin om terug naar het hotel te gaan, dus zoeken we een leuk plekje om nog wat te drinken en om nog wat foto's te kunnen maken. En dat is gelukt. Het is leuk om te zien hoe de vrouwen hun waar op het hoofd dragen en hun kind in een doek op de rug. Het is allemaal bijzonder kleurrijk.

Tegen het eind van de middag gaan we weer terug naar het hotel. We houden het niet droog en wat nat komen we in het hotel aan. Bij de open haard nemen we nog wat te drinken voor we kunnen gaan eten. Wederom een buffet. We gaan bijtijds naar bed, want morgen is de grote dag. Gorilla-tracking!

 

Vrijdag 18 september - Kisoro

Eindelijk is het dan zover. Vandaag gaan we hopelijk de gorilla’s zien. Om 5:30 uur zitten we aan het ontbijt. Het is namelijk nog een stuk rijden voor we bij het gebied (het zuiden van Bwindi) zijn waar we de Nkuringo-groep (19 gorilla’s waarvan 3 silverbacks en 1 gorilla met een jonge tweeling) zouden kunnen vinden. Het is nog aardedonker als we in de jeep stappen. Een enkeling is al op straat, maar over het algemeen is het nog heel erg stil in Kisoro. De weg is hobbelig en zanderig. Als het wat lichter begint te worden kunnen we zien dat we door een prachtig gebied rijden. Ook hier weer veel landbouw. Zo her en der passeren we wat huisjes en begint het leven een beetje. We zien kinderen alweer in de bekende uniformen naar school gaan. Tegen acht uur zijn we op de plaats van bestemming. Er staan al twee mensen klaar, toevallig ook Nederlanders, die met ons meegaan. Het wachten is nog op één andere persoon. Niet veel later verschijnt er een Engelse. Eerst krijgen we uitleg wat we allemaal wel en vooral niet mogen. Om de gorilla’s tegen menselijke ziekte te beschermen, mag je niet minder dan 7 meter van hen vandaan staan. Ook mag je bij het fotograferen geen flits gebruiken. Maar het meest spijtige is dat je niet meer dan één uur bij de gorilla's mag blijven. Onze gids verteld verder dat het voor kan komen dat je een behoorlijk stuk moet lopen om de gorilla’s te zien krijgen en dat het zelfs voor kan komen dat de trackers ze helemaal niet kunnen vinden. Mocht dat het geval zijn, dan krijg je de helft van het geld terug ($ 250,-). We hopen dat we ze te zien krijgen! Daarvoor kom je toch naar Uganda? We horen dat de trackers al vooruitgelopen zijn om de gorilla’s te zoeken. Zij lopen naar de plek waar ze de vorige dag gesignaleerd zijn en in die omgeving moeten ze dan ook weer te vinden zijn. Op zich verplaatsen de gorilla’s zich per dag niet ver.

Als het 8 uur is, is het eindelijk tijd om te vertrekken. Er lopen twee gidsen met ons mee en dragers. We hebben ook een drager “gehuurd”, want de rugzak is behoorlijk zwaar vanwege het water wat we voor onderweg nodig hebben. Iedereen krijgt een stok om enige steun bij het lopen te hebben. Het eerst stuk valt mee, maar dan beginnen toch de dalingen en beklimming. Het valt voor ons niet mee. We lopen door landbouwgebied en af en toe staan er wat huisjes. Er is onderweg genoeg te zien. We horen van de gids dat een stuk landbouwgebied aan de natuur is teruggegeven. Of dit is gedaan vanwege de gorilla’s weten we niet. Na ongeveer een uur gelopen te hebben komen we op een open stuk veld. Even later is het “Stop!” Nog geen 15 meter vanaf ons af zit een silverback (mannetjes gorilla’s) tegen een boom. Wauw! In eerste instantie zijn we sprakeloos, maar dan komen toch de fototoestellen te voorschijn. We laten de dragers en rugzakken achter. De dragers zoeken een plekje om te zitten en wij lopen met de gids rustig verder. Op een paar meter van de silverback blijven we staan. Er wordt wat “afgeklikt”. Ook de andere gorilla’s moeten in de buurt zijn. We lopen een stukje verder de bosjes in. En ja hoor, iets verderop zien we wat in de struiken bewegen. De gids geeft aan dat we weer terug gaan naar de open plek, omdat deze gorilla's waarschijnlijk naar deze plek toekomen. Langzaam lopen we weer terug. De silverback die tegen de boom aanzat zit er nog steeds. Rustig knabbelend op een stuk boomschors. Blijkbaar zit er iets lekkers in de holte van de boom, want hij staat op en gaat met zijn arm de holte in. Ook de andere gorilla’s komen deze kant op. Het is echt overweldigend wat we te zien krijgen. Het klinkt wellicht overdreven, maar zo voelt het wel. Eén voor één komen de gorilla’s te voorschijn. Binnen de kortste keren zien we ze alle 19. We blijven foto’s maken, maar we genieten ook volop van dit moment. Af en toe eten ze, dan lopen ze gewoon wat rond, enkele klimmen in bomen, enkele lopen richting de dragers. De dragers weten niet hoe gauw ze op moeten staan om voorzichtig weg te lopen. Langzaam steken de gorilla's de open plek over. Na een uur (“Nu al?” wordt er zachtjes door iedereen geroepen) geeft de gids aan dat we terug moeten. We lopen richting de dragers om wat water te drinken voor we aan de terugweg beginnen. Iedereen is vol van wat hij/zij gezien heeft. Thuis zal het moeilijk worden om de mooiste foto’s uit te zoeken. Op de terugweg nemen we onder een prachtige boom even een pauze. Wij hebben dat ook wel nodig. Tegen 12:00 uur zijn we weer terug bij het startpunt. Vol trotst laten we de foto’s aan Isma en Annette zien. Moe maar zeker voldaan stappen we de jeep in rijden weer terug naar het hotel.

Als we net bij het hotel uit willen stappen beginnen er grote regendruppels te vallen. We zijn nog niet binnen of een wolkbreuk barst los. Grote hagelstenen vallen naar beneden en binnen de kortste keren staat er minstens 10 cm water in de tuin. Hebben wij even geluk dat we dit niet tijdens de tocht hebben gehad. Aan de bar proosten we met elkaar op onze tocht. Vanwege de regen is het wat klam in het hotel. De openhaard wordt dan ook lekker aangestoken. Ja, en jullie maar denken dat het in Afrika altijd maar mooi en zonnig weer is. Mooi niet. Schoenen lekker uit (kunnen lekker bij de open haar drogen) en even relaxed zitten. Intussen is er ook een groep Oostenrijkers en Duitsers in het hotel aangekomen.

Vol trotst vertellen we ons verhaal en laten we foto’’s zien. Morgen gaan zij de gorilla-tracking doen.

Nadat we wat zijn bijgekomen, gaan we naar de kamer en nemen een lekkere warme douche. Het is weer droog, maar echt aangenaam qua temperatuur is het niet. Na het douchen, gaan we dan ook weer lekker bij de open haard zitten. We nemen onze bergschoenen mee, want Annette wil per se dat zij onze schoenen moddervrij maakt. Voor ons hoeft het niet, maar wij hebben in deze weinig te willen. Terwijl wij lekker aan het lezen zijn, krijgt Annette van Karen instructies hoe de laptop, die Annette na de reis van Karen en Marco mag houden, werkt. Met een glunderend gezicht schrijft Annette alle ins and outs van de laptop op die Karen haar geeft. Het is lekker zitten zo en voor we het weten is het alweer etenstijd. Wederom buffet. Wanneer Karen en Marco naar hun kamer gaan, haalt Ingrid snel een aantal ballonnen op die we opblazen en op de ontbijttafel neerleggen. Ja, we hebben morgen alweer een jarige.

 

19 september - Kisoro

Hieperdepiep Marco! Niet alleen Marco is jarig, maar ook Richard die in de keuken werkt. Het keukenpersoneel komt dan ook met een chocoladetaart op de proppen die Marco en Richard samen moeten aansnijden. Mmmmmm, heerlijk zo’n chocoladetaart bij het ontbijt! Na het ontbijt gaan we weer naar het internetcafé, want het begint er nu toch wel om te spannen. Morgen gaan we tenslotte naar Rwanda. Helaas. Weer geen post. We lopen Kisoro nog even door. We zijn nog op zoek naar honingazijn. Het flesje wat we vorige keer kochten is aan vervanging toe. Helaas. In de meeste beekeeping-winkeltjes verkopen ze wel honing, maar geen honingazijn. Enkele winkeltjes verkochten helemaal niets. Compleet leeg. We lopen weer terug naar het hotel. Het is prachtig mooi zonnig weer. Ingrid trekt wat luchtigere kleding aan om lekker in van dit zonnetje te genieten. Marco en Karen hebben een afspraak met de masseuse die in het hotel is. Als Ingrid hoort hoe lekker dat is maakt ook zij een afspraak. Om 17:00 uur is zij aan de beurt, maar nu eerst lekker in het zonnetje zitten. Muziekje en boekje erbij. Helemaal goed. Aan Annette vragen we waar we het beste geld voor Rwanda kunnen wisselen. Meestal is het wisselen aan de grens niet echt geweldig. Omdat Marco jarig is heeft hij ook Isma en Annette voor de lunch uitgenodigd. Als we aan Isma vragen waar wij geld kunnen wisselen dan heeft hij wel weer een adresje. Na de lunch gaan we met Annette en Isma op pad om geld te wisselen. Voor een winkel in Kisoro stoppen we. Isma gaat de winkel in en komt met de eigenaar weer naar buiten. In de auto wordt afgesproken hoeveel geld we willen en tegen welke koers. We geven het geld en de man loopt weer zijn winkel in. Zou hij nog wel terugkomen? Niet veel later komt hij gelukkig weer naar buiten met in zijn hand een groot pak geld. We checken nog even hoeveel geld we zouden moeten krijgen en tellen wat wij van hem krijgen na. Gelukkig, het klopt. We rijden weer terug naar het hotel. Het is intussen aardig bewolkt en het zal niet lang meer duren voordat de eerste regendruppels gaan vallen. Als we in het hotel terug zijn, pakken we ons boek en gaan bij de open haard zitten. We zitten nog niet goed en wel en de regen komt weer met bakken uit de hemel. De groep Duisters en Oostenrijkers is nog niet terug van hun gorilla-tracking. We zijn eigenlijk wel benieuwd of zij de gorilla’s net zo snel en goed gezien hebben als wij. Tegen 16:00 uur komen ze aan. Compleet doorweekt en chagrijnig van hier tot Tokio.

Ze hebben ruim 2 uur moeten lopen om 3 van de 19 gorilla’s te kunnen zien. Deze 3 waren ook nog moeilijk te zien omdat ze in bosjes zich verscholen hadden. Toen ze weer terug gingen lopen begonnen het te hozen. Echt blij zijn ze dan ook niet. Hun reisbegeleider krijgt dan ook de wind van voren als hij bij het avondeten aanschuift. Volgens deze groep is het allemaal zijn schuld. Toch knap dat je als mens het kan laten regenen en gorilla’s zo ver krijgt dat ze niet te voorschijn komen. Of zouden de gorilla’s een hekel aan Duitsers en Oostenrijkers hebben? Ondertussen roept Ben nog even fijntjes dat je gorilla’s in de dierentuin meestal wel ziet. Zo maak je geen vrienden!!!

Om 17:00 uur gaat Ingrid naar de masseuse. Haar benen zijn toch wel wat stijf van het lopen van gisteren. Een masseuse (Ingrid had liever een masseur gehad, je weet wel zo'n hele grote zwarte!) is dan niet verkeerd. Vanavond onze laatste gezamenlijke maaltijd met Karen en Marco. Morgen gaan zij met Isma naar Lake Mburo en wij met Annette en Nathan (de vervanger van de onvervangbare Isma) naar Rwanda. Ook vanavond krijgen we taart vanwege de verjaardag van Marco. Dit keer heeft Annette het geregeld. Het is een mooie opgemaakte taart. Alle aanwezigen krijgen een stukje. Eigenlijk is de taart iets te klein hiervoor, maar het gaat om het gebaar. Na het eten gaan we naar de bar. Ook Nathan is er en kunnen we met hem kennismaken. Een compleet andere persoonlijkheid dan Isma. We weten ook dat er geen tweede zoals Isma is. Na het eten gaan we nog naar de bar om wat uit te buiken en een afscheidsdrankje te nemen.

 

20 september - Kisoro – Nyungwe Forest National Park (Rwanda)

Na het ontbijt nemen we afscheid van Karen en Marco en natuurlijk ook van Isma. Het zal vreemd zijn zonder hen. Isma gaat met hen mee omdat er over een paar dagen een nieuwe trip voor hem is, waarbij ook de jeep nodig is. De spulletjes die we onderweg gekocht hebben nemen zij voor ons naar Entebbe mee. Dat is wel zo makkelijk, wij hoeven dan de rest van de reis hier niet meer mee te slepen. Voor ons staat een busje klaar. Over een hobbelige weg rijden we naar Cyanika waar we de grens met Rwanda oversteken. Het duurt ongeveer anderhalf uur voor alles geregeld is en wij de grens over mogen. Dat Ingrid geen visum voor Rwanda heeft is geen probleem. De diverse mailtjes die wij bij ons hebben is blijkbaar voldoende bewijs. We hoorden van verschillende mensen dat men aan de grens soms erg moeilijk kan doen. Hierbij gaat het dan vooral om mensen met een Franse en Belgische nationaliteit. Op zich niet zo vreemd als je weet hoe deze nationaliteiten hebben gehandeld ten tijde van de genocide. Het is bijzonder dat, zodra we in Rwanda zijn, er echt mooie asfaltwegen liggen. Voor Nathan is het wel even wennen, want in Rwanda wordt aan de rechterkant van de weg gereden, terwijl dat in Uganda net weer anders is. Het is voor hem ook lastig om auto’s in te halen omdat zijn stuur rechts zit in plaats van links. Qua natuur is er niet veel verschil met Uganda, het is hier echter allemaal net wat beter onderhouden. Je ziet geen rommel langs de kant van de weg en er staan veel nieuwe huizen. Wat ons opvalt, is dat er heel veel gevangenen op het land werken. Hoe we weten dat dit gevangenen zijn? Ze hebben, om ze niet over het hoofd te zien, pakken aan in fel roze, knal geel of hard groen. Als ze klaar zijn met het werk lopen over de openbare weg, onder begeleiding van een bewaker met een geweer, terug naar de gevangenis. Iedereen kan dus zien dat je een gevangene bent. Het merendeel van de gevangene is dader in de genocide geweest.

Ook nu weer rijden we door landbouwgebieden. Bruine stroompjes water lopen door rijstvelden. Het is opvallend hoeveel vijvers er voor het kweken van vis (allemaal tilapia) zijn.

We rijden voor een deel dezelfde weg als die we gereden hebben tijdens onze pilot reis in 2005. We komen langs een prachtig meer, Lake Burera, maar hoe meer we het binnenland in rijden hoe minder groen het wordt. Het blijkt maar een stuk te zijn, want hoe dichter we bij Nyungwe Forest komen hoe groener het wordt. We rijden op de snelweg die naar de grens Burundi/Congo en dwars door het regenwoud gaat. Tientallen vrachtwagens met containers, maar ook UN-vrachtwagens rijden in colonne dezelfde weg. Het is een lange sliert, waardoor het moeilijk is om deze wagens in te halen. Hoe meer we het park in rijden hoe slechter de weg wordt. Het zijn meer gaten dan weg. Op zich ook niet verwonderlijk als al deze vrachtwagens dezelfde weg volgen. Het Nyungwe Forest is een op grote hoogte (bijna 3000m), bergachtig regenwoud in het zuiden van Rwanda en is in 1933 opgericht als een bos reserve. Het bos is gelegen in de Albertine Rift, een reeks van bergketens vanaf de Rwenzori bergen in het westen van Uganda en Congo, en wordt voortgezet in het Lendu Plateau in het oosten van Congo. Het Nationaal park Nyungwe is één van de grootste resterende bergachtige regenwouden in Afrika. Het park heeft op zich weinig te bieden. Onderweg zien we nog een Colobus-aapje. We stoppen even om van het mooie uitzicht te genieten. Het is bewolkt, maar de wolken blijven tussen de bergen hangen waardoor het een prachtig gezicht is. Tegen het einde van de middag stoppen we iets voor Gisakura, een klein dorpje gelegen aan de rand van het bos. Het Conservation Project van het nationale park (ondersteund door de Wildlife Conservation Society (WCS), heeft hier een kantoor en toeristisch centrum, evenals een kantine en gastenkamers. Wij maken van een van deze gastenkamers gebruik. Annette en Nathan rijden verder het dorp in voor een slaapplaats, vanwege het feit dat alle gastenkamers bezet zijn. We zetten onze spullen in de kamer en zoals gewoonlijk gaan we eerst wat drinken in de kantine. Het regent intussen en het is eigenlijk wel fris. In de kantine zijn wij niet de enige. Er zit een Nederlandse militair, samen met zijn Burundese (?) vrouw> Hij verteld werkzaam te zijn in Burundi. Ook zit Dean er samen met JP, een beetje populair te doen. Dean is een Engelsman die voor de BBC werkt. JP is een acteur uit Rwanda. Dean heeft net een film gemaakt over de huidige situatie in Rwanda en JP heeft hem hierbij geholpen. Beiden vinden zichzelf geweldig. Als Annette en Nathan weer terugkomen, drinken we nog wat. Annette en Nathan vertellen dat er een van de UN-vrachtwagens net voor het dorp gekanteld is en dat een jeep (die op de vrachtwagen was gebonden) in de greppel ligt. Het hele dorp is hier voor uitgelopen en de vrachtwagen wordt nu bewaakt. Als je dat niet doet heb je de kans dat de vrachtwagen en jeep compleet gestript is. Om 20:00 uur zijn we klaar met eten, en wat nu? We drinken en lezen nog wat.

 

21 september - Nyungwe Forest

Voor we ontbijten, gaan we even naar de receptie om te kijken wat we vandaag allemaal kunnen doen. In lange wandelingen waarin geklommen moet worden hebben we geen zin. We kiezen voor een tocht door het moeras. Het is 08:00 uur. Volgens de gids zouden we nu moeten vertrekken. Dus niet, want we willen nog even ontbijten. Afgesproken wordt dat we dan om 09:00 uur vertrekken. Als we dit net hebben afgesproken komen Annette en Nathan er aan om samen met ons te ontbijten. Dat komt mooi uit, want we zullen naar plek gebracht moeten worden, waar de wandeling begint. Na het ontbijt trekken we onze door Annette schoongemaakte bergschoenen aan en gaan op pad. We rijden langs theeplantages en Ingrid vraagt of wij misschien ook de theefabriek zouden mogen bezoeken. We besluiten dit op de terug weg te doen. Het is best nog wel een stukje rijden voor we aan de wandeling kunnen beginnen. We moeten weer eens een stukje dalen voor we in het moeras zijn. Het is echt mooi hier. Helaas zien we weinig dieren. Wel wat vlindertjes, maar weinig vogels en al helemaal geen apen. Maakt niet zoveel uit, de omgeving is prachtig. In de verte zien we ons busje staan en zwaaien naar Annette in de hoop dat ze ons ziet. Na twee uur gelopen te hebben komen we weer bij de auto. Annette heeft ons dus niet zien zwaaien. We rijden naar de theefabriek in de hoop dat we deze mogen bezoeken. Bij de ingang van de fabriek staat een auto met twee gewapende mannen erbij. Het zich er angstig uit. Het blijkt de auto van de baas te zijn. Zou de baas een zodanige angsthaas zijn dat hij niet alleen durft te rijden?

Hij zal zijn redenen hebben. De gids gaat vragen of we een bezoek mogen brengen. Helaas, het mag niet. De reden? Het is vandaag maandag dus moet er na twee dagen rust weer hard gewerkt worden en wij zouden alleen maar een vertragende factor hierin zijn. Nou, dan niet. Tegen 13:00 uur zijn we weer in het hotel. Annette en Nathan zetten ons af. We spreken met elkaar af dat we na de lunch worden opgehaald om naar het dorp te rijden. Misschien dat we hier wat kunnen rondlopen en naar het uitzichtpunt kunnen wandelen. We trekken even wat anders aan voor we gaan lunchen. Als we net met de lunch klaar zijn komt Annette ons ophalen. Voor de zekerheid hebben we ook onze regenjacks maar meegenomen. De lucht ziet er wat dreigend uit. Op een soort van pleintje stappen we uit en beginnen het dorp in te lopen. We hebben bij wijze van spreken nog geen twee stappen gezet of het begint al te regenen. We schuilen onder een afdakje. Helaas helpt het afdakje niet meer omdat de wind is gaan draaien. Wij zoeken een andere plek. Annette blijft nog even staan. De bewoner van het huis waar Annette aan het schuilen is komt eraan. Zij heeft geluk, ze mag in huis schuilen. Na ongeveer een half uur zo gestaan te hebben wordt de regen iets minder. We besluiten om snel naar de auto te lopen. Hierbij moet je nog voorzichtig zijn, want de straten van zand en klei zijn door de regen spek glad geworden. Als ook Annette in de auto is proberen we naar het uitzichtpunt te rijden. Het heeft echter weinig zin omdat alles bewolkt is en je toch geen goed zicht hebt. We rijden dan ook weer terug naar het hotel. Het is een beetje hangen en wurgen wat het weer betreft. Dan weer wat bewolkt en dan weer wat zonnig. Vest aan, vest uit, naar binnen dan weer naar buiten. Zo brengen we de rest van de middag door. Tegen het einde van de middag zit de werkdag van theeplukkers erop en lopen ze weer terug naar het dorp. Andere bezoekers hebben intussen ook hun intrek in het hotel genomen. Het zijn allemaal mensen die iets in ontwikkelingswerk doen. Het zieltjes-winnen gehalte is hoog. Tegen zevenen gaan we weer eten. Dit keer met z'n tweeën. Nathan en Annette eten in het dorp.

 

22 september - Nyungwe Forest – Rwamagana (Akagera National Park)

Ingrid heeft slecht geslapen. Door de regen van gisteren was haar bed voor een deel nat en dat ligt niet echt lekker. Annette en Nathan zijn er in tussen, dus alle spullen kunnen we meteen in het busje doen. Als ontbijt hebben we alleen wat thee/koffie. Het is de bedoeling dat we in Butare-town gaan ontbijten. Butare (Huye nu) was de grootste en belangrijkste stad in Rwanda tot 1965. Hierna werd Kigali, 135 kilometer naar het noorden, de hoofdstad van het onafhankelijke Rwanda. Huye (Butare) wordt nog steeds beschouwd als het intellectuele en culturele impuls van Rwanda. We rijden dezelfde weg weer terug als we gekomen zijn. Onderweg stoppen we nog even voor een foto van het mooie uitzicht. Het is weer wat bewolkt, maar dat maakt de foto in dit geval mooier. Tegen 08:30 uur zijn we in de Butare en stoppen we voor een hotel waar we het ontbijt gebruiken. Het is weer leuk om wat van de bevolking te zien. Na het ontbijt gaan we naar de supermarkt om wat voor de lunch te kopen. Het zal een lange rit worden, waarbij het lastig is om onderweg te lunchen. Als we de inkopen hebben gedaan, moet er nog getankt worden. Jammer, dan. Diesel uitverkocht. We rijden iets verder door naar het Nationaal Museum van Rwanda. Een splinternieuw gebouw wat volgens ons niet door Afrikanen gebouwd kan zijn. Wat hier te zien is, zijn o.a. diverse gebruiksvoorwerpen, kleding, sieraden. Ook wordt de geschiedenis weergegeven. Niet echt bijzonder maar toch even leuk om gezien te hebben. We zijn hiermee klein uurtje onder de pannen. Als iedereen, Annette en Nathan zijn ook mee, het wel gezien heeft gaan we verder. Iets verder weg is weer een benzinepomp. Kijken of we hier meer geluk hebben. En dat hebben we. De mensen die we zo tegenkomen zijn toch anders dan in Uganda. Hier is men wat argwanender, minder open dan in Uganda. Op zich niet zo vreemd als je je bedenkt wat hier heeft afgespeeld. Maar echt aangenaam is het niet. Ingrid blijft, als ze deze mensen ziet, in haar achterhoofd denken: “Wat hebben zij tijdens de genocide gedaan?”. Als er voldoende getankt is kunnen we weer verder rijden. Via Nyanza en Gitarama rijden we naar Kigali. Het is een lange rit, maar onderweg is genoeg te zien. Tegen 14:00 uur komen we in Kigali aan. Kigali is de hoofdstad van Rwanda en het economische en bestuurlijke centrum van het land. De stad is op enkele heuvels gebouwd. Kigali werd in 1907 tijdens de Duitse kolonisatie door Richard Kandt gesticht. Pas in 1962, tijdens de dekolonisatie, werd Kigali de hoofdstad van Rwanda. Vanaf 7 april 1994 vormde Kigali het toneel van de Rwandese genocide, de moord op ongeveer miljoen Tutsi's en gematigde Hutu's door Hutu-milities (interahamwe) en leden van het Rwandese leger. In Kigali vond ook de strijd tussen het leger, dat door Hutu's gedomineerd werd, en het Front Patriotique Rwandais (FPR, Patriottisch Front van Rwanda), dat overwegend uit Tutsi's bestond. Nathan stopt wanneer hij een bekende in de stad ziet. Deze bekende rijdt voor ons om ons de weg naar het Kigali Memorial Centre te wijzen. Het centrum is een groot gebouw. Eerst gaan we het centrum binnen. Aan de hand van foto’s, filmbeelden, interviews wordt het e.e.a. over de genocide verteld. Het eerste deel gaat alleen over de genocide in Rwanda, maar daarna komt ook o.a. Sebrenica, Duitsland aan de orde. Het is zeer indrukwekkend, vooral de interviews met slachtoffers. Na de vervolging op de Joden werd geroepen “Nooit weer!” maar we doen het elkaar nog steeds aan. Als we alles hebben bekeken, gaan we naar buiten. In de tuin zijn diverse massagraven. We horen dat er nog steeds lijken (althans de botten) worden gevonden. Deze lijken/botten worden dan alsnog in één van de massagraven begraven. Het laat een diepe indruk op ons achter.

Hierna is het nog een uur rijden voor we in het Dereva Hotel in Rwamagana aankomen. Het is een groot complex met verschillende gebouwtjes waar kamers in zijn. Ze hebben ook appartementjes waar je eventueel zelf zou kunnen koken. We krijgen echter een kamer toegewezen. Een ruime kamer met toilet en douche. Het regent weer. Op het overdekte terras bij het restaurant gaan we zitten en nemen een biertje. Althans dat proberen we. Rwanda is van oorsprong Franstalig, maar president Paul Kagame wil dat Engels nu de voertaal wordt. In ons hotel in Nyungwe Forest was dat geen enkel probleem, daar werd goed Engels gesproken. In dit hotel is het echter een drama. Men verstaat en spreekt geen Engels. Met handen en voeten en wijzend op de menukaart kunnen we dan toch een biertje bestellen en wordt het juiste gebracht. Na ongeveer 3 kwartier is het weer droog, maar het zonnetje komt niet meer te voorschijn. Annette echter wel. Als zij er is bestellen we alvast het eten voor plm. 19:00 uur vanavond. Men vindt het in hotels over het algemeen prettig om bijtijds te weten wat de gasten willen eten en om hoe laat. Het is goed toeven hier. Tegen 19:00 uur wordt ons gezegd dat het eten klaar is en kunnen we aan tafel. Annette eet met ons mee. Het eten is heerlijk. Het gaat alleen wel in snel tempo, want tegen 20:00 uur zijn we al klaar. We geven alvast het ontbijt voor morgenochtend door. Omdat we vroeg op moeten willen we niet uitgebreid ontbijten. Het wordt wat brood met een gekookt eitje. Morgen moeten we om 5:30 uur Rwandese (Nederlandse) tijd op. Het is in Rwanda een uur vroeger dan in Uganda,

 

23 september - Akagera National Park

Het is dus vroeg op. Na het niet zo denderend ontbijt vertrekken we dus naar het park. Het is nog behoorlijk donker en ook nog een behoorlijk stuk rijden. Maar uiteindelijk komen we op de plaats van bestemming. Akagera Nationaal Park is gelegen in het oosten van Rwanda. Het park omvat meer dan 2500 vierkante kilometer savanne en ligt ten westen van de Kagera-rivier die de grens met Tanzania vormt. Het park zou een verscheidenheid aan wild moeten hebben en meer dan 500 verschillende soorten vogels. Als we ons melden om het park te bezoeken blijkt dat Annette en Nathan de volle prijs moeten betalen. In Uganda is het zo dat mensen uit Afrika een gereduceerde prijs betalen voor dit soort parken. In Rwanda blijkt dus niet het geval te zijn. Omdat we niet zonder chauffeur het park in kunnen wordt voor Nathan de volle mep betaald. Vreemde constructie trouwens. Je betaalt voor de auto en je betaald voor de chauffeur, alsof je zonder bestuurder met een auto het park in kan! Omdat we willen dat Annette ook met ons meegaat, anders moet ze 4 uur in de middle of nowhere op ons wachten, betalen we voor haar. Na nog een sanitaire stop te hebben gedaan kunnen we aan de gamedrive beginnen. De gids die met ons mee is, doet erg haar best om er nog iets van te maken, maar van de verscheidenheid aan wild hebben wij weinig gezien. Ja, we hebben een impala, waterbok, rietbok, oriby en twee giraffen gezien. O ja, in de verte nog nijlpaarden, topies en buffels. Voor de grote van het park is dat weinig. Als we een uur of 4 gereden hebben komen we weer bij het startpunt. We bedanken de gids en rijden weer terug naar Rwamagana. Hier doen we nog wat boodschappen voor het ontbijt vanmorgen. Annette en Nathan zetten ons bij het hotel af. Zelf gaan ze in het dorp wat eten. Als we in het hotel terugkomen, bestellen we nog wat voor de lunch en bestellen meteen het eten voor vanavond. Het laatste levert echt problemen op. Ingrid wil vooraf kippensoep met gember en als hoofdgerecht vis. Hoe vaak de ober niet is teruggeweest om het nogmaals te vragen en/of te bevestigen, we zijn de tel kwijt geraakt. We zijn benieuwd wat we krijgen.

Als onze lunch op is gaan we naar de kamer om ons wat op te frissen. Een douche blijft toch wel iets lekkers. Helaas heeft het toilet het begeven. Doorspoelen lukt niet meer. Wanneer we weer helemaal fris en fruitig zijn gaan we terug naar de bar en lopen even langs de receptie om het defecte toilet door te geven. Op dit moment is er niemand die het toilet kan maken, maar een loodgieter wordt gebeld, wordt ons verteld. We geven aan dat we op het terras zitten, mocht men de sleutel nodig hebben. Het is zo waar droog maar niet echt zonnig. Maakt niet zoveel uit, we zitten lekker. Biertje, boekje wat wil je nog meer. Niet veel later is de loodgieter er en wordt om onze sleutel gevraagd. Als ik even later na de kamer ga, is inderdaad het toilet gemaakt. Wanneer ik weer naar het terras ga zie ik dat Annette gezellig is aangeschoven. Ze verteld dat zij en Nathan vanavond ergens anders gaan eten. Het eten in het hotel is te duur voor hen. Ze kunnen/willen dit niet van hun dagelijkse vergoeding betalen. De lokale maaltijden zijn goedkoper. Nathan pikt haar op en samen lopen ze het dorp in. Voor ons duurt het ook niet lang meer als de ober zegt dat het eten klaar. Intussen is het licht uitgevallen en slaat de generator aan. We zijn erg benieuwd of wat we besteld hebben ook daadwerkelijk voorgeschoteld krijgen. Ben krijgt zijn bestelde hamburger. Voor Ingrid komt een bord met kip met daarbij gember saus en een bord met vis. De kippensoep met gember is dus niet goed doorgekomen. Als ik de kip met gembersaus terug stuur komt de kok eraan. Er ontstaat een kleine woordenwisseling tussen de ober en de kok. Wie heeft hier nu schuld aan? Ingrid begint alvast aan haar vis. Als deze bijna op is, komt alsnog de kippensoep met gember. De soep smaakt echter meer naar gember dan naar kip. Maar dat mag de pret niet drukken. Wij eten rustig verder, onder het genot van het romantische geluid van de generator. De ober komt nog een keer terug met het briefje waarop hij onze orders heeft genoteerd. Het staat er echt, kippensoep met gember. Het ligt dus echt niet aan hem, maar aan die stomme kok die hem maar niet wil begrijpen. Snap dat dan!

 

24 september - Rwamagana – Lake Mburo (Uganda)

Weer vroeg op 5:00 uur. We ontbijten niet in het hotel en vertrekken dan ook direct als we onze spullen de bus hebben ingeladen. We rijden voor een deel dezelfde weg als toen we gisteren naar het park reden. Daar waar we rechtsaf richting park reden gaan we nu links af en rijden langs het park. Opvallend langs deze weg is aantal gebouwen van Jehova’s Getuigen. Ze doen het hier goed. Wat ook opvalt, zijn de rode kruizen op sommige huizen ten teken dat deze huizen gesloopt moeten worden. Het zijn behoorlijk wat huizen waar deze tekens op staan. Sommige terecht, bij anderen vraag je je af waarom. Misschien omdat ze te dicht bij de weg staan? Het is niet alleen dat we veel van deze huizen zien. We zien ook dat er naast deze huizen ook veel kindertjes rondlopen. Nu is het zo dat er in Afrika veel tantes, oma's, zussen, etc. andere kinderen van familieleden opvoeden, maar ondanks dat zijn het er behoorlijk veel. Dat vond de regering van Rwanda dus ook. Er is nu dus door de regering bepaald dat ieder gezin max. 3 kinderen mag. Worden dat er meer dan 3 dan wordt de vader gearresteerd. Misschien zou sterilisatie een optie zijn? Aan Annette vraagt Ingrid hoe dit in Uganda geregeld is. In Uganda geldt deze regel dus niet en is anticonceptie gratis. Wat ook opvalt is dat veel berijders van bodaboda's (brommertaxi) je met een helm ziet rijden. In Rwanda is men verplicht een helm te dragen. Dit geldt voor zowel de berijder als de passagier. Veel passagiers doen dat niet omdat je steeds een helm draagt die ook door anderen gedragen is. Niet echt fris. Dat vinden de passagiers dus ook. Ook hier rijden we weer door een landbouwgebied. De bananenplantages komen ook hier veel voor, ook al zijn de vruchten geen echte bananen, maar bestemd voor Matoke. Bij Katigumba gaan we grens over naar Uganda. Het gaat dit keer heel wat sneller dan op de heenweg. Wat alleen wel opvalt, is dat wij bij de grens weer voor een visum betalen. Klinkt logisch. Wat alleen niet logisch is, is het feit dat je geen bonnetje of iets krijgt waardoor blijkt dat je voor je visum betaald hebt. Ja, oké je hebt een stempel. Er werd ons dan ook gezegd dat nadat we geld hebben neergelegd en een stempel hebben gekregen, dat we wel konden gaan. Nou dan gaan we maar. We lopen naar de Oegandese grens. Bij de Oegandese grens staan verschillende verkopers Matoke en satéverkopers. Bij het langslopen van deze verkopers heeft Annette haar blik al geworpen op de verschillende trossen Matoke. Nathan is nog even bij de grens bezig om het busje ook over de grens te krijgen. Zou niet gek zijn als dat lukt. In de tussentijd drinken we wat op een terrasje. Als we ons drankje op hebben gaat Annette naar de Matoke-verkopers om haar slag te slaan. Het blijkt nog een heel gedoe te zijn. Ingrid als leek, denk dat al die trossen op elkaar lijken, maar niets is minder waar. Bij de ene tros zitten er teveel beurse plekken op, bij de andere vlekken wat betekent dat er een ziekte in zit. Uiteindelijk heeft ze dan toch 3 trossen gekocht. 1 Voor zichzelf, 1 voor haar zus en 1 voor iemand waar ze geld van geleend heeft. Als ook Nathan zich bij ons gevoegd heeft worden de trossen Matoke ingeladen en gaan we op een hobbelige zandweg ons reis voortzetten.

Ja, we zijn weer in Uganda en dus weinig asfaltwegen. Onderweg wordt er nog tomaten door Nathan gekocht en boter door Annette. Via Mpoma, Ngugo en Biti komen we in Mbarara aan. Mbarara is een grote universiteitsstad gelegen in het westen van Uganda. Weinig bezoekers stoppen in de plaats van het Koninkrijk der Ankole mensen. Bij een rotonde midden in de stad staat een standbeeld van een lange Ankole gehoornde koe. Mbarara is een belangrijk kruispunt waar de weg zich splitst om naar Kabale (zuid-west) of Kasese (noordwesten) te gaan. Het is tevens de stad waar de huidige president vandaan komt. We lunchen in het Agip-motel, Arcadia Cottage. Als we lekker aan het eten zijn komen er twee mannen lopend met een fiets langs. Onder de snelbinders van de bagagedrager een aantal levende kippen die zij proberen te verkopen. Helaas mag ik geen foto van hen maken. Als we net klaar met de lunch en hebben afgerekend komt Nathan met de mededeling dat er een band lek is. Vervelend voor hem, maar wij nemen nog wat te drinken. Als we halverwege het drankje zijn, komt Nathan met de bus voorrijden. Bleek geen lekke, maar een zachte band te zijn. Gelukkig voor hem. We klokken ons drankje snel naar binnen, stappen de bus in en rijden verder.

Iets buiten de stad komen we langs de de koffieshop van Kale Bas. De Nederlander die we eerst in Travellers Rest hebben ontmoet, daarna de plek `KaleBas`in Lake Buyoni heeft gerund en nu dan in Mbarara is gevestigd. Helaas is hijzelf er niet. Het zou leuk zijn geweest als wij hem weer eens hadden ontmoet. We volgen de weg naar Masaka om bij Lake Mburo te komen. Lake Mburo is de beste plek in het land waar de gigantische eland antilope te zien zijn, evenals zebra, topi's, impala's, en diverse acacia-geassocieerde vogels. De vijf meren in het park trekken nijlpaarden, krokodillen en een verscheidenheid aan watervogels aan, terwijl aan de randen van de moerassen geheimzinnig papyrus specialisten zich verbergen, zoals de Sitatoenga antilope en rood, zwart en geel papyrus gonalek. Al gamedrivend komen we bij de de plek aan waar we overnachten. Mantana Tented Camp is eenvoudig (twee bedden) en in een apart gebouwtje dat iets verder gelegen is zijn twee douches en toiletten. Op de vraag of we willen douchen, zeggen we dat we dat graag na de gamedrive willen doen. Hij zal zorgen dat we dan warm water hebben. We zetten onze spullen in de tent en gaan vervolgens naar de campsite waar we vorige keer overnacht hebben. Het restaurant staat er nog steeds. Ook de wrattenzwijnen lopen er nog steeds rond. We gaan even lekker met een biertje in het restaurant zitten met uitzicht over het meer. Het is heerlijk weer. Ingrid zoekt dan ook een lekker plekje in de zon. Om 16:00 uur hebben we met Andrew, de gids, afgesproken. Hij zal ons tijdens de gamedrive begeleiden. Het leuke van dit park is, dat je tijdens deze gamedrive ook af en toe uit de auto mag om tussen het wild te lopen. Andrew heeft natuurlijk wel een geweer bij zich. De vorige keer dat wij in dit park waren was het een wat troosteloos gebeuren. Het merendeel van het park was afgebrand. Nu is daar echter helemaal niets van te zien. In de verte zien we elanden. Ze zijn prachtig. We stappen uit het uitkijkpostovermoeras.jpgbusje en proberen te voet dichter bij te komen. Helaas lukt dat niet echt. De elanden zijn behoorlijk schuw. We krijgen ze dan ook niet goed op de foto. Nu is dat ook niet het belangrijkste. Het is belangrijker dat we ze gezien hebben. Naast de zebra´s, buffels en wrattenzwijnen zien we verder niet veel bijzonders. Als we terugkomen, gaan we eerst gebruikmaken van de beloofde warme douche. We zijn de enige die van het gebouwtje gebruikmaken, dus we kunnen lekker uitgebreid douchen zonder dat er iemand op ons wacht. Niemand die op ons wacht? Annette en Nathan wachten bij ons bij het kampvuur, ondanks dat het vuur nog niet is aangestoken. Als we uitgedouched zijn gaan we met elkaar naar een restaurant Acacia dat iets verder van het meer gelegen is. Ook hier hebben we, voor we de gamedrive deden, aangegeven wat we wilde weten en hoe laat. We zijn de enige in het restaurant. Ook hier meer personeel dan gasten. Het is eten weer heerlijk. Als we klaar zijn brengen Nathan en Annette ons weer terug naar de tent. Met de meegenomen biertjes gaan we met z´n tweeën in de middle of nowhere nog even bij het nu echt brandende kampvuur zitten.

 

25 september - Lake Mburo - Entebbe

We staan vroeg op voor een ochtendwandeling. Andrew is weer onze gids. Nadat Annette ons uitgezwaaid heeft rijden we met Nathan en Andrew eerst een stuk met de bus voor we met de wandeling beginnen. We lopen langs een aantal holen die eerst bewoond waren door hyena´s maar nu door wrattenzwijnen zijn gekraakt. Als we langslopen, schieten er net een paar wrattenzwijnen uit de holen. Een grappig gezicht met die staartjes als antennes omhoog. Ook nu weer zien we in de verte de elanden. Ze zijn echt schuw. We kunnen niet veel dichterbij komen, zonder dat ze weglopen. We maken een mooie wandeling, ook langs het moeras. Helaas geen sitatunga gezien. Wel wat vervet monkeys in hoge cactussen. Wat leuk was om te zien was een opengemaakt termietenheuvel. Je ziet wel veel termietenheuvels, maar we hadden nog nooit in het echt gezien hoe die er van binnen uitzien. Leuk! Het was een leuke, ontspannen wandeling en ondanks dat we weinig gezien hebben wist Andrew veel over de omgeving te vertellen. Tegen 11:00 uur zijn we weer op het camp terug. We halen onze spullen uit de tent, zetten deze in de bus en rijden vervolgens weer naar het restaurant `Acacia`waar we gisteravond hebben gegeten. We trakteren Annette en Nathan op een ontbijt, het is tenslotte de laatste keer dat we met elkaar eten. Na het ontbijt, eigenlijk brunch, rijden we naar ons einddoel: Airport Guesthouse Entebbe. Via Lyantonde en Lwensinga  komen we bij Masaka aan. Masaka is een stad in het zuiden van Uganda nabij het Victoriameer en het Nugabomeer en gelegen aan de weg van Kampala (128 km NO) naar Mbarara en Rwanda. Het vormt de hoofdplaats van het gelijknamige district Masaka. De stad heeft een gemengd christelijke en islamitische bevolking. Sinds 1953 vormt het de zetel van het gelijknamige katholieke bisdom Masaka. Lange tijd vormde Masaka de tweede stad van Uganda, maar later werd ze ingehaald door andere steden. In 1979 werd de stad zwaar verwoest door Tanzaniaanse troepen in hun strijd om Idi Amin te verdrijven in de Ugandees-Tanzaniaanse Oorlog, wat nog steeds duidelijk op verschillende plekken in het straatbeeld terug te zien valt. We stoppen niet, maar raden door deze aardige stad verder naar Entebbe. Onderweg stoppen we wel bij Aid child's Equation Café om een klein hapje te eten. Het is een leuk zaakje waar we eten. Je kunt hier ook allerlei handgemaakte spulletje kopen die ten goede komen van weeskinderen. We kopen hier twee kussenslopen van boomhars. In het verleden hebben we van dit materiaal ook al eens een hoed gekocht. Waar we stoppen is niet echt een dorp, maar alleen een rij souvenirwinkeltjes. Ja, je stopt tenslotte bij de evenaar, dus souvenirs. Als we verder rijden komen we in een gebied waar veel trommels gemaakt worden. Vellen leer zijn op de grond gespannen om te drogen. Het zijn brede trommels die zowel aan de onder- als aan de bovenkant bekleed zijn met koeien- of geitenvel. Graag zouden we zo een trommel in huis willen hebben. Maar ja, wordt moeilijk meenemen en om het op te laten sturen zien we eigenlijk niet zoveel in. Geen trommel dus. We nemen niet de snelweg naar Entebbe, maar steken een stuk af. We verlaten dan ook de asfaltweg en komen weer op de bekende zandweg terecht. We rijden langs huisjes, waar de armoede vanaf te zien is. We komen een aantal jagers tegen met grote netten op hun rug. Een vangst is niet te zien. Ook rijden we langs de school waar een van de dochters van Nathan op zit. Ingrid moet wel zeggen dat ze al die hobbelwegen wel een beetje zat is en het niet erg vind om in Entebbe te zijn. Uiteindelijk komen we toch weer op de asfaltweg van Kampala naar Entebbe. Tegen 16:00 uur zijn we in het Guesthouse waar we door Paul worden verwelkomd. Het voelt als thuis. Ook Teddy en Francis komen ons verwelkomen. Het is aardig vol in het Guesthouse. In de komende dagen komen we er achter dat het Halleluja-gehalte bijzonder hoog is. We krijgen dezelfde kamer als bij aankomst. Ook nu weer zetten we onze spullen er neer en nemen eerst een heerlijk koel biertje. Voor we ook mar iets anders gaan doen. In de tussentijd nemen we afscheid van Nathan. Nee, nog niet van Annette. Met Annette hebben we afgesproken dat we zondag 27 september bij haar thuiskomen. We geven haar nu wel alvast de kleding mee die we vanuit Nederland hebben meegekregen. Intussen begint het al wat donker te worden (plm. 18:00 uur) en staat onze tafel klaar om de maaltijd te gebruiken. We kunnen kiezen uit vis of kip. Dit zal de komende dagen zo blijven. Het is een heerlijk idee dat we nog een paar dagen hier zijn. We plannen niets en laten de dagen komen, zoals ze komen.

 

26 september – 1 oktober - Entebbe.

Deze dagen brengen we lui door.

 

Op de 26e zijn we alleen even naar het centrum Entebbe gelopen. In de loop van de ochtend worden we door Bart gebeld en nodigt hij ons uit om een dezer dagen weer bij hem en Virigo te komen eten. Altijd gezellig.

 

Op de 27e naar Annette. We zouden tegen 12:00 uur daar zijn, maar de reisduur was toch wat langer dan we gedacht hadden. Eerst met de matatu naar het busstation van Kampala. Vervolgens worden we door iemand meegenomen naar een taxistandplaats. En met de taxi komen we dan eindelijk in Seeta aan, wat nog bij het district Kampala behoort. Vanuit een kiosk bellen we Annette dat we bij de benzinepomp op haar wachten. Door Annette, haar zoontje Antonio en nichtje Betty werden we opgehaald en naar haar huis begeleid. Een mooi groot huis. Drie slaapkamers, garage (waar je never nooit met een auto in kan, Niet allen vanwege de betonnen muur om het huis, maar er is eigenlijk geen weg naar toe), keuken met gootsteen (koken wordt op een houtskool vuurtje buiten gedaan of in een nis in de keuken). Buiten is de douche en toilet (gat in de vloer zonder doorspoelmogelijkheid. Voor vrouwen die dit niet gewend zijn is het richten moeilijk). We hebben voor Antonio een lego-auto meegenomen. De bijgeleverde tekening is behoorlijk ingewikkeld, dus voor we het weten zijn we aan het lego-en. Annette had voor de lunch op ons gerekend, dus wij krijgen soep en eten dat met z'n tweeën. In de tussentijd gaan alle dames (Margreth, Betty en Annette) zich verder bezig houden met de lunch. Antonio is samen met Sandra de kleding aan het passen die wij vanuit Nederland hebben meegenomen. Vol trots laat Antonio alles zien. Als onze soep op is, krijgen we een heerlijk geroosterde sandwich met tonijnsalade. Ook Annette en de anderen komen erbij. Zij rollen een matje uit en gaan daarop zittend hun maaltijd eten. Zo te zien Matoke met wat groente. Zelfs de Nile-biertjes heeft zij voor ons in huis gehaald. Het is supergezellig. De laptop die Annette van Marco en Karen heeft gekregen wordt tevoorschijn gehaald en er wordt geoefend. Wij geven haar nog wat tips en trucs wat weer netjes in haar schriftje wordt geschreven. Tegen 5-en moeten we helaas weer terug. Het is toch weer 2 uur terugrijden naar Entebbe en we hebben afgesproken daar te eten. Met Betty raden wij met de matatu mee tot Kampala-busstation. Hierna stappen we over op de bus naar Entebbe.

 

Op de 28e (nadat Bart weer gebeld heeft om voor morgenmiddag af te spreken) gaan we 's-morgens met de matatu naar Kampala. De matatu zit niet altijd vol dus wordt er vaak gewacht op eventuele klanten die mee willen rijden. Consequentie; een hoop tijd verlies voor we in Kampala zijn. Het is weer chaotisch in de stad. Het busje stond dan ook ergens voor het busstation omdat alles helemaal vast zit. Ondanks dat het alweer een paar jaar terug is dat we hier geweest zijn, weten we toch nog aardig de weg. Ingrid moet ontzettend nodig naar het toilet, dus we gaan eerst naar Steers aan Kampala Road. Een soort van McDonald. Hierna lopen we nog even de boekwinkel Aristoc, tegenover Steers, binnen. Altijd leuk om een boekwinkel in te gaan. We komen dan ook niet zonder boek eruit. Een mooi boek van de fotograag Steve Bloom is het geworden. Het is het enige exemplaar dat zij hebben, dus meteen maar meegenomen. Hierna lopen we naar de craftmarket aan de Buganda Road. Het is een bijzonder toeristisch gebeuren, maar wel leuk om even langs de winkeltjes te lopen. Ingrid koopt er nog een armbandje voor € 0,90. Ook wordt er nog een pijp gekocht. Voor de lunch lopen we naar het Speke-hotel (http://www.spekehotel.com/index.htm). Het blijft een leuk hotel waar genoeg te zien is. Na een hapje en drankje lopen we weer op ons gemak naar het busstation. Het is even zoeken welke matatu we nodig hebben. Maar ondanks de chaos is er toch een zekere structuur te bekennen. Als de matatu vol is (want zo werkt dat) gaan we rijden. Tegen het eind van de middag zijn we weer in Entebbe. Even lekker bijkomen, van de drukte en stank van Kampala, voor we aan de maaltijd beginnen.

 

Op de 29e doen we weer ons loopje naar het centrum Entebbe. Nog even kijken of e-mail is. Verder lezen en keuvelen er wat. 's-Middags tegen 15:00 uur brengt Faroek ons weer naar Bart. Hij heeft ons gevraagd om de fototoestellen mee te nemen zodat hij wellicht foto's voor zijn nieuwe brochure kan gebruiken. Helaas lukt dat bij hem niet. Verkeerde snoertjes, defecte kaartlezer. Tegen 16:00 uur gaan we met Bart zijn oudste zoon van scholen halen. Hij zit op een internationale school die er, zo van de buitenkant, geweldig uitziet. Sporthal, tennisbanen. Zeker niet verkeerd. Het is erg gezellig bij Bart en Virigo. We spreken de reis door en geven wat suggesties. Ook over Annette zijn we aan het praten en doen een goed woordje voor haar. Tegen 19:00 uur nemen we weer, met pijn in ons hart, afscheid van hen. De eerstkomende keer dat we Bart weer zullen zien is in januari 2010.

 

Op de 30e hebben we afgesproken om naar de Mabamba-swamp te gaan. We vertrekken om 09:00 uur. Het is nog een behoorlijk stuk rijden. Eindelijk komen we op de plek waar Faroek met de gids heeft afgesproken. Het blijkt echter dat we nog steeds niet op de plaats van bestemming zijn. De weg komt redelijk bekend voor. Het blijkt de weg te zijn die wij hebben gereden toen we vanuit Lake Mburo vertrokken. Intussen is het 12:00 uur als we dan eindelijk in Kamengo stoppen. De weg eindigt inderdaad in een moeras. Het is alleen niet het Mabamba-moeras waar wij naar toe wilde gaan. Volgens de gids is dat moeras tegenwoordig verboden. Het zou te dicht bij het vliegveld liggen? Er ligt een houten boot klaar waar wij, 2 bootsmannen, Faroek en de gids instappen. We varen tussen de bekende papyrusstruiken. Er is niet echt veel te zien, maar als we wat verder het moeras in gaan zal dat vast wel anders worden, toch? Helaas. We gaan niet verder het moeras in, maar varen eigenlijk op Lake Victoria en dan nog zover van de over dat je dus net niets ziet. We zien wel wat pelikanen en een zwerm vogels, maar het is zeker niet van wat we er van verwacht hadden. We zeggen dan ook tegen de gids dat we terug willen. We moeten nog anderhalve uur terug varen. Uiteindelijk zijn we tegen vier uur terug en zwaar teleurgesteld. Als we hadden geweten dat we naar dit moeras zouden gaan, dan hadden we afgezegd.

 

Op 1 oktober gaan we weer even naar Entebbe lopen. Als we weer terug zijn gaan we de boel inpakken, want vandaag is het de laatste dag. Vanavond vertrekken we weer naar Nederland. Gelukkig mogen we vandaag nog van de kamer gebruikmaken. Het is nog een gedoe om alles een plekje in de rugzak te geven. Met drie maskers en een houten tas is dat eigenlijk wel lastig. Maar gelukkig past alles. Het scheelt ook dat we zelf nog wat kleding achterlaten waardoor we weer wat meer ruimte hebben. We kijken of we de foto's voor Bart op de laptop van Paul kunnen krijgen. Het is even een gepuzzel maar het lukt. In de loop van de middag komt Annette met Antonio langs. We hebben afgesproken om met elkaar naar de dierentuin te gaan. Voor de kleine jongen ook wel leuk. Faroek kan ons gelukkig brengen en spreken we af dat hij ons tegen 18:00 uur weer komt ophalen. Als we nog niet goed en wel in de tuin lopen worden we bijna aangevallen door vervet monkies. Ze hebben het voorzien op de lolly die Antonio nog in zijn mond heeft. Snel weten we lolly weg te werken en de apen nemen weer wat afstand. Als Antonio de speeltuin ziet wil hij eigenlijk meteen daar naartoe. We kunnen hem nog even verleiden om naar de chimpansees te gaan. Niet veel later gaan we naar het restaurant, waar we wat drinken en Antonio in de speeltuin kan spelen. Voor we het weten is het alweer 18:00 uur en moeten we naar de uitgang om Faroek op te vangen. Hij is er nog niet, dus we beginnen alvast te lopen. We zijn nog geen 5 minuten aan het lopen of Faroek komt er al aan. Na het eten wordt het nog even snel douchen en omkleden voor we naar het vliegveld gebracht worden. Annette en Antonio gaan met ons mee. Gelukkig heeft Annette iemand die haar weer naar huis brengt, anders zou ze nog uren onder weg zijn en met een vierjarig knulletje is dat niet makkelijk zo 's-avonds laat. Op het vliegveld nemen we met een brok in ons keel afscheid van Annette. Het is weer voorbij.

 

Op 2 oktober landen we weer in Brussel. Zoals iedere nachtvlucht was het ook dit weer een ramp. We komen dan ook gebroken aan. De bagage hebben we snel en ook op de trein hoeven niet lang te wachten. In Brussel-midi moeten we in de juiste trein stappen die ons naar onze woonplaats brengt. Om 09:00 uur zijn we dan weer thuis. Aan de ene kant ook weer lekker, maar Uganda blijft ook heerlijk. Zeker als je op een fantastisch mooie reis kan terugkijken.